Ruim 800 miljoen euro meer onroerende voorheffing

De cijfers tonen een duidelijke stijging van de totale opbrengst van de onroerende voorheffing. In 2020 bedroeg het netto ingekohierde bedrag 3.246.024.610 euro. In 2024 werd al 3,932 miljard euro ingekohierd en in 2025 kwam het totaal uit op 4,068 miljard euro. Ten opzichte van 2020 gaat het om een toename van 822.251.358 euro.

De onroerende voorheffing is een jaarlijkse Vlaamse belasting op onroerende goederen. Het uiteindelijke bedrag wordt onder meer bepaald door het geïndexeerde kadastraal inkomen en de opcentiemen van de provincie en gemeente.

Vooral gemeenten halen miljarden binnen

Het grootste deel van de opbrengst gaat niet naar het Vlaamse Gewest zelf, maar naar de lokale overheden. In 2025 bedroeg het gemeentelijke aandeel ruim 3,135 miljard euro. Het aandeel van de provincies kwam uit op ongeveer 585 miljoen euro, terwijl het Vlaamse Gewest bijna 348 miljoen euro ontving.

Dat betekent dat gemeentelijke en provinciale opcentiemen een belangrijk onderdeel vormen van het bedrag dat een eigenaar uiteindelijk op zijn aanslagbiljet ziet verschijnen. Daardoor kan de onroerende voorheffing sterk verschillen naargelang de plaats waar een woning of ander onroerend goed gelegen is.

Bijna 120 procent meer afbetalingsplannen

Tegelijk met de stijgende opbrengst valt een andere evolutie op: steeds meer mensen maken gebruik van een afbetalingsplan. In 2020 werden 9.449 aanvragen voor een afbetalingsplan ingewilligd. Daarna ging het aantal sterk omhoog. In 2023 werden 13.132 afbetalingsplannen toegekend, in 2024 17.008 en in 2025 maar liefst 20.763. Tussen 2020 en 2025 komt dat neer op een stijging van bijna 120 procent. De cijfers komen uit het antwoord van Vlaams minister van Financiën Ben Weyts (N-VA) op een schriftelijke vraag van Vlaams Parlementslid Anke Van dermeersch (Vlaams Belang).

Minister Ben Weyts plaatst daarbij wel een belangrijke nuance. Het aantal toegekende afbetalingsplannen blijft relatief beperkt tegenover het totale aantal aanslagbiljetten. In 2025 werden bijna 3 miljoen aanslagbiljetten voor de onroerende voorheffing verwerkt en bleef het aantal toegekende afbetalingsplannen volgens de minister ruim onder 1 procent daarvan.

Vlaams Belang klaagt fiscale druk op de eigen woning aan

Anke Van dermeersch, die de cijfers opvroeg, vindt dat de evolutie aanleiding geeft om de fiscale druk op vastgoed opnieuw te bekijken. Het Vlaams Belang stelt dat de eigen woning voor Vlaamse gezinnen steeds meer een fiscale last wordt en spreekt van een “fiscale melkkoe”.

Volgens Van dermeersch verdient de betaalbaarheid bijzondere aandacht bij gezinnen met een bescheiden inkomen, gepensioneerden en eigenaars die wel over een woning beschikken maar niet noodzakelijk over een hoog beschikbaar inkomen. Zij stelt dat een eigen woning volgens haar een beloning moet zijn voor werken, sparen en verantwoordelijkheid nemen en geen permanente fiscale last.

Wat als je de onroerende voorheffing niet kunt betalen?

Wie een aanslagbiljet ontvangt en het volledige bedrag niet tijdig kan betalen, kan onder bepaalde voorwaarden een afbetalingsplan aanvragen bij de Vlaamse Belastingdienst. Het gaat om een gunstmaatregel en niet om een automatisch recht. De belastingplichtige moet aantonen dat er sprake is van een moeilijke financiële situatie.

Een afbetalingsplan betekent bovendien niet dat er geen bijkomende kosten zijn. De Vlaamse Belastingdienst vermeldt dat ook bij een goedgekeurd afbetalingsplan nalatigheidsinteresten verschuldigd blijven. Die worden berekend vanaf de eerste dag van de maand die volgt op de uiterste betaaldatum.

Wie problemen verwacht met de betaling doet er daarom goed aan niet te wachten tot er verdere invorderingsstappen worden gezet. De Vlaamse overheid raadt aan tijdig een afbetalingsplan aan te vragen wanneer de belasting niet volledig kan worden betaald.