Wat mag wel en wat mag niet?
NVWA:
‘Er is niet echt regelgeving voor, behalve als het gaat om erkende benamingen.
We kennen allemaal Engelse drop, Arnhemse meisjes of Chinese kool. Niemand verwacht dat die ook echt uit Arnhem, Engeland of China komen. Maar er is ook een grijs gebied. Haagse Haverkoeken, is dat een soortnaam die algemeen is? En als je het dan Haagse haverkoeken noemt, moeten ze dan uit Den Haag komen?
Je moet er wel bijzetten waar de producent zit. Je moet wel eerlijk en duidelijk zijn over waar het vandaan komt. Je mag een consument niet misleiden. Maar Haagse haverkoeken uit Sassenheim of Delftse pofferts uit Schiedam, dat is geen probleem, als je het er duidelijk bij zegt. De voorbeelden die u noemt kennen wij trouwens niet.
We doen per jaar een paar keer controles rondom dit soort dingen. Maar onze prioriteit ligt bij voedselveiligheid en die is niet in het geding als je jokt over waar iets vandaan komt.
Tot slot nog een algemene tip: voordat je het koopt, kijk goed op het etiket wat daar staat.’
Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur:
‘Het is goed om te weten dat er een verschil is tussen streekproducten en kwaliteitsaanduidingen.
Streekproducten (bijvoorbeeld Groene Hart geitenmelk) kunnen via een privaat label beschermd zijn. De vereniging Streekproducten Nederland (SPN) is hiervoor het aanspreekpunt.
Kwaliteitsaanduidingen (bijvoorbeeld de Westlandse Druif of de Brabantse Wal Asperge) zijn producten die beschermd zijn op grond van de EU-verordening 2024/1143. De verordening is recent aangepast, om zo de aanvraag voor een kwaliteitsaanduiding makkelijker te maken.
Momenteel wordt gewerkt aan de implementatie van de nieuwe verordening, waarbij de focus ligt op het beter stroomlijnen van de huidige werkwijze. Nederland zet zich in om, via het Europese systeem van kwaliteitsaanduidingen, producenten de mogelijkheid te geven meer meerwaarde voor deze producten te creƫren. Denk daarbij aan bescherming tegen namaak, hogere marges en het versterken van de lokale economie.
Alle producten met een kwaliteitsaanduiding staan in een zogenoemd Unieregister. De RVO houdt een register bij van de Nederlandse producten met een kwaliteitsaanduiding. Handhaving en toezicht op de producten is, afhankelijk van het soort product, belegd bij COKZ, KCB en de NVWA.
Zodra de naam van een product niet is geregisterd in het Unieregister, genieten de producten geen bescherming. Concreet, de producten “Haagsche koeken” en Delflandse Zuivel staan niet in het Unieregister en zijn daarom niet beschermd op grond van EU-verordening 2024/1143.’