Eser is een 23-jarige student Mechatronics die naast zijn opleiding parttime bij het Eindhovense biomedische start-upbedrijf SpaceBorn United (SBU) werkt. Hij is ook vrijwilliger bij het studententeam Aster in Space van de Technische Universiteit Eindhoven. Het team werkte al samen met SBU, maar dankzij Sazli gaan de partijen nu ook samen aan de slag om over minimaal tweeënhalf jaar een satelliet met een mini-IVF-laboratorium de ruimte in te sturen.
Dat is volgens Sazli uniek. Ze gaan proberen de eerste bevruchting van zoogdieren met een IVF-opstelling in de ruimte uit te voeren en hiermee uiteindelijk ook IVF op aarde succesvoller te maken.
Samenwerking
Aster in Space werd vier jaar geleden opgericht door studenten om de ruimtevaartindustrie toegankelijker te maken voor studenten uit de regio Eindhoven. Dankzij de samenwerking met SBU kunnen zij en de TU/e hun apparatuur daadwerkelijk in de ruimte testen. Tegelijkertijd profiteert SBU van de samenwerking binnen hun visie op zelfvoorzienende menselijke nederzettingen op de maan en om IVF op aarde succesvoller te maken.
SBU levert het laboratorium en Aster in Space ontwikkelt subsystemen, zoals de ‘On-Board Computer’, het ‘Electrical Power System’ en het ‘Structural and Thermal Management System’. “In eerste instantie was het doel van SBU alleen om apparatuur te testen, maar uiteindelijk zagen zij dat er meer potentie in zat. Nu wordt het een orbitale missie in plaats van een suborbitale missie”, vertelt Sazli.
Het is dus de bedoeling dat er daadwerkelijk een satelliet in een baan rond de aarde wordt gebracht om daar een poging te doen tot de eerste bevruchting van zoogdieren met een IVF-opstelling in de ruimte. “Het is een complex en ingewikkeld doel, maar ik heb er echt vertrouwen in. Het zal ongetwijfeld lastig worden, maar dat is juist waarom we het doen. Als het makkelijk was, zou het ook niet interessant zijn.”
Toekomst van Aster
Daarnaast vertelt Sazli dat Aster opnieuw gestructureerd gaat worden. Er is een voorstel aangenomen om minder langdurige grote missies uit te voeren en meer korte missies te doen.
“We voeren nog steeds langetermijnmissies uit, maar mijn voorstel was om eerst kortere missies te doen om zo ervaring én financiering op te bouwen voor de grotere, complexere langetermijnmissies.”
“Dit verkleint natuurlijk ook het risico op een totale mislukking van een missie, omdat we stap voor stap toewerken naar grotere missies met kleinere missies. Als er dan één mislukt, kun je sneller herstellen. Je spreidt het risico dus over meerdere missies, in plaats van alles op één missie te zetten.”
Motivatie
Daarnaast helpen kortere missies ook binnen het team, omdat ze de motivatie en aandacht beter vasthouden. “Studenten die bij Aster aangesloten zijn, zitten er vaak maar anderhalf jaar. Dan helpen ze wel mee, maar zien ze uiteindelijk niet het eindresultaat van hun inzet.”
Volgens Sazli maakt die nieuwe aanpak het ook makkelijker om samen te werken met de universiteit. “De universiteit kan dan iets ontwikkelen wat ze de ruimte in willen sturen, een ‘payload’. In plaats van dat ze daarvoor een extern bedrijf moeten zoeken, kunnen ze binnen de universiteit terecht. Wij zorgen dan voor de ‘bus’, dus het systeem waarin het wordt vervoerd.”
Uiteindelijk lijkt het Sazli ook interessant om dat idee vóór het einde van zijn studie bij Fontys neer te leggen.
‘;