Niels Bastiaens

woensdag 18 maart 2026 om 17:30

Interview Wielerfans die nog eens willen wegdromen bij het iconische commentaar van Michel Wuyts (69), kunnen zaterdagmiddag bij de Vlaamse zender VTM terecht. Naast de E3 Saxo Classic is Milaan-San Remo een van de twee grote klassiekers die Wuyts dit voorjaar van commentaar mag voorzien aan de zijde van Kempenaar Jan Bakelants. Hoewel hij minder prominent in het wielermilieu aanwezig is dan vroeger, lijkt Wuyts nog lang niet uitgeblust.

Wie naar Wuyts luistert, krijgt een vat vol ervaring te horen. Zijn eerste Milaan-San Remo woonde hij bij in 1991, nadien was hij tot januari 2022 bij publieke omroep VRT te horen als vaste commentator van alle grote wedstrijden. Sinds Wuyts daar noodgedwongen moest vertrekken omdat hij de pensioenleeftijd was gepasseerd, kwam hij bij VTM terecht. “Hier heb ik misschien gevoelig minder koersdagen dan vroeger, maar dat doet niets af aan mijn ingesteldheid”, is Wuyts meteen duidelijk in gesprek met onze website.

“Ik ben zo professioneel ingesteld op mijn werk dat ik het niet kan toelaten dat de kijker er maar een grammetje van merkt dat ik tegenwoordig minder commentaar geef. Dat een kleiner pakket aan koersen minder motivatie zou geven? Schrap dat maar onmiddellijk. Zet in de plaats maar ‘ongeschonden motivatie’. Dat is voor een deeltje ook te wijten aan persoonlijke fierheid. Het is een erg prettig gevoel als je opstaat na een lange uitzending en kan zeggen: deze zat goed.”

Je legt de lat voor jezelf nog altijd hoog, Michel.
“Natuurlijk. Het is niet dat ik daar lang op voorhand nerveus van word, maar vrijdagavond ga ik wel weer lastiger inslapen. Zo’n rechtstreekse uitzending is toch nog altijd een soort… examen is misschien een groot woord, maar wel een tentamen. Maar eens die rechtstreekse uitzending bezig is, voel ik me weer als een luis op een kam. Ik ben op mijn qui-vive en zal naar goede gewoonte weer redelijk extreem voorbereid zijn.”

Hoe anders ziet zo’n voorbereiding eruit ten opzichte van een aantal jaar terug?
“Ik doe meer, veel meer. In de jaren dat ik nog een groter pakket had, kon ik al mijn voorbereidingen van Parijs-Nice en consorten meenemen richting een grote wedstrijd als Milaan-San Remo. Dan heb je al de helft van het contingent bestudeerd. Nu ga je daar quasi naakt in, hoewel ik enkele ritten in de UAE Tour en Ronde van Valencia heb mogen becommentariëren. Vergelijk het met de renners: die hebben ook graag al een koers in de benen om zich goed te voelen. Ik vul dat gat op door zelf heel veel te gaan opzoeken.”

Wuyts met Wout van Aert – foto: Fotopersburo Cor Vos

Wat ik niet hoor terugkomen: de fameuze ficheback met steekkaarten.
“Pas op, van in het begin van het seizoen houd ik nog altijd de uitslagen bij. De steekkaarten bestaan nog altijd. Maar in de jongste editie van Milaan-San Remo had ik ze zelfs niet meer ter plaatse. Het is sowieso fout om me volkomen tot die steekkaarten te reduceren. Ik betrapte me er ook al tijdens mijn Tour de Frances op dat ik aan het einde van de dag soms geen enkele fiche had vastgenomen. Of pas op het einde van een attractieve dag, als de rust een beetje was wedergekeerd tijdens de podiumceremonie.”

Is het een cadeau om een koers als Milaan-San Remo te mogen becommentariëren? Die wedstrijd staat nu niet meteen bekend om haar lange finale.
“Ik ga het heel brutaal stellen, maar in Milaan-San Remo maak je als commentator de koers. Vorig jaar was een uitzondering, maar in alle andere edities is het een kwestie van de ellenlange uitzending zelf zo boeiend mogelijk te maken. Het blijft de grootste uitdaging van het seizoen om daar een mooie uitzending van te maken. Dat is totaal anders in de Ronde van Vlaanderen, waar de renners de koers maken en je de bewegingen moet proberen volgen en inschatten.”

“Hier weet je dat je zult moeten openen met een groep van een tiental minder bekenden, waarbij ongetwijfeld een van de gebroeders Bais zal zitten, aangevuld met renners van de Italiaanse formaties en een aantal exoten. Met de situatie die daar ontstaat, een status quo, moet je het dan doen tot de Cipressa. Dan is het zaak om terug te koppelen naar je ervaring en de vele edities die je hebt gezien, maar ook de helikopter speelt een belangrijke rol. Daar moet je gebruik van maken.”

Het is bijna een tactiek die je hanteert.
“Dat is ook een beetje zo. Spreiden is voor mij het ordewoord. Met je informatie, met je verhalen en weetjes. Eigenlijk moet je pas overschakelen en je op het koersverloop gaan concentreren vanaf de Capo Mele. Vanaf dan kan elke beweging ertoe doen. Milaan-San Remo is de koers van de vuilnisbakken en er staan er wel eens een paar in de weg. Dus valpartijen zijn daar ook schering en inslag. Daar moet je kort op zitten, maar dat zal geen probleem zijn met Jan Bakelants naast mij. We vertrouwen elkaar intussen blind.”

Jan is een onafhankelijk, ervaren iemand met een mening en daarom een ideale commentator. Maar misschien zocht hij in zijn beginjaren te vaak de afwijkende mening op.
“Dat weet ik niet. Maar nu is hij veertig. Dan ga je milder zijn en dan vind je meer een evenwicht. Hij heeft daar ongetwijfeld zelf ook al over nagedacht, maar dat komt ergens ook automatisch. In Milaan-San Remo spreek je voor om en bij de 800.000 mensen. Dan kun je onmogelijk uitspraken doen die tot verstening leiden. Dan moet je alles een beetje kaderen. Ik zou niet zeggen dat je de zaken per sé softer moet voorstellen. Je moet wel kritisch blijven, maar het is geen plaats voor een afrekening.”

Collega Stijn Vlaeminck interviewt Wuyts – foto: Fotopersburo Cor Vos

Dat hij eerlijk is, kan ook een enorme sterkte voor Jan zijn.
“Zelfs als het gaat over zijn vriend Wout van Aert, durft Jan dat te doorprikken. Als Jan in eer en geweten vindt dat het niet goed genoeg is, dan zal hij altijd zeggen. Daarnaast is hij heel veelzijdig. Snij een willekeurig onderwerp op antenne aan met Jan, en hij pikt daarop in en kan daar informatie over spuien. Of dat nu over beurstransacties of een fietsenmerk gaat. We gaan nog maar een drietal jaar terug, maar de klik zit goed.”

Hoe diep zit je zelf nog in de koers, behalve je werkzaamheden als commentator bij VTM?
“Ik ben bezig met het schrijven van verhalen. Ik zal nog een paar keer in de podcast van HLN gaan zitten. Links en rechts doe ik nog voordrachten, en ik word ook gevraagd door WielerFlits voor een interview (lacht).”

Vorig jaar heette de DPG-podcast nog ‘Wuyts en Vlaeminck’, nu ben je niet eens meer vaste gast. Zet je zelf die stap terug?
“Nee, men gaat op zoek naar verjonging. En je kan moeilijk een vent van 69 gebruiken als argument voor verjonging (lacht). Ik vind zelf dat ik bij die vijf gasten ook mijn plaats had gehad, maar er is mij gezegd dat ik nu en dan zal worden opgeroepen, dus daar wacht ik op. Wat mijn werk als hoofdcommentator betreft, ben ik afhankelijk van hoe ik beoordeeld word. Als je de kaap van de 70 jaar rondt, dan ga je nadenken. Maar ik betrap me er nog vaak op – zelfs nu – dat ik er meer mee bezig ben dan ik wil toegeven.”

Dus jij zegt: ik wil nog een tijdje door?
“Dat hangt voor een deel ook van de veranderingen in het peloton af. Ik merk dat er een grote golf aan nieuwkomers is. Dat vergt veel studiewerk, waar ik nog altijd gemotiveerd voor ben. Maar op het moment dat je merkt dat je 60% van het pakket van 180 renners niet meer herkent, dan moet je de eer aan jezelf houden. Ik wil het gewoon heel goed doen, dat wel, en ik ben nog altijd blij met datgene wat me aangeboden wordt.”