
Omgevingswet maakt bouwen makkelijker, maar dat kan ten koste gaan van inspraak van omwonenden: ‘Recht van de sterkste’
by surpator

Omgevingswet maakt bouwen makkelijker, maar dat kan ten koste gaan van inspraak van omwonenden: ‘Recht van de sterkste’
by surpator
6 comments
Goed. Maak een eind aan dat eeuwige NIMBY gezeur.
En de sterkste is dus diegene met het meeste geld. Het is dus wederom meer macht van het publiek (burgers, overheid) naar het kapitaal (bedrijven, projectontwikkelaren, quote500 lui).
Deregulatie, dus. Nog een staartje neoliberaal VVD beleid.
Eigenlijk een artikel dat net iets te vaag is over wat er exact veranderd om echt een duidelijk beeld te krijgen hoe het makkelijker wordt zou ik zeggen. Maar ok.
Over het WRR trouwens, die hadden dit opgeschreven in “Grip. Het maatschappelijk belang van persoonlijke controle”
>Een belangrijk nieuw element in de Omgevingswet is een verplichting om participatie te organiseren. Daaronder wordt verstaan: “het in een vroegtijdig stadium betrekken van belanghebbenden (burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en andere overheden) bij het proces van de besluitvorming over een project of activiteit.” Door deze nadruk op participatie van belanghebbenden vergroot de Omgevingswet in beginsel de mogelijkheden van burgers om invloed uit te oefenen op de fysieke leefomgeving. Toch is in de voorbereiding van de wet de nodige discussie hierover ontstaan. Centraal daarin staat de keuze van de regering om geen inhoudelijke voorwaarden te stellen aan de participatie. Het wordt aan bestuursorganen en private partijen zelf overgelaten hoe een en ander concreet vorm te geven, zodat de ruimte voor lokaal maatwerk maximaal is. Minimale participatievereisten zijn volgens de regering niet nodig, omdat de private initiatiefnemers en het bevoegde gezag er zelf belang bij hebben om te voorkomen dat in een latere fase juridische procedures ontstaan.
>
>Diverse critici zijn er echter niet van overtuigd dat burgers daadwerkelijk meer ruimte krijgen om invloed uit te oefenen op hun fysieke leefomgeving. De kritiek heeft onder meer betrekking op een te groot vertrouwen in initiatiefnemers, en op het gebrek aan kwaliteitsvereisten voor participatie, waardoor burgers zich juridisch nergens op kunnen beroepen als het gaat om de kwaliteit van burgerparticipatie. In 2016 schreef het SCP dat het getuigt “van veel optimisme, van weinig realiteitszin, of zelfs van naïviteit, om te veronderstellen dat overleg tussen partijen in de samenleving altijd tot eensgezindheid zal leiden”. Het SCP pleit vooral voor vroegtijdige ruimte voor burgers en andere belanghebbenden in de planontwikkeling en is er geen voorstander van de regie over het participatieproces bij de initiatiefnemers neer te leggen.
>
>Het onderwerp participatie keerde herhaaldelijk terug bij de parlementaire behandeling. Bij de behandeling in de Eerste Kamer is gepleit voor extra waarborgen die in termen van dit rapport de indirecte controle vergroten. In de aangenomen motie-Nooren c.s. wordt de regering verzocht in het Invoeringsbesluit Omgevingswet een regeling op te nemen die ervoor zorgt dat gemeenten, provincies en waterschappen de plicht krijgen om participatiebeleid op te stellen. Hierin dient te worden geregeld hoe participatie wordt vormgegeven en welke eisen daarbij gelden. De motie is deels uitgevoerd. Naar aanleiding van de motie-Nooren c.s. is vastgelegd dat bij het vaststellen van een waterschapsverordening of omgevingsverordening moet worden aangeven op welke wijze invulling is gegeven aan het lokale participatiebeleid. Er geldt dus een motiveringsplicht. Het op te stellen participatiebeleid is vormvrij; er gelden geen minimale eisen. Gemeenten, provincies en waterschappen mogen dus geheel zelf bepalen hoe zij hun eigen participatiebeleid vormgeven.
>
>Hoe kunnen we de nieuwe Omgevingswet duiden vanuit het perspectief van controle? Wederom is een (potentiële) verschuiving waarneembaar van de mogelijkheden voor controle. Een centrale ambitie van de wet is dat private initiatiefnemers meer ruimte krijgen om hun plannen te verwezenlijken en geen nodeloze vertraging hoeven op te lopen. Dat betekent per definitie meer controle voor deze groep. Maar waar winnaars zijn, zijn in de regel ook verliezers, in dit geval de belanghebbenden wier mogelijkheden tot controle over de fysieke leefomgeving de facto worden verminderd – of in ieder geval minder zijn dan zij zouden wensen. Op papier nemen weliswaar de mogelijkheden voor vroegtijdige participatie toe, maar vanwege het gebrek aan harde kwaliteitsvereisten, kunnen die een wassen neus blijken. Vooral burgers die niet goed zijn toegerust voor effectieve deelname in participatieve trajecten, zouden wel eens aan het kortste eind kunnen trekken. Veel hangt af van hoe gemeenten, provincies en waterschappen in de praktijk de participatie gaan invullen.
[Link naar het hele rapport](https://www.wrr.nl/publicaties/rapporten/2023/11/30/grip). Staat ook nog wat meer tussen maar dit stuk vertelt de kern van de boodschap wel.
We zullen het zien het komend jaar. Grootste wetgevingsoperatie van de laatste decennia.
En het begon allemaal met het uitgangspunt om de omgevingsparticipatie te verbeteren
Heerlijk dat ze die inspraak aan banden leggen. Kan me niet gouw genoeg gebeuren.
Praktisch elke keer als je een huis wil bouwen of een extra straat wil aanleggen komen er mensen klagen dat het “niet in het karakter van de wijk past”.
En dit is niet alleen bij woningen. Onze netbeheerders doen *gemiddeld* 8 tot 10 jaar over een nieuw transformatorstation. Daarvan is 2 jaar bouwen en 6 jaar lullen met de buurt.
Iedereen heeft het al over inspraak van “de burger” maar in werkelijkheid zit er altijd hetzelfde groepje blanke mannen van 60 a 70 die niks beters te doen hebben dan 20 brieven schrijven over van alles en nog wat.
Gewoon afschaffen die NIMBY onzin
Ik zie hier veel mensen klagen over dat wonongbouwprojecten worden tegengehouden door bezwaarprocedures. Dat is dus iets wat deze wet niet gaat oplossen. Wat er wel gaat gebeuren is dat er veel bouwlocaties zullen worden volgezet met zonneweides en distributiecentra.