De totale wereldwijde schade door natuurrampen lag in de eerste helft van 2024 op 140 miljard dollar. Dat is bijna het dubbele van het gemiddelde van de laatste dertig jaar.

MunichRe, ’s werelds grootste ‘verzekeraar van verzekeraars’, laat er geen twijfel over bestaan: de risico’s die voortkomen uit extreme weerfenomenen worden steeds groter én dat heeft hoogstwaarschijnlijk te maken met de klimaatverandering.

Daar kunnen ze in Spanje over meespreken. Maar wie draait op voor de schade bij een natuurramp zoals in Valencia of Pepinster? Een ‘brandverzekering eenvoudige risico’s’ dekt verplicht ‘alle’ overstromingsschade voor woningen, kantoorgebouwen, ziekenhuizen, … Voor de som van deze verzekeringen geldt in België echter een minder goed gekend plafond van 1,6 miljard euro per natuurramp.

Assuralia pleit ervoor dat het officiële verzekeringsplafond voor ‘eenvoudige risico’s’ van 1,6 miljard euro wordt aangevuld met twee bijkomende overheidsschijven

Na de ramp in de Vesdervallei in 2021 leidde dat ertoe dat de Belgische verzekeraars, verzameld in koepelvereniging Assuralia, aan de Waalse overheid een renteloze lening van 1 miljard euro moesten toekennen om het resterende gat te dichten tot aan de totale terugbetaling van meer dan 2,3 miljard euro.

Bij ‘speciale risico’s’, zoals bij industriële bedrijven, zijn verzekeraars niet verplicht om natuurrampen te dekken. Er geldt ook geen plafond. Dat zou, in theorie, kunnen betekenen dat de premies die betaald moeten worden hier veel dichter bij het werkelijke risico liggen.

In Spanje kondigde de federale overheid een noodfonds aan van 10,6 miljard euro voor de overstromingen. De getroffen huizen en andere gebouwen zouden goed zijn voor 20 miljard euro aan leningen.

De Spaanse Centrale Bank gaf aan “dat klimaatrisico’s zich sneller manifesteerden dan verwacht” en dat “banken zich nu zouden moeten richten op het meten van de toenemende fysieke risico’s, evenals op het aanpakken van de risico’s die gepaard gaan met de overstap naar een koolstofarme economie”.

Assuralia pleit ervoor dat het officiële verzekeringsplafond voor gewone risico’s van 1,6 miljard euro wordt aangevuld met twee bijkomende overheidsschijven, een voor de gewesten en een federaal.

Deze “publiek-private samenwerking om grootschalige klimaatrisico’s op te vangen” bevestigt eigenlijk de ad-hocpraktijk, namelijk dat de grootste (verzekerings)risico’s bij overstromingen en andere ‘voorspelbaar onvoorspelbare’ klimaatrampen plots in de overheidsbegroting kunnen terechtkomen. Ze zijn, letterlijk genomen, onverzekerbaar.

Dorpen opgeven

In Spanje waarschuwde het Spaanse verzekeringsconsortium CCS vier jaar geleden al, in augustus 2020, dat de uitbetaalde compensaties voor overstromingen in Alicante, Valencia en Murcia op dat moment met kop en schouders boven de andere Spaanse provincies uitstaken. CCS wees er expliciet op dat veel bebouwing in de omgeving eigenlijk in een rivierbedding staat. 

Ook in België staan heel wat huizen op overstromingsgevoelige plekken. Dat aanpakken is allesbehalve vanzelfsprekend. Een van de mogelijke beleidsmaatregelen is zelfs zo goed als taboe: ‘managed retreat’, een scenario waarbij bewoning op dit soort plekken bewust wordt afgebouwd. De optie lag in 2014 wel op tafel bij een workshop van de Vlaamse Bouwmeester, maar werd er al snel weer afgeveegd. 

Barbara Van Speybroeck (Assuralia): ‘Een verzekeraar zegt niet graag “nee”. We willen niet naar een maatschappij waar mensen zich niet kunnen beschermen’

Nochtans wordt ‘managed retreat’ wereldwijd toegepast. Dat gaat soms erg ver. In het westen van Wales zal tussen 2025 en 2055 het dorpje Fairbourne stelselmatig opgegeven worden. Meer dan 450 huizen zijn er permanent bedreigd door overstromingen vanuit de zee.

In het geval van managed retreat wachten overheden niet tot er een ramp gebeurt. In Pepinster werden uiteindelijk veertig gebouwen onteigend om plaats te maken voor de Vesder, maar om die beslissing te nemen waren dus eerst verwoestende overstromingen nodig. In één geval hadden bewoners hun huis zelfs al opnieuw verbouwd.

In het adviesrapport Weerbaar Waterland van juli 2022 spreekt een expertenpanel wel voorzichtig over “nieuwe rechtszekerheid” met behulp van een “afbouw- en uitdoofbeleid”.

In de meest ambitieuze uitvoeringsplannen, zoals T.OP Dender, blijven de maatregelen beperkt tot onthardingen en zogenaamde sponslandschappen. Enkel voor de Fabelta-site in Ninove, een voormalige textielfabriek die in 2005 de deuren sloot, is er sprake van een echte herbestemming. Bij een toetsing van die plannen merkte de Vlaamse Coördinatiecommissie Integraal Waterbeleid op dat de eigenaar het risico liep niet verzekerd te worden of zwaardere verzekeringspremies te moeten betalen voor verzekering tegen overstromingen.

Belgische patstelling

Van ‘managed retreat’ heeft Assuralia nog niet gehoord. “Dat is alleszins geen discussie waarin wij betrokken zijn”, zegt woordvoerder Barbara Van Speybroeck. Ook in overstromingsgevoelige gebieden wil Assuralia de verzekeringspremies vooral haalbaar houden. “Een verzekeraar zegt niet graag ‘nee’. We willen niet naar een maatschappij waar mensen zich niet kunnen beschermen.”

Apache nam de proef op de som en liet (online) offertes opmaken voor een verzekerde waarde van iets meer dan 100.000 euro. In dezelfde gemeente lieten we een D-score (middelgrote kans op overstromingen) vergelijken met een A-score (geen overstroming gemodelleerd). Het (fictieve) huis met de D-score was zelfs al meerdere keren overstroomd de voorbije tien jaar. 

Het verschil in premie bleek slechts enkele honderden euro’s per jaar, wat over tien jaar – gemiddeld – slechts enkele duizenden euro’s aan extra schadeclaims zou kunnen dekken. Ook in afgebakende risicozones, die impliciet dus nog een slechtere score hebben, krijg je onder bepaalde omstandigheden nog steeds een verzekering via het tariferingsbureau.

Zelfs voorkomen dat de situatie nog verergert is in België niet zo eenvoudig. Lokale overheden blijken het vaak heel moeilijk te hebben om bouwvergunningen te weigeren op verkavelingen die lang geleden zijn ingetekend. Voormalig Vlaams minister van Omgeving Zuhal Demir (N-VA) tekende naar eigen zeggen “ongezien vaak” beroep aan tegen een bouwvergunning in overstromingsgevoelig gebied, tegen de beslissingen van lokale besturen in. 

Dit soort bouwgronden onteigenen is dan weer zo goed als onbetaalbaar, omdat ze op papier (nog) veel geld waard zijn. Een klassieke Belgische patstelling.

Hagelbol ter grootte van een brood

Waar klimaatontkenners er in Spanje als de kippen bij waren om de meteorologische voorspellingen als alarmisme te framen, zetten ze de ramp achteraf weg als doodnormaal weerfenomeen, of zelfs een gevolg van weermanipulatie door de overheid. De ramp had vooral zéker niets te maken met klimaatverandering.

Een deel van dit soort commentaar klopt wel. De overstromingen aan de Spaanse zuid-oostkust zijn een bekend en weerkerend fenomeen. En ze kosten fenomenaal veel geld aan schadeclaims. Dat mensen huizen mogen bouwen op en rond rivierbeddingen die wel vaker heftig uit hun oevers barsten, kan ook moeilijk op klimaatverandering worden gestoken. Het is geweten dat deze huizen op de ‘randen van waarschijnlijkheid’ staan. Alleen wordt deze gok langzaamaan steeds gevaarlijker.

Ongeveer alle weerfenomenen – van hitte over neerslag tot windsterkte – breken voortdurend nieuwe records door de opwarming van de atmosfeer

Wat van een terugkerend weerfenomeen een overweldigende ramp maakt, zowel in de Vesdervallei als in het zuidoosten van Spanje, is de uitzonderlijke intensiteit. Maar zelfs dat betekent niet automatisch dat natuurrampen gelinkt zijn aan de klimaatverandering, want ook natuurrampen zijn ‘van alle tijden’.

Wat klimaatwetenschappers wel al lang voorspellen en ondertussen ook kunnen waarnemen, is dat zowel de frequentie als de intensiteit van extreem weer langzaam maar zeker toeneemt. Ongeveer alle weerfenomenen – van hitte over neerslag tot windsterkte – breken voortdurend nieuwe records door de opwarming van de atmosfeer. 

Klimaatverandering leidt naar een wereld met steeds heftigere natuurrampen en moeilijk voor te stellen extremen. Zo werd in juli 2023 het Europese record voor hagelbollen gebroken in Italië, met een exemplaar met een diameter van negentien centimeter (vergelijkbaar met een klein brood). Het vorige record was slechts vijf dagen eerder en honderd kilometer verder gemeten.

In België ziet het KMI bijvoorbeeld het aantal dagen waarop “uitzonderlijk veel” regen valt in Ukkel stijgen met enkele procenten per decennium. Ook de jaarlijkse maximale neerslaghoeveelheid stijgt met een paar millimeter per decennium.

De onderliggende trends zijn er dus wel degelijk. Maar om hoogst uitzonderlijke weerfenomenen precies te kunnen voorspellen, is de hoeveelheid gegevens gewoon te klein.