Als het misgaat bij een strafbeschikking, is er niemand die er wat van zegt

9 comments
  1. **Opinie**
    Als het misgaat bij een strafbeschikking, is er niemand die er wat van zegt
    **Rechtspraak** Een strafbeschikking is sneller en goedkoper dan een rechtszaak. Maar gaat ook te vaak ten koste van de verdachte, ziet Marijke Malsch.

    Sinds 2008 kunnen officier van justitie en politie bij delicten zelf een boete of andere afdoening opleggen, de strafbeschikking. Er komt geen rechter aan te pas, en de verdachte wordt vaak niet gehoord. Een groeiend deel van de zaken wordt met een strafbeschikking afgedaan, zo laten recente onderzoeken zien. Ook zware zaken, zoals ernstige gewelds- en zedendelicten. Soms gebeurt dat zelfs in zaken waarbij dat volgens de wet niet mag omdat ze te zwaar zijn. Maar het Openbaar Ministerie lijkt te vinden dat strafbeschikkingen de standaard moeten worden.

    De verdachte kan verzet instellen tegen een strafbeschikking, een soort hoger beroep. Dat doet een beperkt deel van de verdachten. Zonder verzet wordt de strafbeschikking ‘gewoon’ geïnd. Het instellen van verzet is erg voordelig voor de verdachte, zo blijkt uit recent onderzoek: de zaak wordt dan vaak alsnog geseponeerd, er volgt een vrijspraak, of de rechter legt een lagere straf op.

    Soms was er al vanaf het begin te weinig bewijs, maar werd tóch een strafbeschikking opgelegd, iets wat natuurlijk niet mag. Dat kan bij verzet aan het licht komen. Een deel van de zaken waarin verzet is ingesteld, gaat echter niet door naar de rechter. Na het ontvangen van een verzet kan het OM de zaak namelijk nogmaals beoordelen, en dan alsnog besluiten tot seponeren.

    **Niet openbaar**
    Bij strafbeschikkingen zijn er geen openbare zittingen. Pers en publiek kunnen de procedure dus niet controleren en nagaan of er genoeg bewijs is. Strafbeschikkingen worden niet gepubliceerd en je kunt ze ook niet opvragen. Er is een magere schriftelijke vastlegging die niet controleerbaar is voor de buitenwereld.

    Strafbeschikkingen hoeven niet gemotiveerd te worden. Geen van de eisen aan openbare rechtspraak geldt voor de strafbeschikking. Het is een voor de buitenwereld vrijwel volledig onzichtbare en niet-controleerbare afdoening. We weten heel weinig over de strafbeschikkingspraktijk, behalve als er via de media, individuele ervaringen of onderzoek iets over naar buiten komt. Zoals nu het geval is.

    Recent onderzoek onthult vele onzorgvuldigheden bij de strafbeschikking: ontbrekende stukken, verdachte niet aantoonbaar gewezen op advocaat, verslagjes over bewijs te summier, niet controleerbaar hoe OM tot schuldvaststelling komt, geen vertaling strafbeschikking terwijl dat wel moet, te hoge boetes voor minderjarigen, en in groeiend aantal zaken is het bewijs ontoereikend.

    Veel van deze onzorgvuldigheden gaan ten koste van de verdachte. De kans op een onterecht opgelegde strafbeschikking is daardoor aanzienlijk. Bij openbare zittingen voor een rechter zouden zoveel onzorgvuldigheden niet goed denkbaar zijn en veelal ook afgestraft worden. Maar de strafbeschikkingsprocedure is niet openbaar en nauwelijks toetsbaar. Er is dus vaak niemand die er wat van zegt.

    **Mager feitenonderzoek**
    Nederland gaat ver met zijn strafbeschikkingspraktijk, verder dan andere landen. In andere landen worden dit soort delicten vaker aan de rechter voorgelegd. Er wordt veel belang gehecht aan aanwezigheid van een advocaat. In buitenlands onderzoek wordt de vraag gesteld of verdachten wel voldoende overzicht hebben om in te stemmen met een afdoening buiten de rechter om. Misschien wordt er wel druk uitgeoefend op de verdachte om te bekennen en om akkoord te gaan? Begrijpt de verdachte wel de consequenties als hij instemt?

    Dit type empirische vragen krijgt in Nederland onvoldoende aandacht. Wordt een verdachte wel duidelijk genoeg verteld dat hij in verzet kan gaan? Begrijpt hij wat het belang is van een advocaat? Weet hij dat hij misschien geen baan meer kan krijgen als hij de strafbeschikking accepteert?

    De Nederlandse combinatie van ontbrekende openbaarheid, mager feitenonderzoek, onvolledige en oncontroleerbare verslaglegging, geringe betrokkenheid van advocaten, en een afwezige rechter kan leiden tot foutief opgelegde strafbeschikkingen. Het grote aantal vrijspraken in verzet – meer dan twee keer zoveel dan als zaken direct naar de rechter gaan – doet vermoeden dat dit inderdaad regelmatig voorkomt. Dit is niet wat de wetgever oorspronkelijk heeft bedoeld met een rechtsstatelijke strafprocedure.

    De strafbeschikking zou weer een uitzondering moeten zijn op de regel van openbare rechtspraak en zorgvuldige procedures voor een rechter. Nederland heeft onafhankelijke rechters waar we als burger bij terecht moeten kunnen. Dat heeft niet elk land, ook niet in Europa. Daar zouden we blij mee moeten zijn, in plaats van die steeds verder terug te dringen. De rechter verdient meer waardering.

  2. Slechte zaak natuurlijk, maar lastig om wat anders te doen als het OM zo onderbezet is en zo’n hoge werkdruk heeft.

  3. Dit hoort echt niet thuis in Nederland. Maar ook tekenend voor een overheid die lak heeft aan haar burgers. Echt smerig, die mentaliteit van uitvoerders. “Laat ze maar naar de rechter gaan als ze het niet eens zijn.”

  4. ‘De Nederlandse combinatie van ontbrekende openbaarheid, mager feitenonderzoek, onvolledige en oncontroleerbare verslaglegging, geringe betrokkenheid van advocaten, en een afwezige rechter kan leiden tot foutief opgelegde strafbeschikkingen. Het grote aantal vrijspraken in verzet – meer dan twee keer zoveel dan als zaken direct naar de rechter gaan – doet vermoeden dat dit inderdaad regelmatig voorkomt. Dit is niet wat de wetgever oorspronkelijk heeft bedoeld met een rechtsstatelijke strafprocedure.

    De strafbeschikking zou weer een uitzondering moeten zijn op de regel van openbare rechtspraak en zorgvuldige procedures voor een rechter.’

  5. Als je dit soort dingen leest, weer een bericht ziet over de Toeslagenaffaire of een ambtenaar die overstapt naar een commercieel bedrijf, de steeds groter wordende loonkloof…

    Heel eng. Orwell z’n boek 1984 was een waarschuwing, geen handboek, Mark.

  6. Op zich, voor mij, niks nieuws onder de zon. In het verkeersrecht, wat ik redelijk volg, wordt al jaren geadviseerd ALTIJD in bezwaar te gaan en te zorgen dat je bij een rechter komt. Het is gewoon bekend dat het OM een grote bende is en daarnaast, dat de OvJ, die jou probeert te veroordelen, altijd voor de maximaal haalbare straf gaat, waar een rechter gaat naar persoonlijke omstandigheden, impact, redelijkheid, etc. gaat kijken.

    In het kort gebeuren er een aantal dingen in het verkeersrecht op het moment dat iemand in beroep gaat, keuze uit, maar niet uitsluitend, onderstaande:

    – Het OM ziet zelf al in dat ze er een bende van hebben gemaakt en seponeert.

    – Het OM gaat voor het eerst inhoudelijk kijken (gebeurt niet vaak) en seponeert omdat ze zien dat ze geen zaak hebben.

    – Het OM zit niet te te wachten op jurisprudentie en seponeert (mooi voorbeeld daarvan zijn diverse zaken rondom parkeren in de berm, wat volgens het verdrag van Wenen nadrukkelijk is toegestaan en alleen kan worden verboden met een bordje E4 + onderbord uitgezonderd berm, maar in Nederland consequent wordt beboet).

    – De rechter matigt de straf omdat hij de zwaarst mogelijke straf, waar het OM standaard voor gaat, te zwaar vindt en dat niet past bij de omstandigheden. Bijvoorbeeld de standaard inhouding van het rijbewijs voor 2 maanden, waar de behandelingstijd voor de rechter vaak genoeg is (5-10 dagen).

    – De rechter en de OvJ buigen zich voor het eerst over de zaak, zien dat er geen zaak is en het bezwaar hout snijdt, dus vrijspraak.

    – Het duurt te lang, dus er wordt geseponeerd.

  7. Een week voordat de mondkapjesplicht werd afgeschaft werd mijn dochter in de metro door een BOA op de bon geslingerd omdat ze haar mondkapje naar beneden had gedaan (haar moeder belde).

    Er volgde een automatische veroordeling van de officier met de maximale boete, met de mededeling dat ze een strafblad zou krijgen als ze zou betalen. Op haar bezwaarschrift werd niet gereageerd. Bellen leidde tot niets. Daarna volgde al snel een deurwaarder.

    Ze had natuurlijk gewoon haar mondkapje moeten laten zitten, maar ik vond de hele gang van zaken kort door de bocht. Ook was onduidelijk wie er nou precies verantwoordelijk was. Het bezwaar moest naar een adres in een andere stad, maar als je daarnaartoe belde zeiden ze dat je de rechtbank in je eigen stad moest bellen. Daar zeiden ze dat de zaak hun niet bekend was… Uiteindelijk maar betaald om er vanaf te zijn, maar dat een officier zelf de strafmaat bepaalt en niet op een bezwaar reageert vind ik wel erg makkelijk.

Leave a Reply