Spermadonoren met honderden kinderen willen ‘alleen maar helpen’ – FTM

7 comments
  1. **In Nederland garanderen vruchtbaarheidsklinieken dat een spermadonor aan maximaal twaalf vrouwen zal doneren. Toch lukt het een handvol mannen om met hun zaad wereldwijd honderden kinderen voort te brengen. Voor deze ‘superspreaders’ is spermadonatie een levensstijl. Hoewel klinieken officieus een zwarte lijst hanteren, leggen zij deze massadonoren geen strobreed in de weg. ‘Ze waren dolblij met elke gezonde donor.’**

    In 2017 krijgt Anneke een onverwachts telefoontje: de arts die haar acht jaar eerder had geholpen zwanger te worden via een donor, is aan de lijn. De arts vertelt haar dat haar donor Jonathan is, die op dat moment in het nieuws is omdat hij maar liefst 102 kinderen voort had gebracht via spermadonaties aan Nederlandse klinieken.

    Destijds verzekerden haar behandelaars Anneke dat met het zaad van haar donor maximaal 25 kinderen geboren zouden worden. Maar Jonathans bewering dat hij nergens anders doneerde, bleek niet te kloppen. Jonathan was bijna alle Nederlandse klinieken afgegaan.

    Inmiddels staat Jonathan op een officieuze zwarte lijst van fertiliteitsklinieken. Hij behoort tot een handjevol mannen, die bewust wettelijke grenzen overschrijden en (veel) meer kinderen hebben voortgebracht dan de wet toestaat. De zwarte lijst is onofficieel, omdat klinieken volgens de geldende privacywetgeving geen informatie mogen uitwisselen over hun donoren, maar hij is uit nood geboren.

    Een preventief systeem om ‘seriële spermadonoren’ te dwarsbomen, is nog altijd niet opgetuigd. Nederlandse klinieken vragen een spermadonor tot op de dag van vandaag alleen een verklaring te ondertekenen, waarin staat dat hij nog niet eerder bij een andere kliniek heeft gedoneerd en dat ook niet zal doen. Jonathan heeft bij alle klinieken zijn handtekening gezet.

    ‘Iemand die als streven heeft zoveel mogelijk kinderen op de wereld te zetten, laat zich zeker niet weerhouden door zo’n papiertje,’ zegt Anneke schamper. ‘En dat weten klinieken ook. En toch blijven ze bij dit systeem.’

    **Register: te simpel voor woorden**

    Al in 2016 pleitten de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie (NVOG) en de Vereniging voor Klinische Embryologie (KLEM) voor een nationale, centrale registratie voor donoren. Die kwam er niet. In onder andere Portugal, Australië en Frankrijk heeft de overheid inmiddels wel een nationaal register opgezet met gegevens van donoren, hoe vaak ze hebben gedoneerd en hoeveel kinderen ze via welke klinieken op de wereld hebben gezet.

    In Nederland verzamelt de Stichting Donorgegevens Kunstmatige Bevruchting (SDKB) sinds 2004 gegevens van donoren. Niet om ze te registreren, maar om gegevens veilig te stellen voor het moment dat donorkinderen ze opvragen. Na hun twaalfde verjaardag kunnen kinderen sociale en fysieke donorgegevens opvragen. Vier jaar later, als een donorkind 16 jaar is, kunnen zij persoonsidentificerende gegevens vragen. Hoe kwistig een man jaren geleden zijn zaad doneerde aan welke klinieken, komt dan pas aan het licht.

    Deze weeffout is nog altijd niet rechtgezet. Onbegrijpelijk, vindt Arnold Simons, gepensioneerd gynaecoloog en oprichter van de (inmiddels opgeheven) donorbank in het UMC Groningen. ‘Het is immers te simpel voor woorden. Begin jaren negentig heb ik onze donorbank en de bijbehorende kliniek geautomatiseerd, vanuit de gedachte dat een kind zijn donorvader moet kunnen opsporen. Koppelingen tussen donoren, recipiënten en kinderen werden ondubbelzinnig vastgelegd. Die gegevens kreeg en krijgt de SDKB frequent. Iedere man of vrouw die zich als donor aanmeldt, moet zich identificeren en krijgt zowel een nationale als internationale donorcode. Zit deze persoon al in het systeem, dan wordt-ie geweigerd.’

    Nou, zo simpel is het niet, stelt de Stichting Donorgegevens: daarvoor is een wijziging van de Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting (Wdkb) nodig. Het voorstel daartoe wacht al maanden op behandeling in de Tweede Kamer en werd al meermaals uitgesteld. Op 8 september besloot het parlement tijdens een procedurevergadering dit voorstel nog niet te agenderen: liever wacht men een nota van wijziging af.

    Eerder zorgden rechtszaken, aangespannen door donorkinderen, voor vertraging. Het FIOM vindt het zorgelijk dat de behandeling van het wijzigingsvoorstel van de wet door de Tweede Kamer uitgesteld wordt. ‘Het wetsvoorstel wijzigt een aantal belangrijke zaken, zoals de mogelijkheid om toe te zien op het maximum aantal verwekkingen per donor na behandeling in een Nederlandse kliniek,’ schrijft de stichting in september.

    De Stichting Donorgegevens meldt dat zij pas na de wetswijziging het aantal nakomelingen per donor landelijk bij kan houden en proactief kan controleren. ‘Nu lukt controle op hoeveel nakomelingen een donor produceert alleen per kliniek’, laat een woordvoerder weten.

    **Scoringsdrift**

    Dat het twintig jaar moet duren eer de Stichting Donorgegevens alle klinieken en alle donoren kan controleren, duidt op onwil, meent Simons. ‘Klinieken hebben scoringsdrift,’ meent de gepensioneerde gynaecoloog. ‘Artsen denken aan het zwanger maken van vrouwen, maar niet aan de kinderen die worden geboren. Dat blijkt ook wel uit het feit dat niemand deze Jonathan heeft gevraagd waarom hij naar een kliniek 100 kilometer verderop ging. Dan moeten er alarmbellen afgaan. Maar er zijn wachtlijsten en wanhopige wensouders, die ‘moeten’ worden behandeld.’

    Is het opzetten van een nationaal systeem al een crime, een internationaal register van spermadonoren is nog veel verder weg. In het geval van massadonoren is dat een probleem: zij opereren vaak internationaal. Zo doneerde Jonathan ook tien keer bij de Deense spermabank Cryos, ook nadat klinieken in Nederland hem op een zwarte lijst hadden gezet.

    De Nederlandse autoriteiten en klinieken hebben buitenlandse spermabanken niet op de hoogte gebracht. Een vrouw herkende Jonathan op een profiel bij de grootste spermabank ter wereld, waar hij ingeschreven stond onder de naam Ruud. Ze herkende zijn foto’s en sloeg alarm bij de kliniek.

    Ook bij Cryos had Jonathan verklaard nog niet eerder te hebben gedoneerd. Cryos heeft alle ouders met een kind uit Jonathans zaad geïnformeerd. De kliniek laat weten dat Jonathans profiel is verwijderd en dat zijn zaad niet meer wordt gebruikt. Hoeveel kinderen uit sperma van Jonathan via Cryos zijn verwekt, is niet bekend. De kliniek liet alleen weten dat zijn zaad nooit is verkocht aan Nederlandse cliënten.

    **Privé-donaties**

    Jonathan doneert ook regelmatig privé. Via Facebook biedt hij zich onder verschillende profielen aan als spermadonor. Vrouwen op zoek naar een donor kunnen rond hun eisprong met hem afspreken. Hij vraagt slechts een reiskostenvergoeding. Het online vinden van een donor nam de afgelopen jaren een vlucht, met name in de Verenigde Staten.

    Een donor op een informele manier vinden is stukken goedkoper dan via een kliniek, waar zowel ontvanger als donor uitgebreid medisch worden onderzocht. Dat is volgens artsen ook direct het grootste risico van donoren in de privésfeer. Wettelijk is vastgelegd dat alle donorzaad eerst een half jaar in quarantaine moet. Pas als testuitslagen op infectieziektes na die periode goed zijn, mag het zaad worden gebruikt. Dit geldt voor donoren, maar ook voor wensouders met een eigen donor.

    De corona-pandemie zorgde voor een afname van donoren bij klinieken, terwijl de vraag groeide. De lange wachttijden bij klinieken hebben veel mensen met een kinderwens richting het internet gedreven. Inmiddels kunnen wensouders en donoren elkaar online al swipend vinden via speciale apps zoals Modamily en Just a Baby, of zoeken ze elkaar op in Facebook-groepen met tienduizenden leden.

    Hoeveel kinderen Jonathan inmiddels wereldwijd via klinieken en via privé-donaties heeft verwekt, is onbekend. Schattingen gaan van vijfhonderd tot boven de duizend. The New York Times, de Volkskrant en het Algemeen Dagblad schreven artikelen over hem, waarin moeders vertellen hoe deze seriële spermadonor hen belazerde. Tegen hen meldde Jonathan immers consequent een veel lager aantal nakomelingen te hebben.

    Het totale aantal ligt volgens Jonathan zelf inmiddels op ‘zo’n 350 kinderen’, zo schreef hij in juni op zijn afgeschermde Facebookprofiel. Het enige verwijt dat wensmoeders hem kunnen maken, vindt hij, is dat hij niet altijd helemaal eerlijk is geweest over die aantallen. Hij beweert dat klinieken waar hij zijn zaad doneerde, hem nooit hebben gevraagd of hij al elders had gedoneerd. ‘Ze waren dolblij met elke gezonde donor.’

    **‘Alleen maar helpen’**

    Jonathan is niet de enige actieve massadonor (of ‘superdonor’ zoals deze mannen in de Verenigde Staten worden genoemd). Om hoeveel mannen het gaat, is onbekend. Een deel van hen houdt contact en wisselt tips en ervaringen uit.

    Een van hen is de Engelse Simon Watson. Hij doneert al 22 jaar en stelde in 2018 meer dan achthonderd nakomelingen te hebben. Regelmatig plaatst hij op zijn Facebook-pagina foto’s van baby’s (soms meerderen per week) en positieve zwangerschapstesten, met begeleidende teksten als *‘Well done those mummies!*’

    De Britse Watson verdedigde de Nederlandse Jonathan keer op keer. Hij kent Jonathan als ‘een goed mens dat alleen maar wil helpen’. Jonathan en Watson beheren samen ook Facebook-groepen voor vrouwen op zoek naar een donor.

    Ook de Amerikaanse spermadonor Kyle Gordy, 30 jaar oud, kent Jonathan: ze hebben regelmatig contact, zegt hij. Gordy runt de Facebook-pagina Sperm Donation USA, een besloten Facebook-pagina met ruim 17.000 leden.

    Als ik hem via Facebook een vriendschapsverzoek stuur en uitleg dat ik hem als journalist een paar vragen wil stellen over privé-donoren, is hij bereid tot een telefoongesprek. Hij wil graag in een artikel verschijnen, want hij heeft begrepen van andere privé-donoren dat het een stroom nieuwe aanvragen oplevert. Ook als het artikel kritisch is.

  2. Eerlijk, dit is toch walgelijk… Je denkt als vrouw een kind te krijgen wat max 25 halfbroers/zussen heeft. Ongevraagd krijgt je kind er 100-en. Ondertussen kan een vrouw niet zomaar haar eitjes doneren (naast medisch ingewikkeld, ook legaal en financieel) , is draagmoederschap een ontzettend ingewikkeld proces (en niet zonder reden, let wel!)… En mannen zoals dit kunnen blijkbaar gewoon hun gang gaan. Heh???

  3. Vast een hot take, maar ik vind dit zo overtrokken. Zolang het donorprofiel volgens de waarheid aan de sollicitanten wordt weergegeven is er toch niets mis mee. Die kinderen die op zoek willen naar hun ‘vaders’ van spermabanken terwijl dat duidelijk niet de bedoeling is vind ik ook hoogst onbeleefd.

  4. Er is een interessante podcast met dit onderwerp.

    Over een vruchtbaarheidskliniek in Zuid Holland waar de arts een onbekend aantal vrouwen insemineerde met het huismerk zullen we maar zeggen..

    Ook werd een man aan het woord gelaten die via deze kliniek een groot aantal kinderen had verwekt.

    Een erg onderhoudende serie.

  5. Dit is ook een van de redenen (chill, uitleg komt) waarom ik mij had aangemeld als donor. De vraag is namelijk dusdanig hoog dat je dit soort excessieve onzin krijgt.

    Afijn, procedure was redelijk makkelijk en mensen waren wel aardig (behalve die ene trut van Arriva maar die had niets met het ziekenhuis te maken). Ze stellen wat vragen, ze nemen wat bloed af, je doet heel ongemakkelijk je ding in een hokje en niet veel later sta je 2 types lichaamssappen minder en als een hoer met €50 reiskostenvergoeding meer weer op de stoep.

    Bleek uiteindelijk dat mijn sperma niet goed genoeg in te vriezen was, iets wat bij ca. 50% van de mannen voor komt. Ik wist al dat die kans redelijk hoog was, en had me ook voorgenomen om het eerst te laten testen en dan zien of ik het ook *echt* zou doen. Ach ja, c’est la vie.

Leave a Reply