In een van de magazijnen van de KB, nationale bibliotheek in Den Haag ligt een boek open op een restauratietafel, vastgezet met kleine gewichtjes. Op de rand van een van de bladzijden is een vlek zichtbaar. Het boek is ouder dan iedereen in de ruimte, aldus een van de medewerkers. Even verderop zoemt een karretje langs metershoge stellingen. Miljoenen boeken, kranten en tijdschriften staan hier dicht op elkaar: dat geschreven geheugen van Nederland staat op het punt te verhuizen.
Sinds 1798 bewaart de KB alles wat in Nederland en over Nederland wordt gepubliceerd; 122 kilometer aan geschreven erfgoed. Oorspronkelijk was dat op papier. Later kwamen digitalisering en digitale publicaties. Inmiddels bestaat een groot deel van de collectie uit zogenoemd ‘born digital’ materiaal: zo’n 40 miljoen websites en publicaties die nooit op papier hebben bestaan. Fysiek en digitaal zijn twee gelijkwaardige pijlers. Beide vragen om zorg, om selectie en om context. „We zijn de hoeder van publieke informatie en in deze tijd is dat een enorme verantwoordelijkheid”, zegt Wilma van Wezenbeek, sinds september 2024 algemeen directeur van de KB. „We willen weten wie iets schreef, wanneer en in welke omstandigheden.”
„De verhuizing is geen prestigeproject”, benadrukt Van Wezenbeek, „maar pure noodzaak”. Het huidige gebouw, begin jaren tachtig in gebruik genomen, is vol. Letterlijk tot de laatste plank. Maar belangrijker nog: het pand is niet meer veilig genoeg voor een papieren collectie van deze omvang. Brandveiligheid wordt zo een probleem en de klimaatbeheersing is verouderd en ontoereikend. „Papier is gevoelig voor schimmel, voor temperatuurwisselingen, voor water. Dit gebouw is daar niet meer toereikend voor.”
De collectie verhuist daarom naar een nieuw magazijn in Midden-Delfland, en het bezoekersgebouw op de huidige locatie zal worden verbouwd.
Metersdikke muren
Wie door het huidige magazijn loopt, ziet hoe precair de situatie is. De medewerkers manoeuvreren door de smalle gangen tussen de stellingen die tot het plafond reiken. Elk boek heeft een exacte plek, vastgelegd in systemen die al decennia meegroeien met de collectie.

Stellingen die tot het plafond reiken.
Foto Ulrich Niederer
Zoom in
Een verdieping lager bevindt zich de restauratieafdeling. Boeken worden klaargemaakt voor de verhuizing; schoongemaakt, ontzuurd, hersteld met penselen, pincetten en veel geduld. Het is ambachtelijk werk. Tegelijkertijd is datzelfde menselijke contact een bedreiging. „Menselijk handelen is ook een van de oorzaken van beschadiging”, zegt Van Wezenbeek. „Dat kun je niet helemaal uitsluiten, maar je kunt het risico wel minimaliseren.”
Dat minimaliseren krijgt vorm in het nieuwe boekenmagazijn. Op de bouwplaats in de Harnaschpolder in de gemeente Midden-Delfland rijst een massief volume op, gesloten en zwaar. Het gebouw van architectenbureau Office Winhov is ontworpen om de buitenwereld zo veel mogelijk buiten te houden. Geen ramen, geen publiek. Het staat iets verhoogd, zodat ook water geen kans krijgt binnen te dringen. De muren zijn metersdik en zorgen voor een stabiel binnenklimaat. Er is geen klimaatinstallatie nodig. Zomers blijft het koel, ’s winters voldoende warm.
In het magazijn waar de collectie ligt opgeslagen heerst een zuurstofarm klimaat van ongeveer dertien procent zuurstof, ongeveer acht procent lager dan in de buitenlucht. Dat verlaagde percentage zorgt dat er geen vuur kan ontstaan. Daardoor kunnen de boeken worden opgeslagen zonder sprinklerinstallatie. Het magazijn binnen het gebouw is dus niet voor mensen ontworpen, vrijwel niemand zal er komen.
Logistieke precisieoefening
Toch zal er straks van alles bewegen achter de glazen wanden van het magazijn. Robots rijden door gangpaden tussen de zeventien meter hoge stellingen om de kratten met de door medewerkers opgevraagde boeken of tijdschriften te verzamelen. Vervolgens plaatsen ze de kratten op een lopende band die uitkomt bij de medewerkers buiten het magazijn waarna de robots het magazijn meteen verlaten om zodoende het klimaat binnen het magazijn zo min mogelijk te beïnvloeden met de warmte die vrijkomt van hun elektromotoren.
De verhuizing zelf, die rond 2028 voltooid moet zijn, is een logistieke precisieoefening die ruim twee jaar zal duren. In deze periode worden dagelijks zo’n tienduizend boeken, tijdschriften en objecten verplaatst die opnieuw geregistreerd en gekoppeld worden aan een containeradres in het nieuwe boekenmagazijn. Op deze wijze blijven alle boeken op het oude adres opvraagbaar waar ze een dag later, in het oude gebouw van de KB, in te zien zijn.
De KB wil straks nadrukkelijker een publieke plek zijn: een instituut waar mensen informatie leren duiden, elkaar ontmoeten en kunnen debatteren. „Toegankelijkheid hoort bij een bibliotheek”, zegt Van Wezenbeek. „Maar je komt in ons huidige gebouw eigenlijk helemaal niet zo makkelijk .” Als de collectie is verhuisd, wordt het huidige publieksgebouw naast het Centraal Station in Den Haag geheel verbouwd en opnieuw ingericht om het uitnodigender te maken. Tijdelijk verhuist de KB dan naar een andere, nog niet bekende, locatie in Den Haag.

De bouw van het nieuwe boekenmagazijn van de KB nationale bibliotheek in de Harnaschpolder in Midden-Delfland.
Foto Jacqueline van der Kort, Beeldstudio KB
Zoom in
Onzichtbaar
Openheid is voor Van Wezenbeek een kernwaarde. Dat geldt voor universiteiten, voor onderzoek en ook voor een nationale bibliotheek. Tegelijkertijd staat die openheid onder druk. Ze wijst op discussies over boekverboden. „Iedereen mag ergens iets van vinden. Maar je moet zorgen dat informatie toegankelijk blijft. Je moet niet uitvlakken, maar context toevoegen.”
Het nieuwe magazijn is geen uniek Nederlands project, bibliotheken in Zwitserland, Frankrijk en Groot-Brittannië bouwen vergelijkbare faciliteiten. De KB zal uiteindelijk fungeren als voorbeeldlocatie, andere instellingen zullen komen kijken hoe Nederland zijn geheugen bewaart: koel, donker, zuurstofarm en grotendeels onzichtbaar.
Of ze de heropening van het verbouwde KB-bezoekersgebouw in het centrum van Den Haag nog als directeur meemaakt, weet Van Wezenbeek niet. „Dat hoop ik natuurlijk”, zegt ze. „Maar dat is niet waar het om draait.” Waar het om draait, is dat het geheugen van Nederland veilig blijft, toegankelijk blijft en betekenis houdt.
Geef cadeau
Deel
Mail de redactie
De journalistieke principes van NRC