“Mensen moeten momenteel echt bij de gemeenten zijn, want zij bepalen het strooibeleid en voeren het uit,” zegt Marjolein van Dillen van de Fietsersbond Hilversum over het gevaar dat komt kijken bij fietsen in de sneeuw. Hoewel de bond signalen verzamelt, is de gemeente de enige instantie die de strooiwagens aanstuurt en dus de situatie kan verbeteren.

Glibberige boel

Het beleid van gemeenten ziet er op papier volgens Van Dillen vaak goed uit, met plattegronden van prioriteitsroutes, maar de praktijk is weerbarstig. “Zeker met die hellingen en bruggen over het spoor is het nu één glibberige boel.” Van Dillen vindt dat doorgaande fietsroutes, zoals de ringwegen, simpelweg veilig en schoon moeten zijn. “Fietsers zijn kwetsbaar. Wij hebben extra ‘TLC’ nodig: Tender Love and Care.”

“We zien dat in het beleid fietsen vaak op de tweede plaats komt”, gaat Van Dillen verder. Ze constateert dat ambtenaren en heel veel beleid vooral gericht zijn op de auto. Juist daarom is de Fietsersbond voortdurend in gesprek met gemeenten. “We moeten continu vragen: ‘Vergeten jullie de fiets niet?’ Vaak zeggen gemeenten dan: ‘Oh ja, nou, je hebt wel gelijk’. En dan passen ze het beleid aan.”

Beter strooibeleid

Ook Marco te Brömmelstroet, hoogleraar Urban Mobility Futures, ziet een kloof tussen de groene ambities van veel gemeenten en de realiteit op straat wanneer het sneeuwt. “Bijna alle gemeenten hebben prachtige doelstellingen om mensen vaker te laten fietsen en lopen. Maar daar hoort dan ook een consequente uitvoering bij.”

Als gemeenten het autogebruik echt willen terugdringen, zou de prioriteit bij gladheid logischerwijs moeten verschuiven van de rijbaan naar het fietspad, legt de hoogleraar uit. “Een goed strooibeleid voor de fiets en ook de voetganger is ook een groot economisch voordeel, omdat het valpartijen en daarmee gepaard gaande ziektekosten voorkomt. Toch blijft de prioriteit vaak bij de auto liggen.”

Goed op ouderen letten

Niet alleen de Fietsersbond en hoogleraar Te Brömmelstroet stellen vast dat de nadruk bij gladheidsbestrijding nog te vaak op de auto ligt. Ook Ouderenorganisatie ANBO-PCOB heeft daar zorgen over. Die bond benadrukt dat senioren hier direct de dupe van zijn. “Voor ouderen kan dit grote gevolgen hebben”, zegt Simon van Herpen van ANBO-PCOB. “Niet iedereen heeft familie, bekenden of een boodschappen-app die even een paar boodschappen kan bezorgen.”

Wanneer een senior, die wat minder goed ter been is, dan toch over gladde wegen moet, kunnen de gevolgen volgens Van Herpen flink zijn. “Natuurlijk heeft iemand van 25 ook kans om te vallen, maar de kans op botbreuken bij een oudere is aanmerkelijk groter. Als het dan een breuk van een heup betreft, kunnen de gevolgen rampzalig zijn. Wij roepen dan ook op om samen goed om te kijken naar ouderen die wat minder mobiel zijn en wat hulp kunnen gebruiken.”

Fietspaden zijn lastiger

Wethouder Floris Voorink van de gemeente Hilversum erkent het grote verschil tussen de weg en het fietspad, maar ziet ook dat er beperkingen zijn in wat mogelijk is. “Bijvoorbeeld omdat auto’s het zout heel snel erin rijden en dan gaat het proces veel sneller. Bij fietspaden duurt dat simpelweg langer, dus het is heel lastig om die net zo snel ijsvrij te krijgen als de autorijbaan.”

Daarnaast zegt de wethouder dat de gemeente harde keuzes moet maken op basis van veiligheid en beschikbare capaciteit. “Het allerbelangrijkste is dat de nood- en hulpdiensten overal kunnen komen. Politie, brandweer en ambulances staan op één. Het openbaar vervoer volgt, en dan komen vrijwel direct de fietspaden.”

‘Telkens opnieuw aan de bak’

Op dit moment zijn er in Hilversum zo’n vijftien tot twintig man voltijd bezig met de gladheidsbestrijding.

“Maar ja, we kunnen niet op alle plekken tegelijkertijd zijn. Zeker als het de hele dag door sneeuwt, moet je telkens opnieuw aan de bak”, zegt de wethouder tot slot.