donderdag 7 mei 2026 om 07:20

In de Giro d’Italia staat de strijd om de roze trui centraal, maar elk jaar is ook het gevecht om de blauwe bergtrui zeer interessant om te volgen. De Italiaanse ronde staat garant voor spektakel en vaak mogen vluchters strijden om ritzeges. Het bergklassement komt dan automatisch om de hoek kijken. Of gaat een klassementsrenner naar huis met de Maglia Azzura? WielerFlits blikt vooruit.

Historie

Laatste tien winnaars bergklassement Giro d’Italia
2025: flag-it Lorenzo Fortunato
2024: flag-si Tadej Pogacar
2023: flag-fr Thibaut Pinot
2022: flag-nl Koen Bouwman
2021: flag-fr Geoffrey Bouchard
2020: flag-pt Ruben Guerreiro
2019: flag-it Giulio Ciccone
2018: flag-gb Chris Froome
2017: flag-es Mikel Landa
2016: flag-es Mikel Nieve

Puntentelling

Punten verdienen voor het bergklassement is vrij simpel. Je verdient punten bij de doorkomsten op de toppen van heuvels en bergen. Het aantal punten dat je kunt verzamelen op de top, is afhankelijk van de categorie van de heuvel of berg. Die categorie wordt dan weer bepaald aan de hand van de lengte en zwaarte van de betreffende beklimmingen.

De Cima Coppi – het hoogste punt van de ronde – is dit jaar de Passo Giau. De top van deze klim, die beklommen wordt in de twintigste etappe, ligt op 2.233 meter boven zeeniveau. Hier zijn maar liefst 50 punten te verdienen. Een belangrijk punt voor het bergklassement, met andere woorden. Maar dat zijn de beklimmingen van de eerste categorie waar gefinisht wordt ook. Wie wint op Blockhaus, Corno alle Scale, Pila, Carì of Piancavallo, mag eveneens 50 bergpunten bijschrijven op zijn conto.

Op de andere vier beklimmingen van de eerste categorie zijn maximaal veertig punten te verdienen. Verder zijn er twaalf beklimmingen van tweede categorie (max. 18 punten), negentien beklimmingen van derde categorie (max. 9 punten) en acht beklimmingen van vierde categorie (max. 3 punten). Dat betekent dat er in totaal 49 gecategoriseerde klimmen en heuvels zijn opgenomen in het parcours. Dat zijn er zeven minder dan tijdens de Giro van 2025.

flag-it Cima Coppi
Passo Giau (etappe 19)

50 – 30 – 20 – 14 – 10 – 6 – 4 – 2 – 1 punten voor de eerste negen renners

flag-it Beklimmingen van 1e categorie
Blockhaus (etappe 7), Corno alle Scale (9), Saint-Barthélémy (14), Lin Noir (14), Pila (14), Carì (16), Passo Duran (19), Piancavallo #1 (20), Piancavallo #2 (20)

50 – 24 – 16 – 9 – 10 – 6 – 4 – 2 – 1 punten voor de eerste acht renners (aankomsten bergop: Blockhaus, Corno alle Scale, Pila, Carì, Piancavallo)
40 – 18 – 12 – 9 – 6 – 4 – 2 – 1 punten voor de eerste acht renners

flag-it Beklimmingen van 2e categorie
Borovsets Pass (etappe 3), Cozzo Tunno (4), Montagna Grande di Viggiano (5), Roccaraso (7), Colle di Guaitarola (11), Verrogne (14), Leontica (16), Leontica #2 (16), Coi (19), Forcella Staulanza (19), Passo Fazarego (19), Piani di Pezzè (19)

18 – 8 – 6 – 4 – 2 – 1 punten voor de eerste zes renners

flag-it Beklimmingen van 3e categorie
Byala Pass (etappe 2), Vratnik Pass (2), Lyaskovets Monastery Pass (3), Prestieri (5), Montefiore D’Aso (8), Querciola (9), Passo del Termine (11), Colla del Scioli (11), Colle Giovo (12), Bric Berton (12), Ungiasca (13), Doues (14), Torre (16), Torre #2 (16), Passo del Tre Termini (17), Cocca di Lodrino (17), Andalo-Lever (17), Fastro (18), Clauzetto (20)

9 – 4 – 2 – 1 punten voor de eerste vier renners

flag-it Beklimmingen van 4e categorie
Cape Agalina (etappe 1), Cape Agelina #2 (1), Cava De’Tirreni (6), Monterubbiano (8), Capodarco (8), Fermo (8), Bieno (13), Muro di Ca’Del Poggio (18)

3 – 2 – 1 punten voor de eerste drie renners

Favorieten

De winnaar van het bergklassement in een grote ronde is vaak lastig te voorspellen. Slechts een enkeling heeft vanaf de start de bergtrui als doel; bijna niemand spreekt die ambitie ook uit. In veel gevallen rolt een renner erin. Hij wint een bergrit, pakt zo een sloot bergpunten en besluit er dan maar voor te gaan. Meer dan eens is dit een klassementsrenner, die door pech of een slechte eerste week het geweer van schouder heeft moeten veranderen.

Jonas Vingegaard – foto: Fotopersburo Cor Vos

In andere gevallen maakt een klassementsrenner helemaal geen nieuwe plannen, maar wint hij de bergtrui toch – door pure dominantie. Zo bracht Giro-winnaar Tadej Pogacar het blauw twee jaar terug bijna ‘per ongeluk’ naar Rome. Het is niet ondenkbaar dat we dit jaar iets vergelijkbaars gaan zien. Met Jonas Vingegaard staat immers weer een potentiële alleenheerser aan de start. De kopman van Visma | Lease a Bike – dit jaar al winnaar van Parijs-Nice en de Ronde van Catalonië – kent normaalgesproken zijn gelijke niet als klimmer.

Het Giro-parcours oogt weliswaar iets minder zwaar dan de voorbije jaren, maar er zijn juist relatief veel aankomsten bergop waar Vingegaard toe kan slaan. Zes in totaal, vijf op een klim van de eerste categorie. De vraag is wel of de Deen net zo eergierig is als de onverzadigbare Pogacar, die in 2024 maar liefst vijf bergetappes won. Met het oog op de Tour de France is het misschien verstandiger om soms wat te sparen.

Giulio Ciccone – foto: Fotopersburo Cor Vos

Voor Vingegaard zal een eventuele bergtrui bijvangst zijn, voor andere renners is het een hoofdprijs. Vraag het maar aan Lorenzo Fortunato. De Italiaan van XDS Astana ging vorig jaar vol voor het bergklassement en wist zo zijn droom waar te maken: hij bracht het blauw naar Rome. Dit jaar is hij er echter niet bij. Fortunato neemt na een druk voorjaar even rust om in de Dauphiné zijn seizoen te hervatten.

Wie treedt in Fortunato’s voetsporen en probeert via de aanval het blauw te veroveren? Giulio Ciccone heeft in ieder geval die ambitie. De 31-jarige renner van Lidl-Trek ging jarenlang voor een klassement in een grote ronde, maar reed nimmer top-tien. Inmiddels heeft hij de focus verlegt: hij wil vooral de extase van een ritzege. “Je armen in de lucht steken is echt tienduizend keer mooier dan mikken op een klassement”, zei hij eind 2025 in de Cycling Podcast.

Ciccone voegde daaraan toe dat hij zich wél blijft richten op bergklassementen. “Als ik moest kiezen tussen een tweede of derde plaats in een grote ronde of de bolletjestrui, dan is de keuze snel gemaakt”, aldus de explosieve klimmer, die weet hoe het is om bergkoning te worden. Hij won immers in zowel de Giro (2019) als de Tour (2023) al eens de bergtrui.

Maar hoe zit het met zijn vorm? Ciccone is misschien niet zo goed als vorig jaar in deze periode – toen hij tweede werd in Luik-Bastenaken-Luik en tot een val wél lang meedeed in het algemeen klassement van de Giro – maar hij is wel degelijk in orde. Onlangs won hij nog het bergklassement in de Ronde van Catalonië. Een voorbode?

Jay Vine – foto: Fotopersburo Cor Vos

Jay Vine stapte uit diezelfde Ronde van Catalonië na een val in de derde etappe. Die opgave was extra zuur omdat de Australiër zijn eerste wedstrijd reed na een revalidatie van twee maanden. Vine was in de Santos Tour Down Under (die hij overigens wel won) namelijk op een kangoeroe gebotst, waarbij hij zijn linkerpols brak. Na zijn val in Catalonië leek de schade mee te vallen, maar van een ideale voorbereiding op de Giro kunnen we in ieder geval niet spreken.

Niettemin blijft Vine een gevaarlijke klant voor de bergtrui. Want de 30-jarige renner van UAE Emirates XRG mag dan een ontzettende brokkenpiloot zijn, hard fietsen kan hij wel degelijk – zeker als het bergop gaat. De voorbij twee jaar won hij dan ook het bergklassement in de Vuelta a España. Volgt nu de blauwe trui in de Giro?

De afwezigheid van Joao Almeida speelt alvast in zijn voordeel. Hoewel bij UAE sowieso veel vrijheid is om voor eigen kansen te rijden (tenzij Pogacar start), hoeft Vine nu nog minder rekening te houden met ploegbelangen. Tenzij Adam Yates plots toch meestrijdt voor het roze uiteraard.

Wout Poels – foto: Fotopersburo Cor Vos

Met zo’n scenario hoeft Wout Poels helemaal geen rekening te houden. De 38-jarige Limburger is de beste klimmer bij Unibet Rose Rockets, dat zonder klassementsambities debuteert in de Giro. Poels zelf zal vooral mikken op een rit, want dan vervolledigt hij de trilogie, nadat hij al won in de Tour en Vuelta. De blauwe trui kan een bijkomend doel worden.

Poels zal dan wel een stapje moeten zetten ten opzichte van de eerste maanden van 2026. Hij presteerde zeker niet slecht, maar had ook nog niet de benen van zijn beste dagen. Een twaalfde plek in Milaan-Turijn was voorlopig zijn meest in het oog springende resultaat. Kan hij na een hoogtestage weer het niveau van 2023 aantikken, toen hij excelleerde als rittenkaper?

Marc Soler – foto: Fotopersburo Cor Vos

Gaan we ongetwijfeld ook veel in de aanval zien: Christian Scaroni. De Italiaan van XDS Astana is geen pure klimmer, maar won vorig jaar wel een van de zwaarste etappes van de Giro – zij het met de gunst van ploegmaatje Fortunato. Terwijl die laatste de blauwe trui naar Rome bracht, eindigde Scaroni als tweede in deze rangschikking. Met zijn huidige vorm – Scaroni werd recent nog achtste in Luik-Bastenaken-Luik – moet hij ook nu weer een rol kunnen spelen in het bergklassement.

Grote kans dat Scaroni meermaals in een kopgroep belandt met Marc Soler. De Spanjaard wint bijna jaarlijks een zware rit in de Vuelta a España en gaat nu hetzelfde proberen in de Giro d’Italia, die hij in 2021 één keer eerder reed. In de voorbije Ronde van het Baskenland gaf Soler alvast een voorproefje van zijn plannen: hij koos veelvuldig het offensief en eindigde daardoor ook als tweede in het bergklassement, achter Paul Seixas.

We noteren in deze aanvallerscategorie ook nog de namen van Einer Rubio, Alessandro Pinarello, Filippo Zana en Damiano Caruso, die al heeft aangegeven op dagsucces in de bergen te mikken en dus niet voor het algemeen klassement gaat.

Giulio Pellizzari – foto: Fotopersburo Cor Vos

Nog even terug naar de renners die wel voor een klassement gaan. Naast Vingegaard zijn er nog een paar van hen die we opschrijven voor de blauwe trui. We zien deze coureurs niet meteen domineren á la Pogacar in 2024, maar dat betekent niet dat het onmogelijk is om het bergklassement te winnen.

Giulio Pellizzari zou zich bijvoorbeeld goed kunnen positioneren als tweede klimmer (achter Vingegaard) en wél een nevendoel van het blauw kunnen maken. De Italiaan focust zich vooral op het roze, maar zal het niet nalaten om onderweg wat punten te sprokkelen. Zolang het niet teveel energie kost uiteraard. In 2024 ging Pellizzari trouwens al voor het bergklassement, met een tweede plek als resultaat. Hij ziet de waarde van de trui dus zeker in.

Net als Pellizzari mikt Thymen Arensman in eerste instantie op een topklassering in het algemeen klassement. Terecht, als je kijkt naar het toch wat magere deelnemersveld en zijn eigen kwaliteiten als ronderenner. Hij eindigde onlangs als derde in de Tour of the Alps en werd al twee keer zesde in de Giro.

Thymen Arensman – foto: Fotopersburo Cor Vos

Maar we hebben in de Tour de France van vorig jaar ook de rittenkaper Arensman aan het werk gezien. De Nederlander schreef toen twee bergetappes op zijn naam, waardoor hij bovendien vierde werd in de strijd om de bolletjestrui. Als hij deze Giro onverhoopt uit het klassement dondert – zoals vorig jaar al vroeg gebeurde – kan hij het wellicht weer over die aanvallende boeg gooien. De blauwe trui is dan een mooi en realistisch doel.

Het zou wel zo kunnen zijn dat Arensman in zo’n scenario vooral zijn INEOS-ploegmaat Egan Bernal gaat helpen. Laatstgenoemde rekenen we trouwens ook tot de klassementsrenners die op den duur een doel kunnen maken van de bergtrui.

In dit rijtje zetten we verder: Jai Hindley, Derek Gee-West, Santiago Buitrago, Enric Mas, Javier Romo, Adam Yates, Ben O’Connor, Mathys Rondel, Michael Storer en Felix Gall. Storer won in 2021 al eens de bergtrui in de Vuelta, Gall eindigde in 2023 als tweede in het bergklassement van de Tour.