© CPU – Matthias Engels

Laten we even de tijd terugdraaien naar eind februari 2017. Drake staat in Antwerpen op het podium van het toenmalige Sportpaleis, midden in de tour voor Views. Minder dan een jaar eerder bracht hij zijn grootste commerciële succes tot dan toe uit en op dat moment leek hij haast onaantastbaar. Alles wat Drake aanraakte, veranderde in een hit, elke stijl die hij gebruikte werd enkele maanden later de norm binnen de mainstream. Hij voelde niet alleen als de grootste artiest van het moment, maar ook als iemand die de richting van populaire muziek actief bepaalde. Nu, bijna tien jaar later, blijft daar nog maar weinig van over. De artiest die ooit trends zette, lijkt vandaag vooral achter trends aan te lopen, constant zoekend naar de snelste route richting relevantie.

Dat brengt ons automatisch bij Kendrick versus Drake, een conflict waar ondertussen waarschijnlijk meer over geschreven is dan over sommige verkiezingen. Toch voelt die hele saga onmogelijk los te koppelen van Drakes huidige output. Niet alleen omdat Kendrick duidelijk als winnaar uit dat verhaal kwam, maar vooral omdat alles wat Drake sindsdien uitbracht klinkt alsof het in de schaduw ervan gemaakt werd. De arrogantie en zelfzekerheid die vroeger vanzelfsprekend aanvoelden, maken nu plaats voor iets veel nerveuzers. Alsof hij constant probeert te bewijzen dat hij nog steeds bovenaan thuishoort, terwijl niemand echt nog overtuigd lijkt. Misschien valt dat nog het best samen te vatten via de drie albums die hij vannacht uitbracht: ICEMAN, HABIBTI en MAID OF HONOUR.

ICEMAN (★½)

Van die drie albums, is ICEMAN zonder twijfel het interessantste. Niet omdat het plots een volledige creatieve wedergeboorte is, maar omdat Drake hier af en toe opnieuw als mens klinkt in plaats van als contentmachine. Op opener “Make Them Cry” horen we een artiest die voor het eerst in lange tijd effectief iets lijkt kwijt te willen. Hij rapt over ouder worden, ziekte binnen zijn familie, verraad en de mentale nasleep van de eerder vermeldde publieke vernedering. Dat zijn misschien wel de sterkste momenten op het album: wanneer de façade van onaantastbaarheid eindelijk wat begint af te brokkelen.

Die kwetsbaarheid sijpelt gelukkig nog door op andere nummers. “Make Them Pay” voelt bijvoorbeeld als een wrange poging om zichzelf opnieuw recht te praten tegenover een wereld die hem duidelijk anders is beginnen bekijken. Ook “National Treasures” en afsluiter “Make Them Know” tonen nog flitsen van de rapper die ooit zo moeiteloos introspectie en toegankelijkheid wist te combineren. Vooral die laatste is interessant, wanneer Drake letterlijk lijkt toe te geven dat een deel van zijn vroegere onschuld verdwenen is. Het zijn momenten waarop ICEMAN bijna een echt sterk comebackalbum wordt. Met nadruk op bijna, dan.

Maar daar wringt ook meteen het probleem. Voor elk nummer waar Drake gefocust klinkt, staan er meerdere tracks tegenover die voelen alsof ze er gewoon bij moesten staan. “Plot Twist” en “2 Hard 4 the Radio” klinken half afgewerkt, terwijl tracks als “Shabang” of “Firm Friends” volledig verdwijnen in de eindeloze stroom van moderne Drake-nummers die nauwelijks van elkaar te onderscheiden zijn. De beat switches, cryptische sneak disses en eindeloze referenties naar mensen waarmee hij problemen heeft, beginnen na een tijdje meer vermoeiend dan spannend aan te voelen. Het album duurt bovendien bijna zeventig minuten, en dat voel je.

Wat ICEMAN dan uiteindelijk frustrerend maakt, is dat je in enkele nummers duidelijk een bepaald potentieel ziet dat zich er wanhopig probeert uit te breken. Drake vindt zichzelf jammergenoeg veel te cool om die iets kwetsbaardere versie van hemzelf uit te laten. Sommige producties hier behoren dan wel tot zijn beste in jaren. Maar het album mist focus, discipline en vooral zelfreflectie. Het voelt alsof Drake ergens diep vanbinnen beseft dat zijn positie veranderd is, maar tegelijk weigert om daar echt conclusies uit te trekken. Daardoor blijft ICEMAN hangen tussen comeback en copingmechanisme.

HABIBTI (★)

Waar ICEMAN tenminste nog af en toe overeind blijft door sporadische flitsen van emotie of intentie, voelt HABIBTI grotendeels als een restbak aan ideeën die nooit echt een tweede leven hadden mogen krijgen, B-sides van B-sides. Het album duurt amper zesendertig minuten, maar sleept zich vooruit alsof het dubbel zo lang is, zonder ooit een duidelijk doel of richting te vinden. Vanaf de ridicule “Rusty Intro” wordt meteen duidelijk dat Drake hier vooral aan het rondzwerven is tussen stijlen, zonder ook maar één poging om daar een samenhangende identiteit uit te destilleren. De productie klinkt daarbij vaak verrassend goedkoop en onafgewerkt, Dit album is praktisch gewoon een map vol vergeten drafts die per ongeluk zijn uitgebracht.

Dat gebrek aan richting wordt nog schrijnender door Drakes eigen performances, die hier opvallend futloos en ongeïnspireerd overkomen. Zijn autotune klinkt regelmatig schel en vermoeid, alsof zelfs de stem niet meer de moeite neemt om overtuigend te klinken, vooral op nummers als “Hurrr Nor Thurrr” en “I’m Spent”, waar hij eerder aanvoelt als iemand die zijn contractuele verplichtingen aan het afwerken is dan als een artiest die nog enige betrokkenheid heeft. Ook inhoudelijk blijft er nauwelijks iets hangen dat niet meteen wegsmelt zodra de track stopt. Soms probeert hij nog een soort introspectieve reflectie te simuleren over isolatie en nasleep, maar eindigt dat als leeg zelfbeklag zonder enige echte emotionele diepgang of inzicht. Het album blijft ondertussen stuurloos heen en weer springen tussen stijlen en stemmingen, zonder ooit de moeite te nemen om daar iets coherents of betekenisvols uit te bouwen.

Uiteindelijk is dat misschien wel het grootste probleem van HABIBTI: het voelt niet alleen vrijblijvend, maar ook actief onbelangrijk. Drake klinkt hier zelden echt overtuigd, maar nog vaker gewoon afwezig, alsof hij zelf nauwelijks doorheeft dat deze nummers bestaan. Veel tracks verdwijnen letterlijk op het moment dat ze eindigen, zonder enige nasleep of herinnering, wat in dit geval eerder een gebrek dan een kwaliteit is. Waar eerdere albums nog het gevoel gaven dat hij de pop- en rapwereld naar zijn hand zette, klinkt hij hier vooral als iemand die wanhopig probeert te volgen wat anderen al lang beter doen. Dat maakt HABIBTI het meest pijnlijk inwisselbare album die wij in een heel lange tijd gehoord hebben.

MAID OF HONOUR (½)

Als HABIBTI vooral futloos aanvoelde, gaat MAID OF HONOUR nog een stap verder door bijna actief irritant te worden. Drake grijpt hier terug naar zowat al zijn slechtste gewoontes tegelijk: oppervlakkige sekslyrics, inspiratieloze hooks, bizarre productiekeuzes en features die zelden iets toevoegen. Het resultaat voelt aan als een algoritme dat probeert te raden wat een Drake-plaat hoort te zijn. Nummers als “Cheetah Print”, “BBW” en “True Bestie” klinken inhoudelijk zo leeg dat ze bijna parodieën van zichzelf worden.

Ook muzikaal is dit misschien wel het minst geïnspireerde project dat Drake ooit heeft uitgebracht. Veel beats voelen extreem generisch aan, alsof ze gemaakt zijn om op de achtergrond van een videogamemenu te spelen zonder ooit echt aandacht op te eisen. Zelfs wanneer er potentieel interessante ideeën opduiken, zoals op “Princess” of “Road Trips”, worden die bijna onmiddellijk onderuit gehaald door zwakke teksten of een gebrek aan richting. De features helpen ook amper: Sexyy Red en Central Cee die normaal de energie wat omhoog zouden moeten brengen, voelen zelfs verveeld op deze nummers.

Het vreemdste aan MAID OF HONOUR is misschien nog hoe artificieel alles klinkt. In een periode waarin constant gediscussieerd wordt over AI en de waarde van menselijke creativiteit, levert Drake hier een album af dat soms minder persoonlijk aanvoelt dan generatieve software. Er zit nauwelijks spanning, risico of emotionele urgentie in deze plaat. Waar ICEMAN tenminste nog momenten had waarop Drake zichzelf leek te confronteren, voelt MAID OF HONOUR alsof hij volledig op automatische piloot staat. De plaat is niet het geluid van een artiest die gevallen is, maar van iemand die gestopt is met proberen op te staan.

Die drie albums samen voelen samen aan als de comeback van een artiest die geen goeie reden heeft om terug te komen. ICEMAN probeert de controle, hoe onsuccesvol dat het mag zijn, terug te winnen, HABIBTI verdrinkt in halfafgewerkte (slechte) ideeën en MAID OF HONOUR voelt als volledige creatieve uitputting. Drake is een schim van die vroegere artiest met een uitzonderlijk instinct voor melodie en hitpotentie. Misschien is dat uiteindelijk ook de echte nasleep van al zijn publiek verliezen. Graham begrijpt duidelijk niet meer waarom mensen ooit begonnen luisteren, en hier beginnen we ook te vergeten wat we ooit zagen in deze man.

Facebook / Instagram / Website

Ontdek “What Did I Miss?”, ons favoriete nummer van ICEMAN, in onze Plaatje van de plaat-playlist op Spotify.