Wie in 2020 te horen kreeg dat er kanker was vastgesteld had in 2025 71% kans om nog in leven te zijn. Dertig jaar geleden gold dat voor minder dan de helft van de patienten. Dat is een van de conclusies uit het jaarlijkse trendonderzoek naar de kankeroverleving door Integraal Kankercentrum Nederland (IKNL) op basis van de nieuwste cijfers uit de Nederlandse Kankerregistratie (NKR). Daarbij blijkt ook dat de vooruitgang in overleving het grootst is bij patiënten die bij diagnose in stadium III verkeren.

Patiënten in stadium III en IV, de twee minst gunstige stadia, lijken het meest te profiteren van allerlei nieuwe kankerbehandelingen. In de laatste 10 jaar is de groei in overleving zelfs het sterkt bij patiënten die in stadium IV verkeren.

Stadium bij diagnose2020 – 20241990 – 1994Stadium I93%80%Stadium II80%70%Stadium III56%30%Stadium IV22%13%

De beste 5-jaarsoverleving (meer dan 90%) zien we bij melanoom en plaveiselcelcarcinoom, teelbalkanker en bepaalde types hersenkanker. De slechtste overleving (minder dan 10% leeft 5 jaar na diagnose nog) geldt bij alvleesklierkanker en bij metastasen vanuit een onbekende primaire tumor.

Verbeteringen in behandelingen

Van kanker in stadium III wordt gesproken als de kanker zich lokaal heeft uitgebreid naar omliggend weefsel of lymfeklieren, maar waarbij er nog geen uitzaaiingen zijn naar andere organen. De 5-jaarsoverleving in deze groep patiënten verdubbelde bijna van 30% in 1990-1994 naar 57% in 2020-2024. Dat heeft alles te maken met verbeteringen in de behandelingen, zoals preciezere operaties waarbij het beter lukt om alle kanker te verwijderen, aanvullende bestraling of een aanvullende systemische behandeling voor of na de operatie. Met deze adjuvante behandelingen wordt het succes van een operatie vergroot, daarnaast verkleinen ze de kans op uitzaaiingen op de langere termijn, en daardoor verbetert de overleving. Een voorbeeld hiervan is darmkanker, waar betere operaties en aanvullende behandelingen in de afgelopen decennia belangrijke vooruitgang hebben gebracht.

Stadium IV

Opvallend is dat in een recentere periode, de laatste tien jaar, de grootste verbetering te zien is bij patiënten met kanker in stadium IV (van 18% 5-jaarsoverleving in 2010-2014 naar 25% in 2020-2024). Bij dit stadium is over het algemeen een operatie niet meer mogelijk en is genezing afhankelijk van systemische therapie, zoals chemotherapie. Er zijn echter grote verschillen tussen tumorsoorten en vooral een kleine specifieke groep profiteert hiervan. In het laatste decennium zijn er veel nieuwe geneesmiddelen voor kanker beschikbaar gekomen. Dat heeft geresulteerd in een sterke verbetering van de overleving bij onder meer borstkanker, prostaatkanker en nierkanker.  

Enkele losse observaties uit de nieuwe NKR-cijfers:

De 5-jaarsoverleving van borstkanker is fors vooruitgegaan. In 1990-1994 had een patient in stadium IV nog 15% kans om nog 5 jaar te leven, in 2020-2024 was dat 39%.

Over dezelfde periode verbeterden de overlevingskansen bij stadium IV prostaatkanker van 35% naar 62%.

Hoewel de 5-jaarsoverleving bij longkanker in stadium IV heel laag blijft is er toch een toename in overleving van 1% (1990-1994) naar 9%.

Bij alvleesklierkanker in stadium IV blijft de situatie onverminderd hopeloos. De 5-jaarsloverleving in 1990-1994 was 0%, in 2020-2024 was dat 1%.

Grote progressie is er wel bij non-Hodgkin lymfoom: de 5-jaarsoverleving bij stadium IV steeg van 55% in 1990-1994 naar 84% in 2020-2024 voor de indolente variant. Bij agressief non-Hodgkin zijn de cijfers respectievelijk 30% en 56%.

Bron
Bezoek de website van IKNL voor het volledige rapport