Eten, trippen, gamen, seks: allemaal dingen die zorgen voor dopamine, het stofje van verlangen. Als dat vrijkomt in onze hersenen willen we het plezier herhalen. Meer zoenen, proeven, snuiven, scoren, klikken, klikken en nog eens klikken. Hoeveel moeite doen we wel niet in het leven om plezier na te jagen en pijn te vermijden? En hoe succesvol is dat eigenlijk?
Inmiddels zijn we verworden tot genotzuchtige sensatiezoekers. Maar daarvoor betalen we een hoge prijs, zegt Amerikaans psychiater Anna Lembke. ‘Plezier is niet het antwoord op de vraag hoe we een tevreden leven kunnen leven.’ Het najagen ervan, zo zegt Lembke, leidt paradoxaal genoeg tot het onvermogen van het brein om plezier te ervaren.
Lembke pleit dan ook voor ‘dopamine-vasten’. Om de balans tussen pijn en plezier weer in evenwicht te krijgen. Hoe langer je zonder dopamine kunt, hoe minder afhankelijk je bent van wat het voor jou ook is om je ‘shot te krijgen’. En dat, zegt Lembke, is vrijheid.