De winter lijkt de natuur soms stil te leggen. Met sneeuw en kou trekken veel dieren zich terug en sommige soorten gaan zelfs in winterslaap. Wie langs een beek staat, ziet weinig beweging. Maar onder water is toch de nodige beweging.
Bij de Sterrenbosstuw bij Lieveren gebeurt juist in de winter iets bijzonders. Hier zijn vorig jaar zeeforellen uitgezet, met als doel om deze vis weer een vaste plek te geven in de Drentse beken.
Uitgerekend in december en januari, wanneer de temperaturen het laagst zijn, komt de zeeforel in beweging. “Het is winter, dus er is veel meer rust onder water,” vertelt ecoloog Edwin van der Pouw Kraan van Waterschap Noorderzijlvest.
“Vissen en andere waterorganismen zijn koudbloedig. Hun lichaamstemperatuur volgt de omgeving. Wordt het kouder, dan zijn ze minder actief.”
Toch is die rust maar schijn. Iets verder stroomafwaarts is juist volop activiteit. “Voor zeeforellen is dit een belangrijke periode,” legt Van der Pouw Kraan uit. “Ze paaien in de winter, in december en januari.” Bij paaien draait het om de voortplanting. De vrouwtjes zetten hun eieren af en de mannetjes bevruchten deze.
De zeeforel was jarenlang verdwenen uit dit gebied. Door migratiebarrières, rechtgetrokken beken en een verslechterde waterkwaliteit kon de vis hier niet meer overleven. Daarom is de soort enkele jaren geleden opnieuw geïntroduceerd.
Het waterschap werkt op meerdere manieren aan het herstel van het leefgebied. Zo zijn er vistrappen aangelegd, zodat vissen obstakels beter kunnen passeren. Ook krijgen beken op sommige plekken weer hun natuurlijke, kronkelende vorm terug.
“In mijn ogen is de missie geslaagd als we volwassen zeeforellen zien paaien,” zegt Van der Pouw Kraan. “De zeeforel, maar ook veel andere soorten, horen thuis in dit watersysteem. Ze zijn hier door menselijk ingrijpen verdwenen, dus is het ook aan ons om ze terug te brengen. We doen er alles aan om het leefgebied en de migratieroutes weer op orde te krijgen.”