Elbert Hennipman, melkveehouder uit Westbroek, staat midden december voor een podium in het provinciehuis van Utrecht en kijkt op naar gedeputeerde Mirjam Sterk (CDA, Transitie landelijk gebied). Hennipman heeft een brief gekregen van de provincie, waarin staat dat hij over een jaar veel minder mest mag uitrijden op zijn land. Net als van een aantal andere boeren in de provincie ligt zijn bedrijf in of vlak naast beschermde natuur. Daar moet minder stikstof op gaan neerkomen.

”Het is einde verhaal voor mijn bedrijf”, zegt Hennipman in de zaal. Meteen nadat de brief op de mat viel, kwamen op verzoek van de gemeente ook de huisarts en predikant bij hem langs voor morele steun. „Dat was het enige dat wél fijn was”, zegt Hennipman. Nog vier andere boerenbedrijven in Westbroek, een dorp met nog geen 1.200 inwoners, worden met sluiting bedreigd.

Hoewel minder mest uitrijden niet direct betekent dat de boerderijen dicht moeten, wordt het inderdaad lastig om op die locatie verder te boeren. De provincie is met de agrariërs in gesprek over oplossingen, zoals verhuizing van het bedrijf, maar dat kan het schrikbeeld van Hennipman niet wegnemen: „

Rond Hennipman staan enkele honderden boeren, de meesten in werkkleding. Vanochtend zijn ze met trekkers naar het provinciehuis gekomen. ‘De boer verdwijnt, het probleem blijft’, staat op een spandoek. En: ‘Stop stikstofbedrog!’

Boeren van Farmers Defence Force (FDF) arriveren om te protesteren bij het provinciehuis in Utrecht.

Boeren van Farmers Defence Force (FDF) arriveren om te protesteren bij het provinciehuis in Utrecht.

Foto ROBIN VAN LONKHUIJSEN/ANP

Zoom in

Ze zijn boos over Utrechtse plannen voor het landelijk gebied, die ervoor moeten zorgen dat de natuur verbetert en er weer vergunningen kunnen worden afgegeven voor bouw, energietransitie en boeren. De provincie stelt ‘stikstofzones’ in van 250 meter rond zes gevoelige natuurgebieden waar minder mest mag worden uitgereden, wil dat boeren het eiwitgehalte in diervoeding verlagen, dat vee vaker buiten komt en dat stallen zo worden aangepast – bijvoorbeeld door luchtwassers te installeren – dat minder stikstof wordt uitgestoten.

Het lukt sommige boeren maar nauwelijks om netjes te blijven in het provinciehuis. „U probeert gewoon boeren de nek om te draaien!”, roept een boer uit Leersum. Een ander, hard: „Triest, triest, triest!” Een boer uit Oudewater: „Ik geloof er geen reet van dat de natuur achteruitgaat!”

Lees ook

Snuffelen in de stal

 In de nok van de koeienstal, bij melkveehouderij De Marke in het Gelderse Hengelo, hangen drie sensorsystemen die de uitstoot van onder meer ammoniak meten.

In de steek gelaten

Gedeputeerden die gaan over stikstof, landbouw- en natuurherstelbeleid hebben in bijna alle provincies het gevoel dat ze door het nu demissionaire kabinet-Schoof in een moeilijke positie zijn gebracht of zelfs in de steek zijn gelaten. Dat blijkt uit een rondgang van NRC langs de twaalf provinciehuizen.

Het kabinet-Schoof besloot bij haar aantreden een nationaal programma te schrappen, dat was bedoeld om stikstofuitstoot te verminderen, natuur en waterkwaliteit te herstellen en klimaatdoelen te halen. Provincies zouden zorgen voor , met 24,3 miljard euro aan steun.

Rechterlijke uitspraken en Europese regels maakten ingrijpen onvermijdelijk: zonder stikstofreductie bleef Nederland ‘op slot’. Bouwprojecten vielen stil, de energietransitie stokte, boeren konden hun bedrijven niet vernieuwen of uitbreiden. In de wet is vastgelegd dat driekwart van de stikstofgevoelige natuur in 2035 onder de ‘kritische depositiewaarde’ moet liggen, een getal dat aangeeft hoeveel stikstof de natuur aankan zonder te verslechteren.

Ambtenaren hadden gewaarschuwd dat het schrappen van de miljarden voor méér stikstofschade zou zorgen, maar daar trok het nieuwe kabinet zich niets van aan. Minister Femke Wiersma (BBB, Landbouw) wilde boeren vooral zelf de kans geven om oplossingen te bedenken. Ook wilde ze de stikstofgrens versoepelen, wat mislukte, en boeren uitkopen, wat in de praktijk behoorlijk ineffectief bleek.

Lees ook

De uitkoopregeling voor veehouders had tot drie keer zoveel stikstof kunnen reduceren

De overheid kocht honderden veehouderijen op om de stikstofuitstoot van de landbouw te reduceren.

Twaalf ‘deelstaatjes’

Provincies stonden er na het aantreden van het kabinet-Schoof grotendeels alleen voor. Dat leidde, blijkt uit de rondgang van NRC, niet alleen tot veel vertraging en uitstel, maar ook tot méér onzekerheid voor boeren. Doordat provincies ook ‘van het slot’ willen, gingen ze verder met eigen ideeën. Resultaat is dat er in plaats van duidelijk landelijk beleid met een regionale invulling nu twaalf ‘deelstaatjes’ worden gevormd, met steeds een andere aanpak.

Zo kan het gebeuren dat de ene boer heel anders wordt behandeld dan de andere, die toevallig net over de provinciegrens werkt. Goed voorbeeld is het Binnenveld in de Gelderse Vallei, een gebied dat deels in Utrecht en deels in Gelderland ligt. Utrecht wijst het gebied rond het Binnenveld aan als ‘stikstofzone’ waar zeer beperkt mest mag worden uitgereden en helemaal geen kunstmest meer mag worden gebruikt. Maar dat geldt niet voor boeren in het Gelderse deel van het gebied, want die provincie heeft ándere stikstofzones aangewezen.

Voor boeren is het allemaal lastig te begrijpen. Zij richten hun onbegrip en boosheid op provinciebestuurders. In Utrecht en Noord-Brabant leidde het al tot felle boerenprotesten, waarbij in Brabant door boerenactieclub Farmers Defence Force deurwaarders met een intimiderende brief werden afgestuurd op Statenleden.

Het zijn vrijwel allemaal BBB-bestuurders, die dus last hebben van het beleid van hun eigen BBB-bewindslieden

Gedeputeerde Mirjam Sterk van Utrecht, die over natuur en landbouw gaat, licht telefonisch toe: „Ik begrijp dat boeren de overheid wantrouwen. Hun vertrouwen is keer op keer beschaamd. We hadden het dak moeten repareren toen de zon scheen, maar dat hebben we niet gedaan. Nu moeten we ingrijpen. Dat is voor een kleine groep boeren en hun gezinnen heel pijnlijk, maar als we niets doen kan een nog grotere groep ook niet de toekomst in.”

Ze had gehoopt dat het kabinet de leiding zou nemen, maar tijdens de afgelopen kabinetsperiode werd de situatie alleen maar erger. Verschillende plannen van minister Wiersma en een ministeriële ‘stikstofcommissie’ kwamen niet van de grond. Het uitkopen van boeren leverde veel minder stikstofwinst op dan gehoopt. En de rechter oordeelde vorig jaar januari bovendien dat de staat „onrechtmatig” handelt doordat natuurbescherming uitblijft. In de uitspraak was de rechtbank onder meer kritisch op het schrappen van het nationaal programma voor het landelijk gebied.

Sterk: „Dit kabinet is aan de slag gegaan met een heleboel beloftes, maar we zijn twee jaar verder en er is nog geen oplossing. Doordat het kabinet niet met landelijk beleid is gekomen, vangen we in de provincie alle klappen op.”

Stilstand in het landelijk gebied

Ook bijna al haar collega-gedeputeerden zijn kritisch op het nu demissionaire kabinet, blijkt uit antwoorden op vragen van NRC die alle twaalf provinciebesturen via woordvoerders beantwoordden. Het zijn vrijwel allemaal BBB-bestuurders, die dus last hebben van het beleid dat hun eigen BBB-bewindslieden op het ministerie van Landbouw hebben gevoerd.

Gedeputeerde Maurits von Martels (BBB, Landbouw en Natuur) van Overijssel laat weten dat het „ontbreken van duidelijkheid op landelijk niveau zorgt voor onzekerheid, vooral bij ondernemers.” Landelijke maatregelen zijn volgens hem „onmisbaar”. Ans Mol, BBB-gedeputeerde van Gelderland (Versnellingsaanpak stikstof): „We kunnen het niet alleen en hebben het Rijk wel nodig.” Aad Straathof (BBB, Landbouw en stikstof) van Zuid-Holland vindt dat de provincie „sterk afhankelijk” is van het Rijk. Hij schat in dat de provincie de problemen voor 10 procent kan oplossen – bijvoorbeeld door landbouwgrond op te kopen en er natuur van te maken – maar dat 90 procent door het Rijk onder handen moet worden genomen. „We vragen om meer actie”, zegt hij.

We hebben er last van dat het Rijk geen duidelijk plan heeft

Gert-Jan Schuinder
gedeputeerde van Drenthe (BBB, Landbouw en stikstof)

Jan Klopman (BBB, Landbouw en landelijk gebied) van Flevoland vindt dat het schrappen van het geld gezorgd heeft voor „onzekerheid en onduidelijkheid” – „het heeft vertraging opgeleverd.” Gert-Jan Schuinder (BBB, Landbouw en stikstof) van Drenthe: „We hebben er last van dat het Rijk geen duidelijk plan heeft.” Verschillende betrokken gedeputeerden uit Groningen zien dat boeren nu „minder perspectief” hebben.

Hagar Roijackers (GroenLinks, Aanpak landelijk gebied) uit Noord-Brabant laat weten dat het uitvoeren van beleid „aanzienlijk beter mogelijk” was geweest „bij een helder en toereikend Rijksbeleid met bijbehorende financiële middelen.” Gedeputeerde Abel Kooistra (BBB, Landbouw en landelijk gebied) uit Friesland is de enige die zonder omhaal de aanpak van het kabinet-Schoof roemt.

Een crisisteam in Zeeland

Gedeputeerde Wilfried Nielen (BBB, Stikstof) vond sommige plannen van het kabinet ook niet slecht, maar vertelt ook over de „honderden maatregelen” die klaarlagen in zijn provincie Zeeland. Aanleggen van moeras als zoetwaterbassin voor de landbouw, stalsystemen die voor minder stikstofuitstoot zorgen, kruidenrijk grasland aanleggen, de veerdienst in de Westerschelde verduurzamen. De provincie was er klaar voor – tot het kabinet-Schoof het geld terugtrok. „We kwamen in z’n achteruit te staan”, zegt Nielen.

Zeeland richtte vorig jaar, toen de rechtbank had bepaald dat het Rijk te weinig doet aan natuurherstel, een eigen „crisisteam” op. Dat besloot om maatregelen te nemen rond twee gebieden waar de natuur er heel slecht aan toe is: de kop van Schouwen en de Manteling van Walcheren. Dáár wil Zeeland zorgen voor gezond en voldoende zoet water, minder stikstofuitstoot en meer natuur en waterstromen aan elkaar verbinden. Noodgedwongen, want die gebieden werden bij naam genoemd in de uitspraak van de rechtbank.

Het betekende ook, legt Nielen uit, dat in de ándere veertien beschermde natuurgebieden in Zeeland bijna niets gedaan kan worden. Over moerassen of de veerdienst staat niets meer in de nieuwe plannen. Nielen: „Heel simpel gezegd: voor de rest hebben we geen geld, en zonder poen kun je niets doen.”

Lees ook

‘Ik slik deze in en geef uitvoering aan de motie’: Wiersma legt zich neer bij wens Kamer over mestbeleid

Demissionair minister Femke Wiersma (Landbouw, BBB), in het midden, tijdens een debat in de Tweede Kamer over het mestbeleid.

Grond opkopen en mest hergebruiken

Natuurherstel en stikstofaanpak liggen niet helemaal stil. Er zijn nog altijd grote plannen, zoals in Utrecht, Noord-Holland, Zuid-Holland en Gelderland, waar de provinciebesturen zones willen aanleggen van 250 of 500 meter rond beschermde natuurgebieden. Daar zouden boeren dan nauwelijks nog mest mogen uitrijden of kunstmest kunnen gebruiken – een maatregel die veel pijn doet bij boeren.

Bijna alle provincies zijn ook druk met het aankopen van agrarische grond om daar ‘nieuwe natuur’ aan te leggen, zodat bijvoorbeeld de waterkwaliteit kan worden verbeterd. Het gaat om grote lappen grond. Noord-Holland kocht in de afgelopen vijf jaar bijvoorbeeld 400 hectare landbouwgrond aan voor natuurherstel, zo’n 560 voetbalvelden. Zeeland kocht 231 hectare agrarische grond op.

Kleinere plannen zijn er ook. Groningen werkt met boeren in het Westerkwartier aan het hergebruiken van mest, waardoor groen gas gemaakt zou kunnen worden en uitstoot kan worden verminderd. Flevoland wil de bloembollensector verduurzamen. Limburg hoopt dat meer boeren gebruik zullen maken van stoppersregelingen, wil werken aan schonere stallen en het behouden van graslanden.

Duidelijk is wel dat het allemaal veel langzamer gaat sinds het kabinet-Schoof aantrad. Alleen in Brabant ligt een plan dat al is aangenomen door de Provinciale Staten, in de meeste provincies wordt nog gewerkt aan plannen of moeten ze nog worden aangenomen. Drenthe, Friesland en Gelderland zijn, schreef het Planbureau voor de Leefomgeving eerder, helemaal gestopt met een aanpak waarin natuurherstel, landelijk beheer en stikstofaanpak samengaan.

Mirjam Sterk hoopt dat het Utrechtse plan, ondanks de protesten, dit jaar wordt aangenomen en dat met boeren zoals melkveehouder Elbert Hennipman afspraken kunnen worden gemaakt, mogelijk over verhuizing van hun bedrijf. Al hoopt ze vooral dat een nieuw kabinet met een landelijke aanpak de stikstofcrisis weet op te lossen. „Dat is voor boeren ook veel eerlijker. Ik ben de eerste om ons plan weer aan te passen als er eindelijk landelijk beleid komt.”

Lees ook

Rapport: indien álle boeren optimaal innoveren, is ‘een enorme emissiereductie’ te behalen. ‘Veestapelkrimp blijft toch nodig’, zegt de hoogleraar

Koeien in de stal van een melkveebedrijf in Groesbeek. Ze worden gemolken met deze computergestuurde melkrobot. Foto Flip Franssen

Geef cadeau

Deel

Mail de redactie

De journalistieke principes van NRC