Nederlandse leger vertoont grote gaten, extra Navo-bijdragen vrijwel ondoenlijk

7 comments
  1. ANALYSE

    Nederlandse leger vertoont grote gaten, extra Navo-bijdragen vrijwel ondoenlijk

    De Navo wil permanent meer aanwezig zijn langs de oostflank en ook de EU heeft ambities. Maar Nederland loopt tegen zijn grenzen aan. Het is een mini-krijgsmacht geworden, die veel wil, maar weinig kan bijdragen aan het bondgenootschap.

    Arnout Brouwers 21 april 2022, 18:38

    Nederland stuurt deze zomer 200 militairen (van de luchtmobiele brigade) voor een jaar naar Roemenië, als onderdeel van de ‘vooruitgeschoven presentie’ van de Navo aan de oostflank. Ze gaan deel uitmaken van een door Fransen geleide multinationale Navo ‘battle group’.

    De aankondiging hiervan woensdag ging gepaard met een mooie grafiek die het totaal van de Nederlandse Navo-bijdragen toont: naast de al sinds 2017 in Litouwen opererende grondstrijdkrachten dus nu ook militairen naar Roemenië. Verder luchtruimbewaking in Bulgarije en Oost-Europa (vooral Polen) en de gebruikelijke marinebijdragen aan Navo-vlootverbanden, in dit geval een fregat en een mijnenjager. Ook is er sinds kort een Patriot-luchtverdedigingseenheid van 150 militairen actief in Slowakije.

    Zo staat de hele grafiek vol met bijdragen, wat imposant oogt. Een nadere blik op de grafiek leert twee dingen: dat Nederland op dit moment graag concreet wil bijdragen aan de beveiliging van Navo-grondgebied. En dat die bijdragen noodgedwongen een symbolische omvang hebben. Zelfs van de al verkleinde maar wendbare krijgsmacht die Nederland midden jaren negentig had, is weinig meer over dan een mini-krijgsmacht. Het is een praktisch probleem dat ook speelt bij veel andere Europese krijgsmachten.

    Kijk naar het luchtmachtaandeel aan de versterking langs de oostflank. Het gaat om twee missies. Bij de ene is acht keer een gevechtsvliegtuig ingezet in een periode van iets langer dan een maand, de andere is een missie van twee maanden, uitgevoerd door welgeteld twee gevechtsvliegtuigen. De Patriot-eenheid? Gaat ‘in beginsel’ voor zes maanden. De militairen in Roemenië? Gaan ‘in beginsel’ voor één jaar, in drie rotaties.

    Knip-en-plakwerk

    Loopt Defensie met de huidige inzet tegen grenzen aan? Ja, luidt het informele antwoord in de wandelgangen. Een woordvoerder wijst op twee problemen: de logistieke lijnen en de personele bezetting. Want met alle nieuwe missies, en de bestaande kleine missies in Erbil en Mali (ook kortdurend), en de West, wordt het een steeds grotere uitdaging ‘de logistieke keten’ voor al die missies in stand te houden.

    Daarnaast is er het personeelsprobleem. Op papier heeft de landmacht drie brigades. In werkelijkheid zitten hierin zulke grote gaten (het totale personeelstekort bij Defensie is 9.000) dat met knip-en-plakwerk uit verschillende eenheden in de praktijk niets groters dan een compagnie (circa 150 militairen) kan worden uitgezonden voor een beperkte tijd. Wel kan in theorie nog eenmalig een bataljonstaakgroep (circa 800 militairen) worden ingezet, zonder aflossing. Vandaar die inzet voor korte periodes. Ter vergelijking: in de jaren negentig kon Nederland nog vier vredesbewarende operaties van bataljonsomvang gelijktijdig en voor langere tijd uitvoeren. Bij de marine en luchtmacht is het beeld hetzelfde.

    Hans Damen, een landmachtgeneraal b.d., voegt nog een element aan de krapte toe: munitie. ‘Heeft Nederland wel voldoende munitie om die troepen in te zetten?’ Damen vindt uit principe dat defensie er altijd hoort te staan als laatste redmiddel. ‘Als het echt oorlog wordt moet Nederland eenmalig een brigade kunnen samenstellen uit de nu beschikbare mensen en middelen, van een paar duizend man, met de bijbehorende ondersteuning en logistiek’. Maar die zal, zegt hij, ‘een heel beperkt voortzettingsvermogen hebben.’

    Dick Zandee, defensie-expert van Instituut Clingendael, wijst erop dat de krimp een pan-Europese trend is, ook bij de grotere landen: zo gingen de Britten terug van een inzetbare divisie (bestaande uit drie brigades) op rotatiebasis naar één brigade. ‘Tot en met de uitzending naar Uruzgan (2006-2010) kon de Nederlandse krijgsmacht nog een eenheid met de omvang van een bataljon-plus inzetten en langere tijd volhouden. Dat is nu volstrekt onmogelijk.’ Dat de krijgsmacht nog maximaal een compagnie militairen kan inzetten noemt hij ‘niet serieus’.

    Geen dienstplicht

    Staatssecretaris Van der Maat sloot deze week een terugkeer naar de dienstplicht uit. Binnen Defensie hoopt men dat extra investeringen en een ander, slimmer personeels- en reservistenbeleid (inclusief meer betalen) gaan helpen. Maar Zandee voorspelt zware tijden voor de Europese legers die geen dienstplicht kennen. ‘De eisen van de Navo gaan omhoog: er moeten meer eenheden klaar staan, met snellere reactietijden. Tegelijkertijd schroeft ook de EU haar ambities op, met de snelle reactiemacht.’ Omdat eenheden niet aan twee taken tegelijk mogen worden toegezegd (‘double hatting’), ‘komen lidstaten met beperkte capaciteit in de problemen.’

    Defensie worstelt met de communicatie hierover. Vorig jaar begon toenmalig minister van Defensie Bijleveld plots van de daken te roepen dat Nederland zijn eigen grondgebied niet kan verdedigen, een situatie die feitelijk al sinds 1940 bestaat. Vandaar de Navo. Daarna deden de commandanten van de krijgsmachtdelen een boekje open over de gaten in de krijgsmacht, de schepen die aan de ketting liggen en hoe Nederland zelfs niet aan de Navo-verplichtingen kan voldoen.

    Maar nu Poetin Oekraïne is binnengevallen, willen de bondgenoten, inclusief Nederland, begrijpelijkerwijs juist uitstralen dat Navo-grondgebied onneembaar territoir is. Vandaar die grote grafieken. En vandaar dat Navo-chef Stoltenberg om de haverklap herhaalt dat er ‘honderdduizenden’ Navo-militairen gereed staan om op korte termijn in actie te komen. Generaal Damen vat het prozaïscher samen: ‘Als het echt oorlog wordt, zullen de Amerikanen ons weer moeten redden. Voor de derde keer.’

  2. Goede analyse. Defensie is in de eerste plaats vooral gebaat bij investeringen in de minder zichtbare zaken als training (zie ook het verkeersongeluk van afgelopen week), reserveonderdelen, munitie e.d. Dat is – zeker binnen bepaalde gelederen – veel minder ‘sexy’ dan bijvoorbeeld nieuwe straaljagers of tanks aanschaffen. Maar daar hebben we op de korte termijn wel meer aan. Want laten we wel wezen: het feit dat we de beperkte middelen die we nu hebben alsnog amper kunnen gebruiken, is beschamend.

    Neemt overigens niet weg dat er wel degelijk investeringen in nieuw materieel nodig zijn, en überhaupt een hele rethink van de defensie strategie. Minder de hulpsinterklaas bij dubieuze interventies uithangen, en meer conventionele slagkracht.

  3. Als je als Nederland ingesloten wordt door veel grotere NAVO partners heeft grensbewaking geen zin voor je leger. Niemand gaat hier binnenvallen.
    Dus je bouwt een specialistisch beroepsleger op, maar als je dan gaat bezuinigen kun je niet zomaar een paar dienstplichtigen eruit gooien en wat barakken sluiten.
    Dus als er bezuinigd wordt, is dat direct op belangrijke onderdelen. En dat doet altijd pijn.

  4. De gaten in defensie ga je niet opvullen met een paar straaljagers en een scheepscontainer kogels. Zolang we afhankelijk zijn van materieel uit het buitenland zullen we nooit in staat zijn onszelf te verdedigen en dus moeten we onze vrede en veiligheid van de grond af opnieuw opbouwen. Zorg eerst maar dat we zelf onze eigen bewapening, munitie, langeafstandsraketten etc. kunnen produceren, voordat je ook maar hoeft te denken aan een hervorming van het leger.

    Vervolgens zal het beroepsleger dat we nu kennen aangevuld moeten worden met een veel bredere flexibele schil reservisten. Wellicht niet in de vorm van een dienstplicht maar wel door bepaalde basiselementen van de krijgsmacht te integreren in de sportprogramma’s op school en vervolgopleiding. Enige mate van zelfstandigheid, commandostructuur, vuurwapentraining en weerbaarheid moet net zo fundamenteel worden als zwemles of fietstraining.

    Vervolgens moet een carrière bij defensie ook de beloning en het respect krijgen dat het verdient, waarbij er best wat harder mag worden opgetreden tegen ondermijnende invloeden die zich tot doel stellen de status van onze hoeders van vrede en veiligheid aan te tasten. Net zo goed als dat je van politie en brandweer af moet blijven hoor je als burger ook enige besef te hebben van de onmogelijke opgaven waar defensiepersoneel in het heetst van de strijd mee te maken krijgt.

    In een tweede fase zul je ook toe moeten werken naar verregaande Europese integratie, want zelfs een Nederlandse krijgsmacht op volle sterkte zou het in z’n uppie nog geen halve dag volhouden tegen de Russische beer. Afhankelijk van de taakstelling van Nederland binnen zo’n Europees leger kun je dan concreet een bijdrage gaan leveren aan onze eigen vrede en veiligheid. De strijd in Oekraïne laat zien dat westerse landen met voldoende productiecapaciteit de aangewezen kandidaten zijn om troepen elders in de wereld de training, kennis en middelen te geven om zichzelf te verdedigen. Op die manier kunnen deze landen als buffer optreden voor hun eigen, maar ook onze vrede en veiligheid.

  5. >Wel kan in theorie nog eenmalig een bataljonstaakgroep (circa 800 militairen) worden ingezet, zonder aflossing.

    Rusland heeft er momenteel 120 in Oekraïne. (ze begonnen met meer)

  6. Of zoals het eerder deze week mooi werd samengevat:
    – Nederland: stuurt 200 man naar Roemenië, voor 1 jaar
    – defensiespecialist bij een denktank: hooguit een half jaar, langer kan defensie dat niet volhouden
    – de presentator van nieuwsuur: de regering zegt 1 jaar dus dat neem ik dan maar voor waar aan
    – de commandant der strijdkrachten: …

    Nederland heeft defensie kapotbezuinigd, zoals zo enorm veel overheidsdiensten kapot gemaakt zijn. We gaan niet 3 miljard investeren in defensie de komende jaren, we gaan voor 3 miljard proberen aangerichte schade te herstellen.

Leave a Reply