Werknemers die vermoeden dat er misstanden op de werkvloer plaatsvinden kunnen bij HvK advies vragen over hoe zij hiermee kunnen omgaan. Het kan gaan om verdenking van fraude, grensoverschrijdend gedrag of een heersende angstcultuur. Melders krijgen advies over de mogelijkheden en risico’s bij het doen van een melding.

Volgens Cornelis van der Werf, voorzitter van HvK, is het een goede ontwikkeling dat mensen zich durven uit te spreken bij een vermoeden van een misstand. 

Van de 697 adviesvragen die vorig jaar werden gesteld, zijn 41 omgezet in klokkenluiderszaken. 

Bij een klokkenluiderszaak bedoordeelt HvK of een vermoeden van een misstand voldoet aan de voorwaarden van de Wet bescherming klokkenluiders. Vereisten zijn dat de melder een werkrelatie heeft met de benoemde organisatie en dat het vermoeden meerdere mensen raakt, maatschappelijke impact heeft en vaker dan eens voorkomt.

In totaal liepen er vorig jaar 90 klokkenluiderszaken, waarvan 49 uit eerdere jaren kwamen. In 2025 zijn 41 zaken afgerond.

Melders benadeeld

HvK presenteert het onderzoek in de zaak aan de werkgever, die moet verantwoorden hoe er vervolg aan aanbevelingen is gegeven. In de praktijk kunnen eindrapporten herleidbaar zijn naar betrokkenen. Daarom deed HvK ook onderzoek naar de gevolgen van het melden van een misstand bij een werkgever. Negen op de tien melders zeggen een vorm van benadeling te ervaren. Zo zijn ze overgeplaatst, op non-actief gezet of ontslagen.

Volgens Van der Werf is het ‘zuur om te constateren dat melders, die de moed hebben misstanden aan de kaak te stellen, daar uiteindelijk last van hebben’. Benadeling na melding is wettelijk verboden, maar schending daarvan heeft vaak geen gevolgen. Volgens het HvK zal de situatie voor melders niet verbeteren zolang er geen duidelijke consequenties zijn.