Union SG wil een nieuw stadion op poten zetten. De Brusselse club speelt in Europa al in andere stadions omdat het Joseph Marienstadion verouderd is. Philippe Bormans sprak met La Dernière Heure over de situatie.

Net zoals Club Brugge, is het stadiondossier van Union SG een penibele zaak. De vergunningsaanvraag is alvast voltooid en de volgende stappen kunnen worden gezet. Borman beseft dat het nog op problemen zal stuiten.

LEES OOK:
Union komt met statement over Burgess: ferme uithaal

Stappen vooruit

Bormans blijft realistisch. “We zijn nog lang niet de finish, maar het is een stap vooruit, ja. Het is aan de regionale autoriteiten om te beslissen of we al dan niet een bouwvergunning krijgen. We zijn niet blind, we weten dat er klachten zullen zijn.”

”De snelheid van de beslissing zal van dit alles afhangen. Maar ik heb het gevoel dat we een solide dossier hebben, we hebben vergaderingen gepland met administraties en experts. We zullen eind oktober klaar zijn.”

Geen investeerder

Union kan het financieel zelf ophoesten. “Dankzij de goede resultaten van de vorige seizoenen zullen we een groot deel van de 100 miljoen € zelf kunnen investeren, ook als we de hulp van een bank zullen krijgen. We zullen geen externe investeerder nodig hebben.”

Ondertussen moet de club weer een stadion regelen voor volgend seizoen. Het is complex. Mogelijk is het Koning Boudewijnstadion te groot voor een club zoals Union. We zullen zien wat onze opties zijn aan het einde van het seizoen.”