By SayenninaThomas Panken tijdens het WK junioren in Spanje.

NOS Sport•vandaag, 16:38

  • Jasper Bastiaans

    redacteur padel

  • Jasper Bastiaans

    redacteur padel

De Nederlandse padeltoppers hebben zich deze week bij het Decathlon Premier Padel P1-toernooi in Ahoy kunnen meten met de wereldtop. Het gat wordt kleiner, maar blijft groot omdat veel buitenlanders met de sport zijn opgegroeid. De Nederlandse jeugdspelers zijn wel op jonge leeftijd begonnen met padel, kunnen zij doorstoten naar de top?

Ivo van Dijk, KNLTB-bondscoach bij de veteranen en coach bij de jeugdteams: “Het verschil tussen top 150 en top 30 is erg groot. De echte toppers zijn begonnen op de leeftijd van 3 à 4 jaar, dat zit in hun DNA en cultuur verweven. En ja, wij gaan naar dat punt toe, maar of dat deze generatie lukt? Ik betwijfel het.”

Op de wereldranglijsten van de jeugd vallen een aantal Nederlandse talenten op. Thomas Panken staat 13de bij de onder 18 en bij de onder 14 doen Sam Burghouwt (38ste) en Eleana Bakker (46e) aardig mee. Vooral van die laatste wordt veel verwacht.

Talenten lopen vast in Nederland

Deze week is het WK voor junioren in het Spaanse Reus. Terwijl de jongens van Nederland de kwalificatieronde wisten te overleven, kwamen de meiden er net niet doorheen. Toch zijn dit de momenten waarop de spelers ervaring opdoen tegen leeftijdsgenoten.

De 13-jarige Bakker, Nederlands kampioen bij de onder 14, legt uit: “In mei heb ik getraind met de topjeugd uit Spanje. Die traint met elkaar in groepen op hoog niveau en speelt veel jeugdtoernooien. In Nederland is dat lastiger, omdat er te weinig goede leeftijdsgenoten zijn. Als ik niet altijd op hoog niveau kan blijven trainen of spelen, blijf ik achter.”

Hoewel het aantal padelspelers in Nederland blijft groeien, stokt de doorstroom van jeugdspelers naar het hoogste niveau. Bakker: “Daarom speel ik soms ook toernooien met en tegen senioren.”

NOSEleana in actie op het WK junioren in het Spaanse Reus.

Thijs Roper (20), de nummer één van Nederland, besloot naar Spanje te verhuizen om zich daar tussen de wereldtop verder te ontwikkelen. Een andere strategie is het aangaan van een duo met een buitenlandse speler.

Van Dijk snapt die gedachte: “Als je als Nederlandse speler met een goede Spaanse of Argentijnse speler speelt, dan kan je pas écht een sprong maken.”

Straatpadel als springplank voor nieuwe talenten

Het enthousiasme is er wel onder de jeugd. Op middelbare scholen kiezen scholieren padel steeds vaker als optie bij gym. “Padel is de favoriete keuze. Kinderen pikken het snel op en krijgen direct de wow-factor,” vertelt John van Lottum, directeur van Rotterdam Premier Padel-toernooi en eigenaar van elf padellocaties.

Om jeugd te stimuleren, stelt Van Lottum banen in daluren goedkoper beschikbaar. Om de sport aantrekkelijker en toegankelijker te maken voor een breed publiek, moet de prijs naar beneden. Bij voetbal en hockey kun je als verenigingslid wekelijks sporten, padel daarentegen is nog te afhankelijk van commerciële clubs. Een baan huren kost per keer al snel 30 tot 40 euro per uur.

Het zou vanzelfsprekend moeten zijn dat padel net zo toegankelijk is voor kinderen als andere sporten, vindt Panken: “Uiteindelijk moeten voetbal, hockey, tennis en padel hetgene zijn waar je je kind op zet.”

Alyssa van HeystJohn van Lottum bij het Decathlon Premier Padel-toernooi in Rotterdam.

Van Dijk erkent dat de kosten een flinke drempel vormen voor de doorstroom van jeugdspelers in Nederland, maar hij ziet het als een tijdelijk probleem. “We zitten nu in de fase die ons tegenwerkt in de ontwikkeling van de jeugd, omdat het een dure sport is. We zitten op een golf, met sponsoren die zich erin mengen. Als het aanbod blijft stijgen kom je daar wel uit, maar dat heeft tijd nodig.”

Van Lottum vindt dat er een belangrijke rol voor de KNLTB is weggelegd: de bond moet helpen het tekort aan banen op te lossen en zo de groei van de sport faciliteren.

Het contrast met Spanje is groot, waar jongeren veel gemakkelijker toegang hebben tot banen en clubs, zo vertelt Bakker: “Ze hebben daar ook pleintjes met eenvoudige padelbanen van betonnen muren, waar je gratis kunt padellen. Straatpadel, net als de voetbalkooitjes hier.”

NOSPadelbaan in Madrid met betonnen muren.

Sponsoren zijn onmisbaar om een padelcarrière te kunnen financieren. Panken: “Je bent zelf verantwoordelijk om sponsors te regelen. Ik heb een paar sponsors die me helpen, de rest betaal ik uit eigen zak. Op jeugdtoernooien is er geen prijzengeld, dus je investeert in je toekomst en je ranking.”

Ook Mats Groen (19), die in Rotterdam een kwalificatiewedstrijd speelde met zijn tweelingbroer Kai, vertelt dat de sport volledig zijn aandacht vraagt: “Nu geen studie, maar de focus op padel. We hebben voor volgend jaar al sponsors geregeld, zodat we bijna alle internationale toernooien kunnen spelen die we willen.”

Uitwisselingen

Niet alleen geld vormt een uitdaging, ook het spelniveau is een essentieel ingrediënt om verder te groeien. “Als we meer uitwisselingen doen met buitenlandse clubs en spelers, leren we daar ongetwijfeld van”, aldus Groen.

Padeltop schittert in Rotterdam: ‘Nu de Nederlandse jeugd nog’

Hoewel de KNLTB wel jeugdtoernooien organiseert en faciliteert, blijft dit beperkt tot ongeveer één à twee trips per jaar. De nadruk van de bond ligt op de lange termijn, waardoor korte termijn-ervaringen voor de jeugd schaars zijn.

Van Dijk: “Het idee is om vaker met de jeugd uitwisselingen te organiseren. Zo waren we afgelopen augustus in Malaga met de jeugd, en toen stonden alle twaalf padelbanen vol met jeugdspelers van Nederland en Spanje. Dat is wat je wil.”

Het – bemoedigende – slotwoord is voor de Argentijn Maxi Sanchez Blasco, de nummer 93 van de wereld. “Ondanks dat padel hier pas later een trend is geworden, stijgt het niveau van de Nederlanders snel. Dat zie je hier in Rotterdam.”