Het slot van Milaan-Sanremo wordt wel eens bestempeld als het mooiste halfuurtje van het wielerseizoen, maar kom daarmee niet direct aan bij de mannen in het peloton. Richting de voet van de laatste beklimmingen wordt er namelijk al lange tijd een strijd in de strijd gestreden. In de Leiderstrui peilde vrijdag in Pavia hoe het is om door de mooie dorpjes aan de Ligurische kust te koersen met een op hol geslagen peloton.Nederlands kampioen Danny van Poppel – residerend in Monaco, een uurtje fietsen van Sanremo – gaat zaterdag beginnen aan zijn negende Milaan-Sanremo. ‘Op papier moet het een goede wedstrijd zijn voor mij, maar
ik was hier nooit goed. Het is de laatste twee jaar zo anders geworden’, concludeert de sprinter met toch de nodige inhoud.

‘In het
peloton gaat het rond dat ze de Cipressa meer dan één minuut sneller rijden dan
enkele jaren geleden. Het wordt steeds meer een klimkoers. Wij hebben Primoz
Roglic en Giulio Pellizzari mee en uiteindelijk komt dat vooral door Pogi, die hier wil winnen.’ Dat we de olifant in de kamer maar benoemd hebben…

Lees verder onder de foto!

danny-van-poppel

Danny van Poppel: knecht in Milaan-Sanremo

‘Als je beneden komt, gaan ze toch altijd weer plassen’

Starten doen we al drie jaar niet meer in Milaan, maar in het iets zuidelijker gelegen stadje Pavia. Vanuit die plek worden de coureurs de Povlakte ingestuurd. Dat gaat tot over de Passo del Turchino in zuidelijke-westelijke richting, alvorens we na 153 kilometer in Voltri de kustlijn gaan volgen in westelijke richting.

‘Het is dan al heel zenuwachtig’, beaamt Tudor-outsider Rick Pluimers. ‘Je moet de Turchino over en dan
wordt het in de afdaling al hectisch, want daar wil niemand te ver van achteren
zitten. Dan loop je het risico dat het op een lint komt te hangen en je een flinke
inspanning moet doen om terug te komen. Anderzijds: altijd als je beneden komt,
gaan ze toch weer plassen… het is altijd hetzelfde’, lacht hij.

‘Dan kom je beneden en is het nog 140 kilometer, maar dan
begint de stress al volop’, gaat de Nederlandwr verder. ‘Je gaat door al die dorpjes langs de kust, waar het chaos is
met alle rotondes, verkeersmeubilair en dergelijke. Je zit daar in de focus, maar
het doet altijd eigenlijk al best wel zeer. Na de finish vergeet je dat, maar
het gaat daar al supersnel.’

‘Die kilometers zijn heel hectisch, want al die dorpjes en weggetjes aan
die kustweg lijken ook op elkaar. Juist daarom wordt het zo chaotisch, want iedereen denkt: we zijn er al’, aldus Van Poppel, die vaker in deze regio gaat trainen.

Lees verder onder de foto.

sanremo-2

Na circa 150 kilometer bereiken de renners de kust.

‘Eerst wilden helpers Cipressa overleven, nu niet meer’

‘Op de Capi wordt er vervolgens ook altijd hard gereden, dus
daar moet je ook in positie zitten. Richting de Cipressa komt daar dan een
lead-out voor een massasprint bovenop, en dan begint het pas eigenlijk’, aldus Pluimers. Van Poppel vindt het soms wat overdreven. ‘Het is heel nerveus, maar als je het mij
vraagt? Als je top veertig zit voor de Cipressa, is het ook prima als outsider.’

Tomas Kopecky krijgt bij Unibet Rose Rockets al een tijdje de rol van wegkapitein en neemt die taak ook op zich in de eerste Milaan-Sanremo van de ploeg. ‘Voor de buitenwereld lijkt het misschien niet altijd zo,
maar in heel veel koersen heb je die verschillende cruciale momenten. Dat is
altijd hectisch, maar vooral in de klassiekers.’

‘Als je vaker in die situatie zit, vind je voor jezelf een
soort rust in de chaos. Gecontroleerde paniek, door wel te blijven nadenken en
vast te houden aan de tactiek’. duidt hij. ‘Het is heel verleidelijk om constant te pushen,
maar uiteindelijk opent het altijd wel ergens. Maar richting de Cipressa moet
je ook niet teveel in efforts denken, daar moet je gewoon vreselijk goed zijn.
Mijn finish ligt daar en ik zie wel hoe ver ik daarna kan komen.’

‘Dat is het verschil: eerst werd er in de bus verteld dat helpers de Cipressa konden overleven en zo nog richting de Poggio wat konden betekenen, maar nu zit dat er niet meer in’, duidt Van Poppel. Om met de woorden van Florian Vermeersch, toch de nummer twee van de Omloop, te spreken: ‘Mijn job is vooral de Capi en de jongens goed afzetten bij
de Cipressa. Dat is een heel belangrijke taak en ik ben blij dat ik die voor
mijn rekening mag nemen bij deze ploeg.’

Lees verder onder de foto!

cipressa-2

Cipressa: het ijkpunt in Milaan-Sanremo.

‘Het gaat vaak goed in Milaan-Sanremo’

Als die positionering eenmaal daar is, kunnen de remmen los. Pluimers kan het weten: hij draaide de Cipressa in 2025 perfect op. ‘‘Ik zat daar in goede positie, als vijfde. En ik weet nog dat
het goed veel zeer deed. Op het moment dat ik explodeerde, gingen Pogacar en Van der Poel pas. Dat
was best wel impressionant om te zien.’

‘Aan de andere kant: het waren er toch
maar twee of drie en daarachter zat alles best dicht bij elkaar. Aan de rest om
te proberen erbij te blijven’, zegt Pluimers. Mike Teunissen, vorig jaar elfde, vult aan: ‘Het zijn de mannen met het meeste talent, die ook nog eens
geen fouten maken. Ze weten wat ze moeten doen, hoe ze zich moeten soigneren en
voorbereiden en doen alles goed.’

Als je dit allemaal zo leest: hoe kan het dan dat Milaan-Sanremo niet direct bekendstaat om grote valpartijen, zoals we die in De Ronde, Roubaix en ook pakweg een Omloop de laatste jaren wel zien? ‘Het gaat inderdaad vaak goed, maar er wordt elk jaar ook wel gevallen.
Dat weet ik, want ik ben twee jaar geleden net voor de Cipressa gevallen’, aldus Pluimers.

Als u tot hier bent gekomen, nog een Milaan-Sanremo-samenvatting vanuit Teunissen. ‘Klein beetje stress voor de Turchino, maar niet al teveel.
Dan het jasje uitdoen en jezelf voorbereiden op de drag race en die beklimmingen over, om voor een goed resultaat te gaan. Het is elk jaar hetzelfde.’