“Ik ben nog nooit zo moe geweest”, perste Dries Borstlap over zijn lippen in de aflevering van gisteren. De ‘Kamp-Waes’-revelatie was een hele nacht misselijk geweest nadat hij anderhalve kilometer in de Noordzee had gezwommen, geen minuut had geslapen en met natte kleren door de bossen rond Elsenborn moest marcheren. Een momentje klagen is hem vergeven, maar het was wel de allereerste krimp van de man die als een superheld door het programma vliegt. Hij liep de Bergham Run in een recordtijd en finishte een oriëntatieloop van 50 kilometer uren voor op schema.
Bewondering van het hele land – de Special Forces-operators incluis -, maar voor Dries het resultaat van een nauwkeurige voorbereiding. “Ongeveer vier maanden voor de opnames begon ik een rugzak te dragen tijdens het lopen”, geeft Dries als voorbeeld. “Aanvankelijk begon ik met één van tien kilogram, maar uiteindelijk heb ik gewoon zoveel mogelijk gewicht toegevoegd tot mijn rugzak bijna zou scheuren. Zo’n dertig kilogram.”
Smoske met ei
Maar dat hij zo goed scoort, ligt toch vooral aan z’n hypergedisciplineerde levensstijl. Aan zijn voorbereidingen zal het alleszins niet liggen. “Om me voor te bereiden op ‘Kamp Waes’ heb ik eigenlijk niet veel aan mijn sportroutine gewijzigd. Ik ben al vijf jaar actief in survivalrunnen en loop dagelijks”, legt Dries uit.
Toch realiseert hij zich ook heel goed dat zijn buitengewone conditie het resultaat is van zijn jarenlange toewijding aan een intensieve sportroutine. “Ik sport echt elke dag”, legt hij daarbij uit. “Gewoonlijk ga ik drie tot vier keer per week naar de survivalrunclub, waar ik meestal afstanden van 5 tot 10 kilometer afleg en vooral heel veel klim. Op de dagen dat ik niet naar de club ga, loop ik meestal een ronde van 13 tot 15 kilometer, en op zondag kan dat oplopen tot 20 tot 25 kilometer.”
Een voorbeeld van een week sporten voor Dries
Maandag: survivalrun (obstakels, klimmen, kaartlezen…)
Dinsdag: intervalloop van ongeveer 10 kilometer
Woensdag: survivalrun (obstakels, klimmen, kaartlezen…)
Donderdag: intervalloop van 13-15 kilometer
Vrijdag: survivalrun (obstakels, klimmen, kaartlezen…)
Zaterdag: Zwemmen, stretchen of oefeningen om blessures te vermijden
Zondag: lange duurloop van 20-25 kilometer
“Is dat sporten dan een verslaving? Absoluut. Ik haal enorm veel voldoening uit een gezonde en fitte levensstijl. Ik streef er altijd naar om op mijn best te zijn, ongeacht het moment van de dag. Als ik bijvoorbeeld een lekke band krijg tijdens het fietsen, zal ik zonder aarzelen twintig kilometer naar huis lopen. Dit geeft me simpelweg veel zelfvertrouwen”, vertelt hij. “Maar daarnaast vind ik het ook gewoon leuk om mijn grenzen te verleggen. Ik ben constant bezig met het idee dat ‘het altijd erger kan’. Ik ben dan ook heel rationeel ingesteld, ik kan alles heel goed in perspectief plaatsen.”
In ‘Kamp Waes’ wordt Dries dan ook gezien als onfeilbaar, maar toch heeft hij al eens zijn grenzen bereikt. Al moest hij zelf ook even nadenken voordat hij op die vraag kon antwoorden. “Hmm, ik geloof dat het één keer is gebeurd. Ik had als doel om een marathon te lopen in minder dan drie uur, maar na 40 kilometer kon ik niet meer op mijn benen staan en moest ik stoppen.” Maar ook dat relativeert hij alweer snel. “Ik zal dat binnenkort gewoon opnieuw proberen”, voegt hij eraan toe.
Geen dieet
Zijn ultragezonde levensstijl op het gebied van sporten gaat niet per se gepaard met een specifiek dieet, legt Dries uit. “Juist omdat ik zoveel sport, heb ik de vrijheid om alles te eten. Maar ik ben ook altijd redelijk gezond opgevoed thuis, dus het is niet zo dat ik elke dag frieten eet. Wat ik eet, varieert dan ook van dag tot dag. Vaak eet ik ‘s avonds wel pasta en grijp ik naar fruit, maar ik kan net zo goed genieten van een pak friet of een Twix. Meteen na ‘Kamp Waes’ heb ik bijvoorbeeld een smoske met ei gegeten”, blikt Dries terug. “Dat heeft toen echt gesmaakt, en ‘s avonds heb ik nog een steak met frieten gegeten.”
Dit is wat Dries eet op een dag:
Ontbijt
– Cornflakes of muesli met melk of met yoghurt
– Op dagen met weinig tijd: een maaltijdshake met koffiesmaak
Lunch
– Boterhammen, pannenkoeken en drie mueslirepen
– Op dagen met weinig tijd: opnieuw een maaltijdshake met koffiesmaak
Snacks
– Mueslirepen
– Fruit
– Koekjes, Twix
– Na het sporten: eiwitshake of kwark
Avondeten
– Meestal pasta met diverse sauzen
– Favoriet: pasta met broccoli, kip en crème fraîche
Drinken
– Altijd water, zelden frisdrank en zelden alcohol
Strakke planning
En dan moet er ook nog geblokt worden, want Dries combineert zijn passie voor sport met zijn studies Robotica en Ruimtevaart in Delft. “Ik ben behoorlijk aan het studeren, ja. Tijdens examenperiodes breng ik wel zo’n 12 uur per dag door met mijn neus in de boeken. Mijn grote droom is dan ook om naar de ruimte te reizen.” En als hij niet aan het studeren is, is hij aan het werk als teaching assistant. Dries’ dagen zijn altijd tot de nok toe gevuld. Zo druk dat hij zelfs afspraken met zijn vriendin of vrienden in zijn agenda moet plannen. “Ik slaap hoogstens acht uur per nacht. Het is dan ook al meer dan twee jaar geleden dat ik eens heb uitgeslapen”, voegt hij eraan toe. Of Dries dan nooit verlangt naar een dagje relaxen? Het antwoord is duidelijk nee. “Ik vind mijn ontspanning in het sporten”, legt hij uit. “Soms voel ik me wel vermoeid, maar ik weet dat dat gevoel weer verdwijnt. Ik zou het zonde vinden om gewoon in de zetel te gaan liggen.”
Wij hebben al veel langer dan 2 jaar slaapdeprivatie dankzij lieve kindjes. Een marteling waar we niet meer tegen kunnen vechten. I can’t get no sleep. insomnia.
Nu slapen ze, straks worden we weer gewekt meerdere keren per nacht. Morgenvroeg moeten we er weer op tijd uit, en ze vooral gereed krijgen voor school, waar ze absoluut geen zin in hebben, en ze zullen ons mollen, saboteren en tegenwerken. 3 keer kleren verwisselen, niet eten maar wel knoeien met het eten.
toch lukt het ons bijna elke keer, maar dan moeten wij nog beginnen, de trein halen, ondertussen file dankzij de wegenwerken. Uiteindelijk komen we er wel
‘s avonds is het een dilemma, eerst thuiskomen en de opvang betalen, of ze toch maar oppikken. 1 valt dan wel in slaap de andere heeft honger, wil andere kleren aandoen, benadrukt ons erop dat ze huiswerk moet maken, dat zullen we snel even samen bekijken, ondertussen best aan het avondeten beginnen, en tegelijkertijd bokes voor school maken, maar ook die andere wakker maken, anders wordt dat een bridezilla. oh pech het is al zo ver. boekentassen klaar, en al 3 verschillende maaltijden, eindelijk eten ze wat, maar ze al 10 keer van tafel gegaan om nog iets te nemen. en nu zijn ze wild in het rond aan het lopen.
Taken verdelen: Ik ruim op, jij doet ze de pyjama’s aan, en de tanden poetsen. Na veel wild gedoe zijn we klaar.
nog even met hen samen naar bed, verhaaltje lezen, en zelf vooral niet in slaap vallen.
2 comments
“Ik ben nog nooit zo moe geweest”, perste Dries Borstlap over zijn lippen in de aflevering van gisteren. De ‘Kamp-Waes’-revelatie was een hele nacht misselijk geweest nadat hij anderhalve kilometer in de Noordzee had gezwommen, geen minuut had geslapen en met natte kleren door de bossen rond Elsenborn moest marcheren. Een momentje klagen is hem vergeven, maar het was wel de allereerste krimp van de man die als een superheld door het programma vliegt. Hij liep de Bergham Run in een recordtijd en finishte een oriëntatieloop van 50 kilometer uren voor op schema.
Bewondering van het hele land – de Special Forces-operators incluis -, maar voor Dries het resultaat van een nauwkeurige voorbereiding. “Ongeveer vier maanden voor de opnames begon ik een rugzak te dragen tijdens het lopen”, geeft Dries als voorbeeld. “Aanvankelijk begon ik met één van tien kilogram, maar uiteindelijk heb ik gewoon zoveel mogelijk gewicht toegevoegd tot mijn rugzak bijna zou scheuren. Zo’n dertig kilogram.”
Smoske met ei
Maar dat hij zo goed scoort, ligt toch vooral aan z’n hypergedisciplineerde levensstijl. Aan zijn voorbereidingen zal het alleszins niet liggen. “Om me voor te bereiden op ‘Kamp Waes’ heb ik eigenlijk niet veel aan mijn sportroutine gewijzigd. Ik ben al vijf jaar actief in survivalrunnen en loop dagelijks”, legt Dries uit.
Toch realiseert hij zich ook heel goed dat zijn buitengewone conditie het resultaat is van zijn jarenlange toewijding aan een intensieve sportroutine. “Ik sport echt elke dag”, legt hij daarbij uit. “Gewoonlijk ga ik drie tot vier keer per week naar de survivalrunclub, waar ik meestal afstanden van 5 tot 10 kilometer afleg en vooral heel veel klim. Op de dagen dat ik niet naar de club ga, loop ik meestal een ronde van 13 tot 15 kilometer, en op zondag kan dat oplopen tot 20 tot 25 kilometer.”
Een voorbeeld van een week sporten voor Dries
Maandag: survivalrun (obstakels, klimmen, kaartlezen…)
Dinsdag: intervalloop van ongeveer 10 kilometer
Woensdag: survivalrun (obstakels, klimmen, kaartlezen…)
Donderdag: intervalloop van 13-15 kilometer
Vrijdag: survivalrun (obstakels, klimmen, kaartlezen…)
Zaterdag: Zwemmen, stretchen of oefeningen om blessures te vermijden
Zondag: lange duurloop van 20-25 kilometer
“Is dat sporten dan een verslaving? Absoluut. Ik haal enorm veel voldoening uit een gezonde en fitte levensstijl. Ik streef er altijd naar om op mijn best te zijn, ongeacht het moment van de dag. Als ik bijvoorbeeld een lekke band krijg tijdens het fietsen, zal ik zonder aarzelen twintig kilometer naar huis lopen. Dit geeft me simpelweg veel zelfvertrouwen”, vertelt hij. “Maar daarnaast vind ik het ook gewoon leuk om mijn grenzen te verleggen. Ik ben constant bezig met het idee dat ‘het altijd erger kan’. Ik ben dan ook heel rationeel ingesteld, ik kan alles heel goed in perspectief plaatsen.”
In ‘Kamp Waes’ wordt Dries dan ook gezien als onfeilbaar, maar toch heeft hij al eens zijn grenzen bereikt. Al moest hij zelf ook even nadenken voordat hij op die vraag kon antwoorden. “Hmm, ik geloof dat het één keer is gebeurd. Ik had als doel om een marathon te lopen in minder dan drie uur, maar na 40 kilometer kon ik niet meer op mijn benen staan en moest ik stoppen.” Maar ook dat relativeert hij alweer snel. “Ik zal dat binnenkort gewoon opnieuw proberen”, voegt hij eraan toe.
Geen dieet
Zijn ultragezonde levensstijl op het gebied van sporten gaat niet per se gepaard met een specifiek dieet, legt Dries uit. “Juist omdat ik zoveel sport, heb ik de vrijheid om alles te eten. Maar ik ben ook altijd redelijk gezond opgevoed thuis, dus het is niet zo dat ik elke dag frieten eet. Wat ik eet, varieert dan ook van dag tot dag. Vaak eet ik ‘s avonds wel pasta en grijp ik naar fruit, maar ik kan net zo goed genieten van een pak friet of een Twix. Meteen na ‘Kamp Waes’ heb ik bijvoorbeeld een smoske met ei gegeten”, blikt Dries terug. “Dat heeft toen echt gesmaakt, en ‘s avonds heb ik nog een steak met frieten gegeten.”
Dit is wat Dries eet op een dag:
Ontbijt
– Cornflakes of muesli met melk of met yoghurt
– Op dagen met weinig tijd: een maaltijdshake met koffiesmaak
Lunch
– Boterhammen, pannenkoeken en drie mueslirepen
– Op dagen met weinig tijd: opnieuw een maaltijdshake met koffiesmaak
Snacks
– Mueslirepen
– Fruit
– Koekjes, Twix
– Na het sporten: eiwitshake of kwark
Avondeten
– Meestal pasta met diverse sauzen
– Favoriet: pasta met broccoli, kip en crème fraîche
Drinken
– Altijd water, zelden frisdrank en zelden alcohol
Strakke planning
En dan moet er ook nog geblokt worden, want Dries combineert zijn passie voor sport met zijn studies Robotica en Ruimtevaart in Delft. “Ik ben behoorlijk aan het studeren, ja. Tijdens examenperiodes breng ik wel zo’n 12 uur per dag door met mijn neus in de boeken. Mijn grote droom is dan ook om naar de ruimte te reizen.” En als hij niet aan het studeren is, is hij aan het werk als teaching assistant. Dries’ dagen zijn altijd tot de nok toe gevuld. Zo druk dat hij zelfs afspraken met zijn vriendin of vrienden in zijn agenda moet plannen. “Ik slaap hoogstens acht uur per nacht. Het is dan ook al meer dan twee jaar geleden dat ik eens heb uitgeslapen”, voegt hij eraan toe. Of Dries dan nooit verlangt naar een dagje relaxen? Het antwoord is duidelijk nee. “Ik vind mijn ontspanning in het sporten”, legt hij uit. “Soms voel ik me wel vermoeid, maar ik weet dat dat gevoel weer verdwijnt. Ik zou het zonde vinden om gewoon in de zetel te gaan liggen.”
Wij hebben al veel langer dan 2 jaar slaapdeprivatie dankzij lieve kindjes. Een marteling waar we niet meer tegen kunnen vechten. I can’t get no sleep. insomnia.
Nu slapen ze, straks worden we weer gewekt meerdere keren per nacht. Morgenvroeg moeten we er weer op tijd uit, en ze vooral gereed krijgen voor school, waar ze absoluut geen zin in hebben, en ze zullen ons mollen, saboteren en tegenwerken. 3 keer kleren verwisselen, niet eten maar wel knoeien met het eten.
toch lukt het ons bijna elke keer, maar dan moeten wij nog beginnen, de trein halen, ondertussen file dankzij de wegenwerken. Uiteindelijk komen we er wel
‘s avonds is het een dilemma, eerst thuiskomen en de opvang betalen, of ze toch maar oppikken. 1 valt dan wel in slaap de andere heeft honger, wil andere kleren aandoen, benadrukt ons erop dat ze huiswerk moet maken, dat zullen we snel even samen bekijken, ondertussen best aan het avondeten beginnen, en tegelijkertijd bokes voor school maken, maar ook die andere wakker maken, anders wordt dat een bridezilla. oh pech het is al zo ver. boekentassen klaar, en al 3 verschillende maaltijden, eindelijk eten ze wat, maar ze al 10 keer van tafel gegaan om nog iets te nemen. en nu zijn ze wild in het rond aan het lopen.
Taken verdelen: Ik ruim op, jij doet ze de pyjama’s aan, en de tanden poetsen. Na veel wild gedoe zijn we klaar.
nog even met hen samen naar bed, verhaaltje lezen, en zelf vooral niet in slaap vallen.