Als je coeliakie hebt, kan zelfs een kleine hoeveelheid ongemerkt schade aanrichten aan je darmen. Veel mensen piekeren daarom continu, zelfs over intieme momenten. Want wat als je partner net een boterham heeft gegeten en je vervolgens kust? Een nieuw onderzoek heeft die vraag nu eindelijk onderzocht.

Coeliakie, in de volksmond vaak bekend als glutenallergie, is een aandoening waarbij het immuunsysteem kan ontsporen bij contact met gluten. Dat eiwit zit in granen als tarwe, gerst en rogge. Het lichaam beschouwt het onterecht als een bedreiging en richt zich vervolgens tegen de eigen darmwand.

Daardoor slijt de binnenkant van de dunne darm geleidelijk, waardoor het lichaam steeds moeilijker voedingsstoffen kan opnemen. Wie de diagnose krijgt, moet voor de rest van zijn leven elk spoortje gluten op zijn bord vermijden. Die constante alertheid weegt op de psyche van patiënten: onderzoek toont aan dat veel patiënten kampen met stress en dat sommigen restaurants, feestjes of afspraakjes links laten liggen uit vrees voor ongewilde blootstelling.

Tien koppels, twintig kussen

Voor het experiment werden tien koppels gerekruteerd waarbij steeds één partner coeliakie had en de ander niet. De partner zonder coeliakie kreeg een portie hartige crackers te eten en kuste nadien de ander. Er waren twee varianten van dit experiment: bij de ene wachtte het koppel na het eten vijf minuten alvorens te kussen, bij de andere nam de crackeretende partner eerst enkele slokken water en werd er onmiddellijk daarna gekust. Telkens werd na de kus een speekselstaal van de partner met coeliakie onder de loep genomen.

In negen van de tien gevallen in het eerste scenario zat het speeksel van de partner met coeliakie onder de grens van 20 deeltjes per miljoen. Dat is de maatstaf die internationaal gehanteerd wordt voor glutenvrije voeding. Bij de twee overige kussen ging het om waarden die die grens slechts nipt overschreden.

Zelfs dan was de totale hoeveelheid gluten die werd overgedragen klein, maar niet helemaal verwaarloosbaar. “Hoeveelheden boven deze drempel kunnen, als ze herhaaldelijk worden ingenomen, leiden tot darmschade. We denken echter niet dat er een risico op schade is bij een eenmalige blootstelling”, vertelt hoofdonderzoeker Anne Roland Lee aan Scientias.nl. Het risico is dus niet nul, maar wel zo klein dat het in het dagelijks leven waarschijnlijk zelden tot problemen gaat leiden.

Kijktip: Deze machine meet welke invloed gluten en vezels hebben | Video

Een slok water volstaat

Wanneer de niet-coeliakie-partner eerst water dronk, waren de resultaten nog geruststellender. Bij dit scenario werd de veilige grens in geen enkel geval overschreden. Sterker nog: bij meer dan de helft van de stalen was er geen enkel meetbaar spoor van gluten meer aanwezig. “We denken dat het drinken van een kleine hoeveelheid water eventuele resterende gluten wegspoelt en zo de mogelijke blootstelling vermindert”, zegt Lee.

Het onderzoek is wel aan een kanttekening toe: de steekproef was met tien koppels klein. Lee erkent dat, maar verdedigt de studie. “De koppels verschilden in leeftijd, tijd sinds diagnose en burgerlijke staat. We denken dat dit ons toch een goed inzicht geeft in het potentiële risico op blootstelling aan gluten.”

Geruststelling als doel

Lee en haar collega’s besloten deze studie naar eigen zeggen uit te voeren omdat ze merkten dat hun patiënten gebukt gingen onder een angst waarvoor geen enkele wetenschappelijke onderbouwing bestond. “Veel van onze patiënten uitten bezorgdheid en verhoogde angst over dit mogelijke risico, zonder wetenschappelijk bewijs. Daarom vonden we het nodig om deze studie uit te voeren.” Lee en haar collega’s willen nu vervolgonderzoek doen.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief! Ook elke dag vers het laatste wetenschapsnieuws in je inbox? Of elke week? Schrijf je hier in voor de nieuwsbrief!

Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast:

!