Gerry* is boos over de pensioenhervormingen, Annick denkt dat vrouwen de dupe gaan zijn en Sofie* vreest dat ze een pak langer zal moeten werken. Allemaal getuigden ze bij VRT NWS waarom ze mee wilden betogen. Maar minister van pensioenen Jan Jambon (N-VA) wil de puntjes op de i zetten en reageert op de verschillende verhalen. 

De vakbonden zijn vandaag door de Brusselse straten getrokken uit onvrede met de hervormingen van de regering. Vooral de pensioenen zijn daarbij een doorn in het oog – al wordt er duchtig gebakkeleid over hoeveel impact de maatregelen nu precies zullen hebben. 

Ook bij VRT NWS getuigden verschillende mensen dat die pensioenhervormingen dé reden zijn om vandaag mee te betogen. Ze vrezen langer te moeten werken of minder te zullen overhouden voor hun oude dag. Maar het kabinet-Jambon wil graag de puntjes op de i zetten en reageert op de verschillende besognes. 

Gerry\ (58 jaar) getuigde bij VRT NWS dat hij intussen al 37 jaar werkt en vreest dat hij ten vroegste over 6 jaar met pensioen mag. Hij is boos over de hervormingen die eraan komen. "Het is tijd om de mensen te belonen die het sociale vangnet in leven hielden, maar nu komen ze opnieuw geld uit mijn zakken halen."*

De reactie van minister Jambon: 

"Voor Gerry verandert er op het eerste gezicht niets onder de nieuwe regels. Hij is vandaag 58 jaar en heeft reeds 37 loopbaanjaren achter de rug. Dit betekent dat hij onder de huidige regels over 5 jaar, als hij 63 is, na 42 loopbaanjaren op vervroegd pensioen kan. 

De stelling dat hij onder de nieuwe regels pas een volledig jaar later, dus over 6 jaar, als hij 64 is, op pensioen kan, is weinig aannemelijk. Al is het wel mogelijk dat hij enkele maanden later op vervroegd pensioen zal kunnen gaan door de wijziging in het criterium voor een loopbaanjaar van 104 naar 156 dagen (als hij in zijn eerste loopbaanjaar na juni is beginnen werken). Daarvoor wordt in de regering nog een overgangsmaatregel uitgewerkt, op basis van het budget voor de overgangsenveloppe."

Annick (57) vreest dan weer dat de vrouwen de grootste dupe gaan zijn van de pensioenmaatregelen van de regering. "Ik heb lang maar 32 uur per week gewerkt, omdat de gezinslast hoog was", klinkt het. "Ik wilde zorgen voor mijn kinderen, er zijn voor hen als mama. En daarvoor word ik nu gestraft."

De reactie van minister Jambon: 

"Annick zal niet gestraft worden door de nieuwe regels omdat ze lange tijd deeltijds werkte om te zorgen voor haar vier kinderen. Want ook alle jaren waarin ze 32 uur per week gewerkt heeft (4/5e) blijven volledig meegeteld als loopbaanjaren en voor de werkvoorwaarde om zonder malus op vervroegd pensioen te kunnen gaan (= vanaf halftijds werken = minstens 156 dagen per jaar)."

Sofie\ (59) had het idee opgevat om in 2029, op haar 63, met pensioen te gaan. Ze vreest dat ze die plannen moet opbergen door de pensioenhervorming. "Het komt erop neer dat ik moet werken tot 2033. En omdat ik lang parttime heb gewerkt – ik wilde zorgen voor mijn 3 kinderen – zal ik ook nog eens minder pensioen krijgen."*

De reactie van minister Jambon: 

"Sofie zal in ieder geval geen vier jaar langer moeten werken, want in het regeerakkoord én in het wetsontwerp is expliciet als overgangsbepaling voorzien dat wie vandaag 59 jaar is (zoals Sofie) als gevolg van de hervorming maximaal 2 jaar langer zal moeten werken.

Sofie zal ook niet minder pensioen krijgen omdat ze deeltijds heeft gewerkt, want alle jaren waarin ze minstens halftijds gewerkt heeft (vanaf 156 dagen per jaar), blijven volledig meegeteld voor de werkvoorwaarde om zonder malus op vervroegd pensioen te gaan."

Ook de Vrouwenraad betoogt vandaag mee uit onvrede met de pensioenplannen. Volgens hen zullen vrouwen "disproportioneel hard" getroffen worden door de maatregelen, omdat ze vaker deeltijds of met onderbrekingen werken om te zorgen voor hun kinderen of familie. 

De reactie van minister Jambon: 

"Deeltijds werkende vrouwen worden niet extra getroffen door de hervorming. Alle jaren waarin er minstens halftijds gewerkt werd tellen immers mee voor de voorwaarde om zonder malus op vervroegd pensioen te kunnen gaan. Deze werkvoorwaarde is minstens 35 jaar van elk 156 gewerkte dagen (dit is precies de helft van een volledig arbeidsjaar van 312 arbeidsdagen).

Hierbij worden ook alle zorgverloven gelijkgesteld met gewerkte dagen, waardoor ook veel vrouwen die deeltijds werkten of hun loopbaan onderbraken om te zorgen voor hun kinderen op vervroegd pensioen zullen kunnen blijven gaan zonder malus."

by Similar_Stomach8480

3 comments
  1. Dus er verandert niets maar toch gaan we somehow miljarden besparen?

  2. Ik snap die regel niet goed. Een normaal jaar is 312 arbeidsdagen? Een ‘standaard’ job is 52 weken, 5 dagen per week, 10 feestdagen, 20 vakantiedagen. Dus 230 werkdagen. Als je dan halftijds werkt heb je 10 vakantiedagen, dus 125 werkdagen.

Comments are closed.