Nieuws | door Frans van Heest
30 januari 2026 | De nieuwe minderheidscoalitie onder leiding van D66 kondigt een breed pakket van maatregelen aan om de positie van hogescholen, universiteiten en onderzoeksinstellingen te versterken. Het kabinet-Jetten wil structureel investeren in wetenschappelijk onderzoek en ontwikkelt een nieuwe strategie om internationaal toptalent aan te trekken en vast te houden.
Screenshot
Voor investeringen in het onderwijs is door de nieuwe coalitie een envelop van structureel 1,5 miljard euro beschikbaar gesteld. Dit geld wordt onder andere besteed aan terugdraaien van de bezuinigingen, het regionaal investeringsfonds mbo, het verbeteren van kwaliteit van leraren voor de klas en hun aantal verhogen, het versterken van de Inspectie, en investeringen in onderzoek en wetenschap.
De plannen voor onderwijs krijgen worden dan ook met veel enthouisme gepresenteerd door Rob Jetten tijdens de presentatie van dit akkoord. “Ik ben er persoonlijk trots op dat we de bezuinigingen op onderwijs volledig terugdraaien,” benadrukte hij tijdens de presentatie van het coalitieakkoord. “Elk kind, elke student verdient het beste onderwijs. Met leraren die worden gezien en gesteund.”
Jetten plaatst onderwijs expliciet in een bredere economische verhaal van deze nieuwe coalitie die ook fors bezuinigd op sociale zekerheid en de zorg. “Want wie investeert in onderwijs, investeert tegelijk in vrijheid, kansen en de kracht van onze economie.”
Beweging richting Lissabon-doelstelling van 3% bbp
Centraal in de plannen staat een structurele investering in wetenschap en onderzoek. “We investeren structureel in onderzoek en wetenschap en bewegen richting de Lissabon-doelstelling van 3% bbp aan publieke en private R&D-investeringen”, staat in het document met plannen. De overheid neemt daarbij zelf ook een grotere verantwoordelijkheid door “investeringen in wetenschap en innovatie” te verhogen.
Deze investeringsstrategie moet Nederlandse kennisinstelling helpen “internationaal toonaangevend te blijven” en “wetenschappelijk onderzoek dat aansluit bij de grote uitdagingen van deze tijd” mogelijk maken. De nieuwe coalitie benadrukt dat hogescholen, universiteiten en onderzoeksinstellingen “een cruciale schakel in innovatie-ecosystemen” vormen.
Nieuwe talentstrategie voor gerichte selectie en behoud
Een belangrijk onderdeel van de plannen vormt de ontwikkeling van een talentstrategie. Deze moet ervoor zorgen “dat we het juiste talent gericht selecteren en voor Nederland behouden”, aldus het document. Het doel is tweeledig: het land verzekeren van “genoeg vakmensen in de sectoren waar de uitdagingen het grootst zijn”, en tegelijk “het wetenschappelijk toptalent in huis” halen dat noodzakelijk is “voor baanbrekend onderzoek en innovaties”.
Universiteiten en hogescholen krijgen daarbij “gericht meer mogelijkheden om internationaal toptalent aan te trekken en eigen talent te behouden”. Een concrete maatregel is het schrappen van “de toets anderstalig onderwijs voor nieuwe opleidingen” waarbij het “huidige anderstalige aanbod in stand” blijft. Daarmee lijkt definitief afscheid te worden genomen van het belangrijkste wapen uit de Wet internationalisering in Balans, dat door voormalig OCW-minister Eppo Bruins nog stevig werd verdedigd.
Bindende afspraken over internationale studenteninstroom
Om de instroom van internationale studenten beter te reguleren, maakt het kabinet “bindende bestuurlijke afspraken met onderwijsinstellingen over capaciteit van anderstalige opleidingen en regionale draagkracht”. Waar nodig komt er “een numerus fixus voor Engelstalige bachelors”.
De voorgenomen Wet internationalisering in balans moet nochtans aanvullende instrumenten bieden. Deze wet legt “een numerus fixus vast voor niet-EER studenten en de optie van een noodfixus bij onverwacht hoge aanmeldingen”, volgens het de nieuwe coalitie
De partijen erkenen expliciet dat “hogescholen en universiteiten internationaal talent nodig hebben om bedrijfs- en kennisclusters in de regio te behouden”.
Specifiek worden kennisecosystemen genoemd “zoals Brainport Eindhoven, Wageningen Foodvalley, Noviotechcampus in Nijmegen”. Voor deze regio’s krijgen instellingen “ruimte” om internationaal talent aan te trekken.
Campussen als motoren voor ondernemerschap en valorisatie
De nieuwe coalitie wil campussen versterken “als motoren voor startups, scale-ups en samenwerking tussen onderwijs, onderzoek en bedrijfsleven”. Daarbij krijgt “valorisatie een prominentere plek, zodat kennis vaker naar de markt wordt gebracht in de vorm van nieuwe bedrijfjes”.
Deze aanpak sluit aan bij een bredere strategie waarin universiteiten worden aangemoedigd tot “samenwerking aan de uitdagingen van de toekomst”. Het kabinet investeert weliswaar “in onderzoek en innovatie”, maar vraagt tegelijk “om meer samenwerking en specialisatie van universiteiten en minder concurrentie op studentenaantallen”.
Strengere toetsing arbeidsmarktaansluiting bij accreditatie
Bij de her-accreditatie van opleidingen komt er een scherpere beoordeling. “Bij de periodieke her-accreditatie van hbo- en wo-opleidingen wordt steviger getoetst in hoeverre opleidingen aansluiten op de arbeidsmarkt”, aldus het het coalitieakoord.
Deze maatregel moet de relevantie van het onderwijs voor de arbeidsmarkt vergroten.
Kennisveiligheid door screening en samenwerking
Het thema kennisveiligheid krijgt aanzienlijke aandacht in de coalitieplannen. “Onderzoeksfinanciering uit onvrije landen kan een risico vormen voor onze kennisveiligheid”, constateren D66, het CDA en de VVD. Om deze risico’s te beheersen gaan “kennisinstellingen, veiligheidsdiensten en de overheid samenwerken om Nederlandse kennis veilig te houden”.
Er komt daarom een “screeningswet kennisveiligheid die mogelijk maakt dat we waar nodig onderzoekers en PhD-studenten van buiten de Europese Unie die met onze kennis werken kunnen screenen”. Het kabinet benadrukt daarbij gelijk op te trekken “met het kennisintensieve bedrijfsleven” en rekening te houden “met de internationale praktijk”. Bij eerdere dergelijke initiatieven werd door onderzoekers en instellingen veel gewaarschuwd voor het risico op discriminatie.
Versterking financiële positie studenten
Naast de maatregelen voor kennisinstellingen kondigt het kabinet ook verbeteringen aan voor studenten zelf. Het document stelt dat “alle studenten een fijne studietijd verdienen die hen voorbereidt op een mooie toekomst”, maar erkent tegelijk dat “een groeiend aantal studenten wordt geconfronteerd met financiële onzekerheid en prestatiedruk.”
Deze problematiek heeft concrete gevolgen: “hoge uitval in het mbo en zorgen om mentaal welzijn”, waarbij het risico bestaat dat “we studenten verliezen, terwijl de arbeidsmarkttekorten groot zijn”. De coalitiepartijen reageert hierop met investeringen “in de financiële zekerheid van studenten” en aandacht voor “mentaal welzijn”.
Bredere ambitie voor excellentie en ontwikkeling
Het geheel van maatregelen past binnen een bredere ambitie waarbij de nieuwe coalitie “excellentie stimuleert” en studenten aanmoedigt “het maximale uit hun studietijd te halen”. Ook van hoger-onderwijsinstellingen wordt verwacht “dat ze kwaliteit leveren en studenten uitdagen om zich optimaal te ontwikkelen”.
De voorgestelde maatregelen vormen een samenhangend pakket dat zowel de structurele versterking van de Nederlandse kennissector als de directe ondersteuning van studenten omvat, betogen D66, het CDA en de VVD. Ze streven daarbij naar eigen zeggen een balans na tussen internationale openheid en nationale belangen, tussen excellentie en toegankelijkheid, en tussen onderzoeksvrijheid en kennisveiligheid.