Het was jarenlang zo’n beetje een publiek geheim dat niet zanger – en dus theoretisch frontman – Tom Meighan, maar gitarist Serge Pizzorno de drijvende kracht achter Kasabian was. In theorie zou het feit dat Meighan in 2020 uit de band gezet is en Pizzorno sindsdien de rol van zanger en frontman vervult dus niet zo’n aardverschuiving moeten zijn. Toch is Act III net als zijn twee voorgangers een bijzonder verwarrende en grotendeels vermoeiende plaat, al kent hij minder échte dieptepunten dan het hondsberoerde Happenings (2024).
Wel springt ook deze plaat weer van de hak op de tak, soms zelfs binnen de nummers zelf. Hippie Sunshine begint als een door dwarse synthesizers gedreven (poging tot) banger naar bekend Kasabian-recept, maar neemt halverwege opeens een volstrekt onnodige afslag richting piano-gedreven glamrock. Elders horen we gemoedelijke Britpop (Great Pretender), gierende hardrock (Hyper//Rising) en een mengeling van gitaargetokkel en elektronica die duidelijk héél graag euforisch wil zijn (Glide).
Het komt allemaal niet echt van de grond, al is deze plaat door zijn grote variatie aan stijlen en korte speelduur nog wel redelijk vermakelijk. Het eindresultaat klinkt vooral als een onsamenhangende playlist, waarop veel nummers je vooral aan betere artiesten zullen doen denken. Soms zelfs een beetje aan Kasabian.