AFPEen Zuid-Koreaan leest de Noord-Koreaanse Rodong Sinmun in de nationale bibliotheek in Seoul

NOS Nieuws•vandaag, 11:46

Gabi Verberg

correspondent Oost-Azië

Gabi Verberg

correspondent Oost-Azië

“De gezellige en moderne huizen tonen de warme en liefdevolle zorg van de gerespecteerde kameraad Kim Jong-un om ons volk koste wat kost het gelukkigste volk ter wereld te maken.” Noord-Koreaanse propagandateksten als deze en andere lofzangen over de Noord-Koreaanse dictator en zijn familie zijn voortaan te lezen voor het Zuid-Koreaanse publiek.

Voor het eerst sinds de oprichting van Zuid-Korea, in 1948, staat het Zuid-Koreanen vrij om de papieren versie te lezen van de Noord-Koreaanse staatskrant, de Rodong Sinmun. Voorheen mocht dat alleen onder specifieke voorwaarden, zoals voor journalistiek of onderzoekswerk. Deze beleidsverandering sluit aan bij de koers van president Lee Jae-myung om de relatie met Noord-Korea te verbeteren.

Normaal te koop is de papieren krant niet. Zuid-Koreanen mogen hem alleen inzien op 181 speciaal aangewezen locaties, zoals bibliotheken, overheidsgebouwen en onderwijsinstellingen. De website van de Rodong Sinmun blijft voorlopig geblokkeerd.

Inzet op betere relatie

Volgens de Zuid-Koreaanse president Lee is het verbod op de Rodong Sinmun achterhaald en weerspiegelt het een verouderd wantrouwen in het vermogen van burgers om propaganda te identificeren. Hij noemt de wijziging een kans voor mensen om de realiteit in Noord-Korea beter te begrijpen en kritisch over het buurland na te denken.

Het opheffen van het verbod past in een brede diplomatieke verschuiving van de Zuid-Koreaanse regering. Lee wil een betere relatie met Noord-Korea, al worden zijn handreikingen van de afgelopen maanden nog afgeslagen door de familie Kim. Wel verwijderde Noord-Korea de propagandaluidsprekers aan de grens, kort nadat Zuid-Korea datzelfde had gedaan.

KCNA WatchLeider Kim Jong-un prijkt vrijwel altijd op de voorpagina van de Rodong Sinmun

De Zuid-Koreaanse overheid controleert de verspreiding van informatie uit Noord-Korea streng, uit angst voor ideologische beïnvloeding. Dat werd na de oprichting van Zuid-Korea direct vastgelegd in de Nationale Veiligheidswet.

Sinds 2008 is Zuid-Korea ook begonnen met het censureren en blokkeren van Noord-Koreaanse mediawebsites. Ondanks jaren van discussie en protest daarover, komt er vooralsnog geen verandering in. Wel heeft het Zuid-Koreaanse ministerie van Hereniging gezegd zich te blijven inzetten voor meer toegang tot ongeveer zestig Noord-Koreaanse websites.

Beperkte beïnvloeding

Volgens Bada Nam, secretaris-generaal van PSCORE, een organisatie die zich inzet voor Koreaanse hereniging, zijn zorgen over beïnvloeding via de Noord-Koreaanse media onnodig. Er zijn maar weinig mensen die door het lezen van Noord-Koreaanse media het regime gaan bewonderen, ziet hij.

“Zulke gevallen zijn uiterst zeldzaam. Die mensen worden meestal gedreven door zeer specifieke politieke motieven, en niet door de overtuigingskracht van de Noord-Koreaanse propaganda zelf”, legt hij uit. Bovendien hebben Zuid-Koreanen, in tegenstelling tot hun noorderburen, ook toegang tot informatie die de Noord-Koreaanse propaganda weerlegt of tegenspreekt.

Wel zijn sommige critici bezorgd over de mogelijke beïnvloeding van Noord-Koreaanse vluchtelingen, een gemarginaliseerde groep in Zuid-Korea. De claim dat zij gevoeliger zouden zijn voor de propaganda spreekt Nam tegen. “Velen van hen voelen wel degelijk een gevoel van culturele nostalgie bij Noord-Koreaanse liederen, films of alledaagse beelden, simpelweg omdat ze daar zijn geboren en opgegroeid.” Maar Noord-Koreaanse politieke boodschappen ziet Nam zelden online gedeeld worden. Koreanen die in het noorden zijn geboren weten ook als geen ander hoe de realiteit is in Noord-Korea.

Symbolische stap

Of de versoepeling in de staatskrant er echt toe zal leiden dat Zuid-Koreanen meer kennis opdoen uit het noorden, is nog maar de vraag. Volgens Chad O’Connell, oprichter van NK News, een Engelstalige website die nieuws over Noord-Korea publiceert, is de versoepeling vooral symbolisch. Mensen moeten volgens hem flink wat moeite doen voordat ze de krant kunnen lezen.

Ook maakt het weinig verschil voor onderzoekers: “Het doorzoeken van gedrukte versies is minder eenvoudig en nauwkeurig dan het doorzoeken van online-versies, en daar zijn databanken voor.”

Als de regering wil dat er meer kennis over Noord-Korea overkomt, dan moet Zuid-Korea eigenlijk de website van de krant beschikbaar maken, aldus O’Connell.

Nam is positiever over de versoepeling. Volgens hem hebben decennia aan ervaring aangetoond dat contactbeperking vanuit Zuid-Korea niet tot de gewenste verandering leidt.

Daarentegen vreest Noord-Korea voortdurend de invloed van Zuid-Korea, juist omdat de politieke, sociale en culturele realiteit in Zuid-Korea een uitdaging vormt voor de controle van het regime. Vanuit dit perspectief zou Zuid-Korea de informatie over het noorden binnen zijn eigen samenleving niet moeten beperken, om het juiste voorbeeld te geven, en tegelijkertijd Noord-Korea moeten oproepen hetzelfde te doen, vindt Nam.