Djalali zou donderdagavond een hartaanval hebben gekregen en overgebracht zijn naar de ziekenafdeling van de gevangenis. Daar zou hij volgens zijn vrouw Vida Mehrannia te horen hebben gekregen dat hij pas zondag een cardioloog te zien zal krijgen, omdat het momenteel weekend is in Iran. “Hij vertelde me dat hij verdriet had en dat hij moest wachten op behandeling”, zei Mehrannia aan het Zweede persagentschap TT.

Ze zei dat de gezondheidstoestand van haar man snel achteruitgaat en hij snel gepaste zorg moet krijgen. Djalali zou in levensgevaar verkeren. Mehrannia riep de Zweedse premier Ulf Kristersson en minister van Buitenlandse Zaken Maria Malmer Stenergard op om actie te ondernemen. “Zij moeten handelen”, zei ze. “Hij zit al negen jaar gevangen, zijn gezondheid is in gevaar en Iran moet hem zo snel mogelijk vrijlaten.”

Ambassadeur

Djalali’s advocaat, Nima Rostami, had contact met het Zweedse ministerie van Buitenlandse Zaken. Dat liet weten de zaak nauw op te volgen met de Iraanse autoriteiten.

Vlaams minister-president Matthias Diependaele (N-VA) zei zaterdagochtend dat hij de Iraanse ambassadeur als reactie op Djalali’s hartaanval uitgenodigd heeft voor overleg. “Het nieuws over de hartaanval van dr. Ahmadreza Djalali raakt me diep”, klonk het bij Diependaele. “Vlaanderen blijft aandringen op toegang tot dringende medische zorg en zijn onmiddellijke vrijlating.”

Ook Amnesty International, dat al jaren strijdt voor Djalali’s vrijlating, toont zich in een mededeling bezorgd. De medische voorzieningen in de gevangenis waar de academicus verblijft, zouden niet volstaan om hem adequate zorg te verlenen. “Iran moet hem vrijlaten, en zowel Zweden als België moeten alles op alles zetten om dat te bewerkstelligen. Zijn leven hangt ervan af”, zegt Wies De Graeve, directeur van Amnesty International Vlaanderen.

Hartritmestoornissen

Djalali werd in 2016 gearresteerd tijdens een bezoek aan Iran. Een jaar later werd hij tijdens een schijnproces ter dood veroordeeld op beschuldiging van spionage en betrokkenheid bij de dood van twee lokale nucleaire experts.

Begin dit jaar had Djalali nog een gesprek met de Zweedse openbare omroep SVT, dat hooguit vier minuten duurde. “Het is de negende keer geweest al dat mijn familie Kerstmis en Nieuwjaar zonder mij moest vieren”, zei hij. “Mijn zoon was maar 4 jaar oud toen ze mij arresteerden, vandaag is hij dertien.”

Djalali beschreef aan SVT ook zijn dramatische medische toestand: hij was toen al meer dan 20 kilo kwijtgeraakt, kampte met galstenen, hartritmestoornissen en een chronische maagslijmvliesontsteking. Echte medische hulp had hij op dat moment al 3.185 dagen niet gekregen. “Breng mij huiswaarts”, zei hij.

LEES OOKVanuit zijn Iraanse dodencel doorbreekt VUB-professor Djalali de stilte: “Breng mij thuis, na 3.185 dagen”