Eind januari vorig jaar werden eeuwenoude kunstschatten gestolen uit het Drents Museum in het Nederlandse Assen. De roof was spectaculair. Drie overvallers forceerden de deuren met explosieven en maakten vier gouden objecten buit: de helm van Cotofenesti uit circa 450 jaar voor Christus en drie armbanden uit dezelfde periode.

De vermoedelijke daders werden al snel getraceerd. Een spoor leidde naar een 20-jarige man die op een bouwmarkt in Assen de moker en hamer kocht die bij de inbraak werden gebruikt. Twee hoofdverdachten bleven aangehouden, maar de gestolen stukken zijn nog altijd spoorloos.

LEES OOK.Verdachte van goudroof Drents Museum dook eerder al op in opsporingsprogramma’s na brute woningoverval en bedreigingen: “Ik ga jou en je kind vermoorden”

Ze waren in bruikleen van het Roemeens Nationaal Historisch Museum en maakten deel uit van de tentoonstelling Dacia – Rijk van goud en zilver. Na de diefstal kwam er prompt kritiek op de museumbeveiliging. Volgens de Roemeense regering had het kostbaar erfgoed het land ook niet zomaar mogen verlaten. De minister van Cultuur kreeg de opdracht harde maatregelen te nemen, waarna de directeur van het museum in Boekarest ontslagen werd.

Pijnlijk detail: het weekend van de diefstal was het allerlaatste weekend waarin de stukken tentoongesteld werden. Een delegatie van het Roemeense museum zou ze ‘s anderendaags ophalen.

Sinds 1989

Om de kosten te dekken van de verzekeringspremies voor dure bruiklenen komen overheden tussenbeide. In Nederland is al sinds 1989 een indemniteitsregeling van kracht, waarbij de staat zich garant stelt in geval van schade of diefstal. Daardoor kunnen verzekeraars flinke kortingen geven aan initiatiefnemers van grote tentoonstellingen. Ook bruikleengevers voelen zich op die manier gedekt.

LEES OOK.Beveiliging Louvre “niet in overeenstemming met wat men van een museum mag verwachten”

Bij ons ging de indemniteitsregeling in 2023 van kracht. De Vlaamse regering stemde toen in met afspraken over schadeloosstelling: ze stelt zich garant voor een aanzienlijk deel van de verzekeringswaarde van bruiklenen. 

Daon, de verzekeraar van Dacia – Rijk van goud en zilver, berekende de schade op basis van de verzekerde waarde van de vier gestolen objecten. De Nederlandse regering had het bedrag van 5,7 miljoen euro al ingecalculeerd en keerde het intussen uit. Eerder werd hetzelfde bedrag al ter compensatie aan Roemenië betaald.