Ter aanvulling op mijn post van gisteren: “De Tweede Wereldoorlog vanuit het perspectief van mijn opa: zijn ervaringen tijdens de Duitse inval op 10 mei 1940”

6 comments
  1. Lieve zuster,

    Je kaart heb ik zojuist ontvangen en gelukkig is bij jou alles goed.
    Zaterdagmiddag hebben 2 meisjes die uit Breda naar Oud-Beyerland gekomen waren en weer teruggingen bij ons aan de Tilb.weg voor mij bericht afgegeven. ‘s Zondags waren de meisjes weer in O. Beyerland en vertelden ze dat thuis alles in orde was voor zover ze hadden kunnen zien. Stukken waren er niet. Maar vermoedelijk zal je wel bericht van de Tilb. weg hebben.
    Wij hebben het hier in O. Beyerland niet slecht. We kunnen ons hier vrij door het dorp bewegen. Alleen hebben we erg weinig gerief. Maar volgens de geruchten zal het wel niet lang meer duren.
    Wat de oorlog betreft wil ik nog het volgende vertellen.

    Vrijdagmorgen 10 Mei werden wij in Roosendaal gealarmeerd. Op onze dienstfietsen gingen wij toen naar Willemstad. Daar kregen wij order naar Barendrecht te gaan. Wij waren blij, want we dachten dat wij het daar rustig zouden krijgen in Vesting Holland, niemand van ons wist dat de Duitse parachutetroepen het eiland beneden Rotterdam bezet hadden. Een paar k.m. voor de brug vertelden de burgers ons dat de hefbrug door de Duitsers bezet was. We zijn toen tot de brug opgerukt en hebben ons in de rivierdijk ingegraven. Daar hebben wij tot Maandagavond gezeten en zelfs een Duitse aanval met pantserwagens afgeslagen. Zelf hebben we tweemaal een stormaanval over de brug geprobeerd, maar de Duitse mitrailleurs gaven ons geen schijn van kans. En als verschillende Nederlandse officieren niet zulke parade officieren geweest waren dan hadden wij Maandag avond niet terug behoeven te gaan. Er lag nog een heel regiment op het eiland achter ons, maar geen enkele kapitein heeft de moed gehad zijn troep naar voren te commanderen om ons af te lossen of te versterken, geen schot hebben ze gelost.
    Van de 120 man die van ons voor de brug gelegen hebben zijn er een 15-tal gesneuveld en ongeveer 20 licht gewond.
    Gelukkig hebben de Duitse vliegtuigen onze troep niet aangevallen er was dan misschien geen man over gebleven.
    Ik zou nog veel meer kunnen vertellen maar dit zal wel genoeg zijn. Ik wens verder het beste en veel groeten van Herman.

    Tot ziens

  2. Ik heb *Het oorlogsdagboek van Fie Kruip* gelezen (helaas al niet meer nieuw te verkrijgen) en dat is een soortgelijk dagboek, waarin de hele oorlogstijd is beschreven. Dergelijke dagboeken zijn best intens.
    Heeft je opa wellicht de hele oorlog een dagboek bijgehouden? Zo ja, is er misschien wel interesse, zoals bij Fie Kruip, om het in boekvorm uit te gaan brengen door een lokale oudheidsvereniging.

  3. Aan de ene kant is het mooi dat wij dit na al die jaren kunnen nalezen, je kan het je niet inbeelden dat dat soort taferelen zich in onze lage landen afspeelden. Aan de andere kant is het beangstigend om te lezen, opnieuw onmogelijk in te beelden. Dank je dat je dit met ons deelt, en dank je dat je opa voor onze vrijheid heeft gevochten.

  4. Dank voor het delen, bijna niet te geloven.

    Van beide kanten hebben opa en oma actief de 2e wereld oorlog mee gemaakt. Beide kanten waren uiterst stil over wat er allemaal wel niet gebeurde. Van mijn ma’s kant waren de verhalen uiterst beperkt. Een verlies van een neef tijdens een vergeldingsactie en een oorlogstrouwerij met een apart diner (qua ingredienten).
    Van mijn pa’s kant sprak men met geen woord er over. Met wat prikken en graven er achter gekomen dat mijn pa’s pa te werk is gesteld in Polen. Dat is vast geen schoonheid geweest, dus ik snapte het zwijgen wel. Het enige wat mijn opa van vaders kant los liet was dat het enig goede wat hem de oorlog gebracht had zijn vrouw was. De omstandigheden zijn nooit toegelicht, maar aangezien mijn oma van Poolse komaf is, moet hij haar daar tegen t lijf gelopen zijn.

    De bizarre realisatie is dus dat ik mijn bestaan heb te danken aan deze ellende oorlogsperiode.

Leave a Reply