De vriend had in zijn toespraak gevraagd of de man ‘vandaag, morgen en alle dagen die nog komen, naast zijn vrouw wil blijven staan’. “Om samen te lachen, samen te groeien, en elkaar lief te hebben – wat het leven ook brengt.” Terwijl in het Burgelijk Wetboek staat dat een huwelijk pas voltrokken is als de man en de vrouw verklaren dat zij ‘elkander aannemen tot echtgenoten en dat zij getrouw alle plichten zullen vervullen, die door de wet aan de huwelijkse staat worden verbonden.’