De warme geborgenheid van een gezin in het koude Zweden werd van de ene op de andere dag wreed verstoord. Nadat hun vader hen van de crèche had opgehaald, hun spullen snel had ingepakt en ze haastig afscheid hadden genomen van hun moeder. ‘Mama zou snel nareizen’, dat werd Bo Hanna (31) en zijn twee broers beloofd. Ze konden toen nog niet bevroeden hoe definitief dat afscheid was en dat die nareis nooit zou volgen.
Geen tranen
Bo herinnert zich dat afscheid nog goed. “Mijn moeder was kalm toen ze ons een knuffel gaf en ons geruststelde met: ‘We zien elkaar snel, ya albi.’ (mijn hart, red.) Terwijl ze mijn broers en mij aankeek, voegde ze eraan toe: ‘Wees lief voor elkaar.'”
Hij herinnert zich dat ze geen tranen liet, maar haar blik stond wel bezorgd. “Daar heb ik later nog veel over nagedacht. Volgens mij wist ze niet dat ze ons niet meer zou zien. Hij moet haar hebben misleid met iets. Want waarom liet ze ons anders zo gaan? En waarom ging ze dan niet mee op vakantie?”
© Eigen foto
Bo met zijn tweelingbroertje Tony.
Het waren vragen waarop Bo pas jaren later antwoord zou krijgen. Na het abrupte vertrek bevonden Bo, zijn tweelingbroer en oudere broer zich in het chaotische Caïro in Egypte. Het geboorteland van zijn ouders. Van de dikke pakken sneeuw, lange donkere dagen en kou, naar een warm en volkomen onbekend land. De taal van dat land spraken ze alleen thuis. “We spraken wel Arabisch, maar kenden veel woorden niet.”
Hun vader dreigde ondertussen met een inreisverbod voor hun moeder, waardoor ze Egypte niet in durfde. “Toen in 1999 kon je dat als man nog opleggen, dat kan nu niet meer. Daarom bleef ze in Zweden”, legt Bo uit.
Het gemis van zijn moeder werd voor Bo steeds ondraaglijker, wat maakte dat hij als kleine jongen steeds minder at. “Ik voelde aan dat er iets niet klopte.” Zijn vragen over zijn moeder werden niet beantwoord, niet door zijn vader maar ook niet door de rest van de familie. “Die zaten allemaal niet op al die vragen te wachten.”
Het nieuwe normaal: zonder moeder
Tot de dag dat er wel een antwoord kwam. “‘Mama is dood, hou er nu maar over op.’ Ik schrok, en al wist ik niet wat de dood daadwerkelijk inhield, het was mij duidelijk: mijn moeder zou ik nooit meer zien.” Trouw en loyaal als een kind naar zijn ouder is, besefte de toen 5-jarige Bo dat het geen zin meer had om vragen te stellen.
“Mensen vergeten vaak dat je als kind afhankelijk bent van je verzorgende ouder. Hij was het enige vertrouwde wat ik nog had. Van binnen was ik verdrietig, vooral als ik andere kinderen met hun moeder zag lopen. Aan de andere kant werd dit het nieuwe normaal voor mij: ik, mijn broertjes en papa.”
© Eigen foto
De broertjes Hanna thuis in Zweden met hun moeder.
Volgens Bo zien kinderen die ontvoerd zijn door een ouder, die ouder niet als een monster. Hij niet in ieder geval. “Voor mij was hij gewoon ‘baba’ (papa, red.). Hij had zijn goede dagen, we deden leuke dingen. Natuurlijk, die actie is niet te vergoelijken, maar het was wel mijn vader. Die voor me zorgde, die mij waste, mij te eten gaf en met ons ging wandelen en met ons speelde. Als kind vergeet je dan dat hij je weghoudt bij je moeder.”
De twee tantes en oma van Bo namen daarnaast veel van de zorgtaken van de moeder over. “Mijn moeder was weg, ik hoorde haar stem niet meer en had geen contact meer. Hoe hard het ook klinkt, de band werd minder. Langzaam herinnerde ik me zelfs haar gezicht niet meer. Door die twee tantes was er veel andere moederliefde om me heen. Het maakte plaats voor wat ik miste.”
Na een half jaar in Egypte te hebben gewoond, vertrok het gezin opeens naar ‘Hollanda’ (Nederland, red.). “Ik had nog nooit van Nederland gehoord. Maar toen we uit het vliegtuig stapten, voelde het wel al meteen vertrouwd. Misschien vanwege het klimaat, of omdat Nederlanders zoveel op Zweedse mensen lijken. Het voelde als een soort van thuis.”
Egyptische vrouw op de stoep
In Doesburg vond het gezin houvast. Bo had een oom in Nederland wonen die een pizzeria had waar zijn vader ging werken, zijn tante paste op de kinderen. Bo en tweelingbroer Tony gingen naar school en leerden een nieuwe taal.
Aan hun moeder dacht Bo nauwelijks meer, tot er op een dag een Egyptische vrouw op de stoep stond. “Dat was onze moeder volgens mijn vader. Maar ik dacht alleen maar: huh, is dit nu mijn moeder? Hoewel ik me haar gezicht niet kon herinneren, voelde het niet zo.”
© ANP/ Hollandse Hoogte/ Jean-Pierre Jans
De vrouw bleek niet hun moeder. Zonder dat de kinderen het wisten, was hun vader naar Egypte gevlogen en hertrouwd. “Mijn vader vond het blijkbaar oké om ons dat te laten geloven, maar dat was pedagogisch natuurlijk totaal onverantwoord”, zegt Bo.
“Mijn stiefmoeder was lief en zorgzaam. Ze deed haar best om ons vertrouwen te winnen en legde uit dat ze niet onze echte moeder was. Als iemand goed voor je zorgt, accepteer je dat als kind.” Na zes jaar vertrok ze. “Weer een moeder die wegging.”
Van Doesburg verhuisde het gezin naar een klein dorp bij Venlo, waar zij het eerste migrantengezin waren. Zijn vader opende er een shoarmazaak, in de hoop met hard werken een beter leven op te bouwen.
Maar de kinderen voelden zich er niet welkom. “Andere kinderen wilden niet met ons spelen. Op school vroegen ze of we met een kameel waren gekomen. Ik voelde me niet geaccepteerd en vroeg me af waar ik terechtgekomen was.”
Depressief en achterdochtig
Ook thuis werden de problemen steeds groter. “Mijn vader had goede dagen, maar ook heel slechte”, zegt Bo. “Als kind heb je er de woorden niet voor, maar achteraf bezien leek hij me depressief en achterdochtig. Steeds vaker kwam hij zijn bed niet uit en tijdens het afwassen zag ik hem vaak in zichzelf praten. Hij had schulden dus vaak moesten de gordijnen dicht of stalde hij ineens al onze spullen bij een buurman uit angst dat er een deurwaarder op de stoep zou staan.”
Ook was er steeds vaker ruzie in huize Hanna. “Hij was vaak gewoon niet te genieten. Bovendien werd hij alsmaar religieuzer waardoor hij steeds vreemdere dingen ging zeggen. Hij was altijd al gelovig, hij was een koptische christen, maar hoe meer de problemen toenamen, hoe geloviger hij werd.”
© Eigen foto Bo en tweelingbroertje Tony op schoot bij hun vader.
Op een dag kwam het onverwachte bericht dat hun moeder niet dood was. “Mijn broer was jarig en we mochten haar spreken. Het was heel vreemd om ineens te beseffen dat ze wél leefde.”
Ontmoeting in de supermarkt
Rond hun veertiende volgde zelfs een ontmoeting op afstand. “Ze stond ineens voor ons in een Turkse supermarkt in Venlo. Ik zei hallo, zonder te weten dat zij mijn moeder was. Uit angst voor mijn vader durfde ze niets te zeggen of dichterbij te komen.”
Ze was in Nederland omdat de paspoorten van de kinderen moesten worden verlengd, waarvoor toestemming van de moeder nodig was. Die toestemming werd via de rechter afgedwongen. “Ik moest een brief schrijven die door de rechter werd gelezen, waarin ik aangaf dat we bij onze vader wilden blijven wonen.”
De brief die Bo schreef:
“Wij willen helemaal geen contact met onze moeder, ook niet in de toekomst. Onze mening zal niet veranderen. Wij kennen onze vader beter dan onze moeder, eigenlijk kennen we haar helemaal niet. Het is belangrijk dat onze vader het gezag krijgt; dat maakt alles makkelijker. Zo kunnen we een paspoort regelen om op vakantie te gaan. Ook hebben we gelezen wat onze moeder over onze vader heeft verteld; dat is allemaal negatief. En dat zullen wij nooit geloven, want we vinden onze vader heel lief. Wij hopen dat dit zo snel mogelijk wordt opgelost. Kunt u deze brief met het rapport naar de rechtbank meesturen?”
Bo herinnert zich hoe trots zijn vader was op de brief. “Hij presenteerde zichzelf als onze redder. Volgens hem zou het niet goed met ons zijn afgelopen als zij in ons leven was gebleven.” Bo’s moeder beschouwde haar strijd als verloren, toen zijn vader het gezag door de rechter toegewezen kreeg. “Het is een soort van breekpunt voor haar geweest. Hoe moeilijk ze het ook vond, ze gaf het op.”
Ondanks deze overwinning, werd de situatie thuis onhoudbaar. De zaak van zijn vader ging failliet waardoor hij nog grotere geldproblemen kreeg en niet langer voor de kinderen kon zorgen. Bo ging op zijn vijftiende het huis uit. Zijn tweelingbroer Tony was al in een internaat geplaatst.
Bezeten door een demon
Bo had nog wel contact met zijn vader, maar dat veranderde toen zijn vader erachter kwam dat Bo gay is. Dat kon hij niet accepteren. “Volgens hem was ik bezeten door een demon. Na al die jaren had ik niets meer te verliezen. Dus ik vertrok. Opeens was er vrijheid en mocht ik genieten van het studentenleven.”
Waar de vrijheid Bo goed deed, gleed zijn tweelingbroer Tony steeds verder af. “Opgestapelde trauma’s en verslavingen zorgden ervoor dat hij regelmatig werd opgenomen. Het ging zo slecht met hem dat hij zelfs een suïcidepoging deed. Toen begon ik me af te vragen of contact met onze moeder hem zou kunnen helpen.”
© Eigen foto
Bo met journalist Anna Sandberg, die het artikel over zijn ontvoering schreef.
Bo vindt zijn moeder uiteindelijk in een buitenwijk van Stockholm. Via een rechtbankverslag achterhaalt hij haar adres. “Ik wist niet of het nog klopte, of hoe ze zou reageren. Maar ineens stond ze daar: mijn moeder. Het was heel bijzonder. Ze noemde meteen mijn naam en wist dat ik niet mijn tweelingbroer Tony was, terwijl we echt als twee druppels water op elkaar lijken.”
Ze was in shock, zegt Bo. “Ze zei: ‘Ik heb altijd geweten dat jij degene zou zijn die me zou gaan zoeken zodra je door zou hebben dat het verhaal van je vader niet klopte. Je had als kind al een sterk rechtvaardigheidsgevoel. Ik wist dat je niet zou opgeven.'”
Bewijs van de ontvoering
Als bewijs overhandigt ze hem een oude Zweedse krant, met op de voorpagina een artikel over de ontvoering van Bo en zijn broers. Bo zoekt contact met de redacteur van dit artikel, en zij overhandigt hem alle gegevens rondom de ontvoering. Veel puzzelstukjes vallen daardoor op zijn plek. “Ik ben dankbaar dat ik uiteindelijk dit tastbare bewijs had. Als kind twijfel je snel aan je gevoel en je eigen waarnemingen, dit bewees voor mij dat mijn intuïtie altijd juist is geweest.”
Bo dringt erop aan dat zijn moeder naar Nederland komt. Het gaat slecht met zijn tweelingbroer Tony, vertelt hij haar. Uiteindelijk brengt hij hen met elkaar in contact. ”Die hereniging was een van de meest emotionele momenten van mijn leven”, zegt Bo. Zichtbaar aangeslagen: “Het was heel pijnlijk om te zien. Hoe was ons leven gelopen, als onze moeder niet bij ons was weggehouden?”
© ANP/ Hollandse Hoogte/ Jean-Pierre Jans
“Hoe was ons leven gelopen, als onze moeder niet bij ons was weggehouden?”
De ernstig psychotische Tony bewoog zich van kliniek naar gevangenis, van gesloten instelling naar weer een andere plek. Uiteindelijk belandt hij in de Penitentaire Inrichting Vught voor een delict. “Hij was heel erg ziek, maar in plaats van hem te helpen werd hij gecriminaliseerd. Hij probeerde alles te verdoven. Met drugs. Met alles wat hij kon vinden.”
Ondanks Tony’s slechte toestand weten moeder en zoon een band op te bouwen. Voorzichtig, stap voor stap. “Zo’n band ontstaat niet ineens”, zegt Bo. “Het is zoals met een vriendschap: die moet je rustig opbouwen. Ik ben achteraf heel blij dat ik Tony en mijn moeder bij elkaar heb gebracht.”
Geen uitweg meer
Na dat eerste contact blijft zijn moeder nog zeven jaar onderdeel van Tony’s leven. ”Tot hij echt geen uitweg meer zag. Hij was een jongen met ongelooflijk veel pijn, die gewoon niet werd gezien. Wat hem was overkomen, was te groot om te dragen.”
Denk je aan zelfdoding?
Bel dan 24/7 met 113, gratis en anoniem, of chat op 113.nl
In de zomer van 2024 verscheen Bo’s boek Baba. Hierin onderzoekt Bo, die journalist is, wat het betekent voor een kind om ontvoerd te worden door een van zijn eigen ouders. “Bij ontvoeringszaken lees je vaak het perspectief van de ouders. Maar wat een kind voelt en meemaakt, blijft meestal onderbelicht. Het schrijven van dit boek is voor mij helend geweest. Ik wilde juist dat kindperspectief vertellen.” Bovendien hoopt hij met zijn verhaal ouders aan te sporen om naar het belang van het kind te kijken niet hun wrok en boosheid te laten overheersen.
Inmiddels zijn er al duizenden exemplaren van zijn verkocht. “Doordat ik niet gelukkig was thuis en ik daar geen veiligheid vond, was ik altijd in de bibliotheek te vinden. De bibliotheek was veilig. Ik had nooit durven dromen, dat mijn eigen boek daar ooit zou komen te liggen.”
Eeneiige tweeling
Inmiddels werkt Bo hard aan een tweede boek, over onderdeel zijn van een (eeneiige) tweeling, dat later dit jaar verschijnt. “Het idee van een tweeling wordt volgens mij vaak geromantiseerd. Het is soms ook best een lastige weg. Zo deel je bijvoorbeeld vaak elkaars reputatie. Ik werd weleens aangesproken op straat met ‘ik krijg nog geld van je’. We waren een eeneiige tweeling, maar met ieder een heel ander soort leven.”
© ANP/ Hollandse Hoogte/ Jean-Pierre Jans
Zijn vader spreekt hij niet. “Soms heb ik medelijden met hem. Hij snapt de wereld ook niet helemaal. Maar ik heb geen behoefte aan contact. Aan de relatie met mijn moeder werk ik, sinds ik haar op mijn twintigste in Zweden ging opzoeken. Het is aan ons om die relatie vorm te geven. Het is nu anders, ik ben aan zet. Ik mag bepalen of ik haar zie of niet, en niemand anders. Je bent niet opeens weer moeder en zoon.”
Gelukkige relatie
Ondanks alles wat Bo heeft meegemaakt, kan hij nu zeggen dat hij echt gelukkig is. “Natuurlijk heb ik psychologische hulp gehad om alles te verwerken. En is Baba schrijven helend geweest.”
“Ze zeggen dat kinderen die ontvoerd worden door hun ouders hechtingsproblemen kunnen krijgen en dat ze minder succesvol zijn. Maar dat is gelukkig bij mij niet het geval. Ik heb al drie jaar een hele gelukkige relatie. Met hem heb ik een leven los van dat trauma gecreëerd. Mijn leven is avontuurlijk en ik kan zeggen dat het uiteindelijk ook echt goed is gekomen.”
Zondaginterview
Elke zondag publiceren we een interview in tekst en foto’s van iemand die iets bijzonders doet of heeft meegemaakt. Dat kan een ingrijpende gebeurtenis zijn waar diegene bewonderenswaardig mee omgaat. De zondaginterviews hebben gemeen dat het verhaal van grote invloed is op het leven van de geïnterviewde.
Ben of ken jij iemand die geschikt zou zijn voor een zondaginterview? Laat het ons weten via dit mailadres: zondaginterview@rtl.nl
Lees hier de eerdere zondaginterviews.