Om populisme in te dammen, moeten burgers weer vaste grond onder de voeten krijgen

by Chronicbias

9 comments
  1. [Archive](https://archive.ph/VE6aa)
    **Om populisme in te dammen, moeten burgers weer vaste grond onder de voeten krijgen**

    In gesprek met Josse de Voogd en Marcelo Mooren, onderzoekers van afgehaakt Nederland. ‘Geef mensen weer vaste grond. Alleen dan kunnen we erger voorkomen.’

    Er is in Nederland sprake van structurele ongelijkheid tussen sociale groepen. Eerder al waarschuwden de commissie-Remkes (2018) en het Sociaal Cultureel Planbureau (2021) de kabinetten Rutte III en IV: er gaapt een kloof tussen ‘de gevestigde bovenlaag’ van welvarende hoogopgeleide burgers en ‘onzekere werkenden’ die over weinig kapitaal beschikken, niet alleen in termen van geld, maar ook in termen van hulpbronnen zoals sociale netwerken, zorg en ondersteuning.

    De gevestigde bovenlaag wordt ook nog eens gesubsidieerd. Zo ging de subsidie voor elektrische auto’s voor de helft naar Tesla’s en Jaguars met een waarde van 80 tot 120.000 euro, bleek in 2019 uit Kamervragen van destijds CDA-kamerlid Pieter Omtzigt. Deze subsidies werden mogelijk gemaakt door een hogere belasting voor benzine- en dieselauto’s. Platgeslagen: ‘onzekere werkenden’ zoals freelancende postbezorgers betaalden via hun werkbusjes mee aan een subsidie voor rijke klimaatvriendelijke automobilisten.

    Het is een veelgebruikt voorbeeld om te illustreren hoe de overheid er de afgelopen jaren vooral is geweest voor die gevestigde bovenlaag en grote groepen burgers uit het oog is verloren. In een poging het politiek-maatschappelijk onbehagen in kaart te brengen, maakte onderzoeker Josse de Voogd samen met historicus René Cuperus de Atlas van Afgehaakt Nederland. Hun conclusie: er is niet zozeer sprake van een kloof tussen stad en platteland, maar tussen degenen die het systeem voor zich kunnen laten werken en degenen die ertegenaan lopen. De opkomst van populistische partijen kan worden gezien als een alarmsignaal.

    Parlementair lobbyist, oud-medewerker van het CDA en oud-kiezersonderzoeker Marcelo Mooren, die al bijna een kwart eeuw meeloopt in Den Haag, is vanuit de (beleids)praktijk tot vrijwel dezelfde conclusie gekomen. Hij zag dat burgers in toenemende mate te maken krijgen met aanslagen op basale zekerheden: materiële onzekerheid (heb ik nog wel een vaste baan of huis?), culturele onzekerheid (herken ik mijn wereld nog?) en onzekerheid over de vraag of de overheid er ook voor hen is. Ook zag hij hoe populistische partijen garen spinnen bij deze onzekerheden. Het leidde tot zijn boek Vaste grond: nieuw houvast als alternatief voor populisme.

    Het woord ‘bestaanszekerheid’ uit de laatste verkiezingscampagne galmt nog na, en de formatietafel is gevuld met anti-establishmentpartijen: een uitstekend moment om met deze twee auteurs om tafel te gaan.

    **In veel analyses hoor je de kreet ‘ruk naar rechts’, terwijl bestaanszekerheid bij uitstek een traditioneel links thema is. Hoe verklaren jullie dit?**

    Marcelo Mooren: ‘Veel partijen zijn niet meer uitgesproken links of rechts. Zo is bijvoorbeeld D66 economisch gezien uitgesproken rechts, en inzake Oekraïne haast militaristisch rechts. Maar als je kijkt naar hun standpunten over mensenrechten en LHBTI zijn die heel progressief. Is D66 dan een linkse of een rechtse partij? Hetzelfde geldt voor de PVV: op migratie rechts, maar sociaal-economisch links. Ook bij NSC, CU, BBB en DENK is er een links-rechts mix. Burgers zijn ook niet meer integraal rechts of links, maar kunnen heel rechts zijn op het ene thema en juist weer heel links op het andere. Links en rechts bestaan nog wel als concept, we weten wat linkse en rechtse opvattingen zijn, maar mensen, en partijen, zijn daar eclectisch in geworden. Interessanter is wat er maatschappelijk is gebeurd: rechts beleid was dominant op economische thema’s en links beleid was dat inzake onderwijs, vluchtelingenpolitiek en cultuur. Daardoor is het beleid ook op elk thema naar die kant doorgeslagen.’

    Josse de Voogd: ‘En wanneer er wel aandacht was voor economische onzekerheid, kwam dat nogal eens met een gebrek aan voorstellingsvermogen. Neem bijvoorbeeld de goedbedoelde plannen van GroenLinks en de PvdA om elke jongere tienduizend euro te geven. Dat kan mensen juist in de problemen brengen. Bijvoorbeeld als je al in de schuldhulpverlening zit, of afhankelijk bent van bepaalde toeslagen en kwijtscheldingen. De bovenkant bedoelt het goed, maar veronderstelt een mate van zelfredzaamheid. Zij weten namelijk hoe ze die formulieren moeten invullen en bij welk loket ze die kunnen inleveren. Of neem het verbod op scooters en brommers in steden. Het rijke Nijmegen-Oost, dat voor vakantie naar Bali vliegt, gaat dan Nijmegen-West vertellen dat ze voor het klimaat van hun scooter af moeten, maar die mensen werken op gekke tijden op distributiecentra waar je niet zomaar met het openbaar vervoer komt. De beoogde oplossing is ook hier dan weer een subsidie aanvragen via ingewikkelde formulieren. Het komt deels voort uit verschillende opvattingen over klimaat en welke prioriteit dat heeft, maar het is ook zéker een vraagstuk van verdeling en overweg kunnen met het systeem. Dat zijn progressieven uit het oog verloren.’

    Marcelo Mooren: ‘Tegelijkertijd heeft politiek rechts jarenlang een hyperfocus gehad op het bedrijfsleven en op het sluitend krijgen van de begroting, linkse eisen op die terreinen zijn afgekocht op het culturele domein. Een slavernijmonument? Prima, zolang er genoeg geld zat in het potje voor bedrijfsinnovatie. Conservatief rechts heeft het ook jarenlang laten afweten op het gebied van vakonderwijs en cultuur. Daarnaast waren er wel migratiebeperkende voorstellen maar kwam daar in de praktijk niet zoveel van terecht. Het waren de grotere ondernemers in de achterban die voor arbeidsmigratie waren vanwege arbeidskrachten.’

    Josse de Voogd: ‘In die zin zie je dat invloed in Nederland scheef verdeeld is. Als jouw belangen goed georganiseerd zijn, bijvoorbeeld via een lobby, en je de weg weet te vinden in Den Haag, vind je wel een luisterend oor. Dan wordt er weer een uitzondering voor een deelbelang geregeld, maar al die uitzonderingen op de regels maken het invullen van een simpel formulier steeds moeilijker. Het maakt dat mensen tussen wal en schip vallen, en zorgt ook voor onderlinge afgunst: de een heeft wel recht op iets extra’s, de ander niet. Vanuit progressief links is diversiteit heel erg vernauwd tot gender en kleur. Hierdoor worden klasse, gezondheid of opleidingsniveau vaak over het hoofd gezien. Zo overlapt de PVV-stem sterk met een slechte gezondheid, hoog medicijngebruik en obesitas. Dat hangt deels samen met een laag inkomen en een lage opleiding.

    Ondertussen hebben de volkspartijen stukje bij beetje hun achterban verloren. Wat mij bijvoorbeeld opvalt, is het rechts-populistische stemgedrag van de jongere generatie onder de lagere sociale klassen, dat zie je vooral goed in Oost-Groningen, waar veel jongeren bij Forum voor Democratie en de PVV uitkomen. We hebben rechtspopulisme als fenomeen veel te veel aan de oude boze man gekoppeld, waarmee het wordt gepresenteerd als een achterhoedegevecht, terwijl het in de samenleving ondertussen al veel meer mainstream is geworden. Dat komt ook een beetje door de beperkte visie op rechtspopulisme. De media vergelijken het met de verkiezingsoverwinning van Trump in de Verenigde Staten en Brexit in Groot-Brittannië. Daar hadden inderdaad bovengemiddeld veel ouderen voor gekozen, maar als je kijkt naar de kiezers van rechts-populistische partijen in andere Europese landen, zoals Frankrijk, Spanje en Oost-Duitsland, dan zie je andere verhoudingen.’

    Marcelo Mooren: ‘Dat beeld van de boze oom is ook ronduit badinerend. Mensen worden neergezet alsof ze “met hun rug naar de toekomst staan”, en krijgen daarbij nog allerlei negatieve morele kwalificaties, van dom-rechts tot racist. Ik weet nog dat ik eind jaren negentig, dan heb ik het dus over de pre-Fortuyn tijd, een middenstander sprak met een kaaswinkel in een grote stad. Hij moest uitwijken want de wijk was van kleur verschoten dus er was minder behoefte aan zijn Hollandse kaas. De wijkvoetbalclub was opgegaan in een grotere stadsvoetbalclub. Zijn dochter stond op de wachtlijst voor een sociale huurwoning, maar toen ze eindelijk op nummer een kwam, ging het huis waarvoor ze had ingetekend naar statushouders. Zijn zoon solliciteerde als politieagent maar in dat korps was er een voorkeursbeleid voor sollicitanten van Marokkaanse en Antilliaanse afkomst, dus hij week uit naar een andere gemeente. Het gezin waaierde uit.

    Hier zag je dat de negatieve consequenties van beleidsmatige aanpassingen die in principe goed zijn – een diverser politiekorps in grote steden, statushouders een dak boven het hoofd bieden – allemaal samenkwamen in dat ene gezin. En niemand had begrip. Die man had een verloren gevoel.

    De hogere middenklasse heeft van migratie allemaal positieve bijeffecten gezien: een goedkope schoonmaakster en een schattig exotisch olijfwinkeltje op de hoek. Migratie heeft zoals alles positieve en negatieve kanten, maar elke kritiek op de negatieve kanten – en die komen vaak van mensen die er last van hebben – werd onmiddellijk weggedrukt als racisme. We zijn onderhand vijfentwintig jaar verder en in de oplossingensfeer is er weinig gebeurd.’

  2. Goh populisme en fascisme worden populairder als er meer economische onzekerheid heerst. Wie had dat gedacht

  3. Goh. Dit is helemaal niet wat ik al 20 jaar roep.

  4. Ken je dat gevoel als je op het strand langs de waterlijn met je voeten stampt en je een soort drijfzand creëert? 

  5. Populisme is de reactie van een overheid die wantrouwen opbouwt. Alleen een sterke, grote en groeiende middenklasse die gedeelde welvaart steunt, kan populisme op afstand houden.

  6. Veel succes in een multipolaire wereld met een overmijdelijke klimaatramp.

  7. “Ja zeg, maar eh, dan verliezen we onze kiezers hè!”

    – Het aankomende kabinet, waarschijnlijk

  8. Ik heb het hele artikel nog niet kunnen lezen, maar dit sprong er al wel voor me uit:

    >**Er wordt ook vaak vergeten dat de helft van Nederland op het vmbo zit,** dat is een hele andere wereld dan die van het HBO en de universiteit. Dit zijn dus ook de mensen die zich niet kunnen voorstellen dat de PVV onder jongeren groot is. **Juist omdat er geen breder zicht bestaat op de samenleving**, is die hoger opgeleide bovenlaag verbouwereerd over de rechts-populistische winst. 

    Het artikel spreekt er niet gedetailleerd over, maar we moeten niet vergeten hoe vroeg dat geïntroduceerd wordt in ons leven en hoe diepgeworteld het inmiddels is. Vanaf het punt dat kinderen in de pubertijd gaan worden ze als het ware gesegregeerd van elkaar. Die opleidingstrajecten zijn in grote mate van elkaar gescheiden en die stromen komen minder en minder met elkaar in aanraking. En ook al heeft het denk ik niet de bewuste intentie om dat te doen, maar het maakt dat bevolkingsgroepen echt naast elkaar gaan leven. En dat heeft denk ik heel ingrijpende, negatieve gevolgen voor de cohesie van een samenleving.

    Natuurlijk zijn er uitzonderingen, scholen en dorpen/buurten waar die vermenging wat meer voorkomt, maar ik denk wel dat dat de tendens is binnen de Nederlandse samenleving. En geen wonder dan dat je een dergelijke situatie krijgt als beschreven door het artikel. Die uitzonderingen die er vast zijn zijn dan wellicht een goede kans om van te leren hoe die segregatie voorkomen kan worden. Want dat naderhand rechtzetten blijkt een behoorlijk pittige kluif. Je ziet dat denk ik al in de recentelijk terugkerende discussies over bijv. MBOs meenemen in introductieweken van het HBO en de universiteit. Dat is op zich een klein ding, maar het is denk ik wel een herkenbaar symptoom. Een puist op de algemeen slecht verzorgde huid die de Nederlandse samenleving is, zeg maar.

  9. populisme bestaat omdat het regeringsbeleid niet populair is

Leave a Reply