Je bent al zo’n drie kwartier aan het rennen. Je raakt steeds vermoeider en je hart lijkt inmiddels wel uit je borst te bonzen. En dan voel je je ineens beter dan ooit. De pijn zakt weg. Je hoofd wordt stil. Alles om je heen lijkt ineens een stuk helder. Dit is de runner’s high.
Dat klinkt fantastisch. En ook lekker praktisch: als je je rot zou voelen na het sporten, zouden we het een stuk minder doen. Maar als het je ‘high’ laat voelen, is het dan wel gezond? Of werkt het net als drugs hartstikke verslavend, met alle gevolgen van dien? Dit zegt de wetenschap erover.
Wie ervaart zo’n high?
Voordat je meteen naar je opslag rent om je oude gympen tevoorschijn te toveren: niet iedereen die hardloopt of aan een andere duursport doet, herkent dit fenomeen. En als je al een van de gelukkigen bent, is het ook niet iets wat bij iedere work-out ontstaat.
Er spelen allerlei factoren een rol. Je genetische aanleg bijvoorbeeld, maar ook je conditie, slaapkwaliteit, psychische gesteldheid en verwachtingen. Daarnaast zijn sommige mensen gevoeliger voor de stoffen endorfine en anandamide, die tijdens inspanning vrijkomen, dan anderen.
Zo maken je hersenen je eigen drugs
Endorfine is een antistresshormoon en kan helpen pijn te onderdrukken. Vandaar dat je soms ‘door de pijn heen’ kunt rennen. Maar hoewel geen pijn hebben hartstikke fijn is, zorgt het niet voor dat euforische gevoel.
Daar zijn anandamiden verantwoordelijk voor. Een stof die deel uitmaakt van het zogenaamde ‘endocannabinoïdesysteem’. Die naam doet denken aan cannabis, en dat is niet voor niets: net als die drug is dit systeem betrokken bij het verminderen van angst, verzachten van pijn en oproepen van een gevoel van rust en welzijn.
Wanneer ben je verslaafd?
Terug naar de vraag van het begin: kan de runner’s high dan ook verslavend werken, net als drugs? Ja en nee. Anandamide is op zichzelf niet een verslavende stof, zoals nicotine dat bijvoorbeeld wel is. Onderzoek laat wel zien dat de stof waarschijnlijk wel een belonende werking heeft (waardoor je dus misschien eerder de sportschoenen aantrekt), maar het is niet zo dat er een afhankelijkheid ontstaat.
Toch kan in principe alles verslavend zijn. We kennen vooral voorbeelden als tabak, drugs en alcohol vanwege de verslavende stoffen die ze bevatten. Maar je kunt ook verslaafd raken aan gedrag. Denk maar aan gokken of gamen. Zelfs iets ogenschijnlijk onschuldigs als melk drinken kan een verslaving kan worden, of iets vreemds als plakband eten. Of: heel intensief sporten.
‘Te’ is nooit goed
Maar is het daarmee dan ook meteen ongezond? Dat is van een paar zaken afhankelijk. Sporten is in principe gezond. Regelmatige inspanning verlaagt je cholesterol, bloeddruk, gewicht en verkleint het risico op hart- en vaatziekten.
Maar zoals bijna alles in het leven is meer sporten niet altijd beter. Ook aan de gezondheidsvoordelen hiervan zit dus een grens. Ga je die over, dan wegen de voordelen niet meer op tegen de nadelen. Een probleem waar veel topsporters ook mee te maken hebben, zoals je in dit Quest-artikel kunt lezen.
High als onverwacht cadeautje
Ook speelt meer of je gesport thuis of op werk voor problemen zorgt. Als jij alle afspraken afzegt om steeds weer die runner’s high te proberen ervaren, is dat een teken dat deze high misschien voor jou iets meer is dan alleen een lekkere, gezonde roes.
Ben jij een hardloper? Zie de runner’s high dan vooral als onverwacht cadeautje. Je kunt het niet bestellen, niet afdwingen en al helemaal niet plannen. De ene dag zal je rondje gewoon een rondje zijn, de andere dag is het een gelukzalige mentale pauze. En daar is op zichzelf helemaal niets mis mee.
Myrte is een medisch bioloog en heeft de hele dag vragen. Over vreemde vogels of dubieuze dilemma’s, over breinbrekers of blije bijen: voor een goed verhaal mag je haar altijd wakker maken.
