Middeleeuwse boeken blijken meer te bewaren dan alleen tekst: in het perkament vonden onderzoekers het eeuwenoude DNA van een virus.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief! Ook elke dag vers het laatste wetenschapsnieuws in je inbox? Of elke week? Schrijf je hier in voor de nieuwsbrief!

Eeuwenoude manuscripten vertellen niet alleen verhalen met woorden: ook het materiaal waarvan ze zijn gemaakt kan informatie uit het verleden bewaren. Een internationaal onderzoeksteam heeft DNA van het schapenpokkenvirus gevonden in middeleeuws perkament. Samen met nog ouder virus-DNA afkomstig uit schapentanden levert dat een genetische geschiedenis op die minstens 3.700 jaar teruggaat. Het onderzoek is te vinden in Science Advances.

Financiële gevolgen

Het schapenpokkenvirus is een zeer besmettelijke ziekte die vooral gevaarlijk is voor schapen. Een uitbraak kan zich snel door een kudde verspreiden, waarbij vooral jonge dieren ernstig ziek worden en soms zelfs sterven. Ook kan de ziekte de productie van wol, melk en vlees sterk verminderen. Voor boeren kan een uitbraak daardoor grote financiële gevolgen hebben. Dat was duizenden jaren geleden waarschijnlijk niet anders.

De onderzoekers vonden het oudste genetische bewijs voor de ziekte in schapentanden uit de late bronstijd. Die tanden kwamen uit oude nederzettingen die in het huidige Kazachstan en Rusland te vinden zijn. De dieren leefden grofweg tussen 1.900 en 1.100 voor Christus. Daarmee staat vast dat het virus toen al rondging onder schapen op de Euraziatische steppe.

Maar misschien nog verrassender is waar onderzoekers jongere sporen van het virus aantroffen: in boeken. Veel middeleeuwse manuscripten werden geschreven op perkament. Dat materiaal werd gemaakt van dierenhuiden, bijvoorbeeld van schapen, geiten en kalveren. In zulke huiden kan eeuwenlang DNA bewaard blijven. Daardoor blijkt een perkamenten bladzijde niet alleen een drager van tekst, maar ook een soort van ‘biologisch archief’.

Oude genomen

Onder de onderzochte werken zaten bekende manuscripten zoals de ongeveer duizend jaar oude York Gospels en het Corpus Glossary, een van de eerste Engelstalige woordenboeken. In sommige boeken vonden de onderzoekers op meerdere bladzijden DNA van het schapenpokkenvirus. In totaal werden honderden monsters bekeken. Uiteindelijk vonden de onderzoekers zoveel positieve matches dat ze vervolgens een reeks oude virusgenomen konden samenstellen. Die genomen lijken een beetje op een blauwdruk van een gebouw: ze laten zien hoe een virus is opgebouwd en uit welke onderdelen.

“Dit onderzoek heeft ons beeld van het verleden van infectieziekten volledig veranderd,” zegt onderzoeker Louis L’Hôte van University College Dublin. “Met ons onderzoek laten we zien dat ook perkament het DNA van ziekteverwekkers kan bewaren.” Volgens hem is het daarom goed mogelijk dat bibliotheken en archieven vol zitten met soortgelijke sporen.

Leestip: 4000 jaar oude pestbacterie in schapenbotten werpt nieuw licht op verspreiding

Om zeker te weten dat het werkelijk om oud virus-DNA ging vergeleken de onderzoekers de gevonden stukjes DNA met het DNA van verschillende pokkenvirussen. Ook zochten ze naar beschadigingen die typerend zijn voor heel oud DNA. Daarna vergeleken ze de oude varianten met de modernere vormen van het virus. Zo konden ze een soort van ‘familiestamboom’ maken en volgen hoe het schapenpokkenvirus in de loop der tijd veranderde.

Daaruit kwam een opvallend beeld naar voren: het schapenpokkenvirus lijkt, genetisch gezien, voor een lange tijd behoorlijk stabiel te zijn gebleven. Belangrijke genen die bij moderne variaties van het schapenpokkenvirus niet meer werken bleken ook al uitgeschakeld te zijn in het oudste onderzochte materiaal uit de bronstijd. Dat wijst erop dat schapen zich mogelijk heel snel hebben aangepast aan de komst van het virus.

Unieke blik op het verleden

Een ander raadsel is dat onderzoekers ook DNA vonden op perkament dat van kalfs- en geitenhuid was gemaakt. Dat hoeft niet te betekenen dat die dieren besmet waren: het virus kan ook tijdens het maken van het perkament zijn overgedragen. Soms werden de huiden van verschillende diersoorten tegelijkertijd verwerkt en geweekt. Ook is het mogelijk dat er andere huiden werden gebruikt tijdens het maken of herstellen van boeken. De onderzoekers houden beide mogelijkheden daarom vooralsnog open.

Volgens onderzoeksleider Kevin Daly laat de vondst vooral zien hoeveel informatie oud perkament nog bevat. “We beginnen nu pas te begrijpen hoeveel van het verleden in het perkament zelf bewaard is gebleven,” zegt hij. “Dit onderzoek laat zien dat perkament niet alleen onze culturele geschiedenis bewaart, maar ook een beeld kan geven van dierziekten in de middeleeuwen.”

Dat maakt de ontdekking ook voor het heden interessant. Het schapenpokkenvirus veroorzaakt nog altijd veel economische schade. Zo’n unieke blik op het verleden kan wetenschappers helpen begrijpen hoe het virus zich aan zijn gastheer heeft aangepast en welke delen van het DNA nauwelijks veranderden. Tegelijkertijd biedt het onderzoek een nieuwe manier om naar historische collecties te kijken: een middeleeuws boek kan dus, naast woorden en illustraties, ook een verborgen verslag bevatten van de ziekten die dieren eeuwen geleden troffen.

We schreven vaker over dit onderwerp, lees bijvoorbeeld ook AI ontwerpt zestien echte virussen die bacteriën doden en Waarom het invasieve manenschaap zo gevaarlijk is voor dikhoornschapen . Of lees dit artikel: Je cellen bevatten een verrassend wapen tegen virussen .

Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast: !