Dat blijkt uit een rapport van het Planbureau voor de Leefomgeving, het RIVM en de Wageningen Universiteit. De onderzoekers keken naar al het beleid om de stikstofuitstoot te verminderen, en de Natura 2000-gebieden te verbeteren. Maar op de meeste locaties slaat nog altijd meer stikstof neer dan de natuur kan verdragen.
Er zijn de afgelopen jaren vooral eenvoudige maatregelen getroffen om stikstof tegen te gaan, zoals plaggen of maaien. Terwijl juist maatregelen voor systeemverandering nodig zijn om de natuur echt te kunnen laten herstellen, aldus het rapport. De grootste vermindering van stikstof is tot nu toe te danken aan het uitkopen van boeren.
Op verzoek van ministerie
Het is de tweede keer dat dit onderzoek is gedaan, op verzoek van het Ministerie van LVVN, oftewel Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (voorheen LNV). De eerste keer was in 2024.
Gekeken is naar de voortgang en effecten van het Programma Stikstofreductie en Natuurverbetering (PSN), dat dateert uit 2022, en het sindsdien vastgestelde beleid. “De meeste vermindering van stikstofdepositie is te danken aan beëindigingsregelingen in de landbouw”, schrijven de onderzoekers.
Andere maatregelen en innovaties binnen de landbouw leveren minder op, want die zijn “na vijf jaar nog onvoldoende uitgewerkt of hebben minder effect dan werd verwacht”. De stikstofmaatregelen die werden genomen in het verkeer, de bouwsector en de industrie zijn wel grotendeels uitgevoerd.
Uitstoot daalt, maar niet genoeg
De uitstoot van stikstof in Nederland daalt wel, maar nog onvoldoende, zo blijkt. De hoeveelheid stikstof die terechtkwam in Natura 2000-gebieden nam tussen 2005 en 2023 af met 32 procent.
Stikstofbronnen
De hoeveelheid stikstof die in Natura 2000-gebieden terechtkomt, is (in 2023) voor ongeveer de helft afkomstig uit de landbouw. Bijna 12 procent wordt veroorzaakt door verkeer en vervoer en 2 procent komt uit de industrie. Ongeveer een derde van de stikstof is afkomstig uit het buitenland.
Om de natuur daadwerkelijk te laten herstellen, zijn meer maatregelen nodig, zegt PBL-directeur Marko Hekkert. “Als we natuur willen verbeteren, dan moeten we iets doen aan stikstof. Maar de natuur heeft ook heel veel last van verdroging. Dus het waterpeil moet omhoog, zodat de natuur natter wordt.”
Grotere natuurgebieden nodig
Ook zal er méér natuur moeten komen, aldus Hekkert. “Als natuurgebieden wat groter worden, dan zien we ook dat ze veel robuuster worden.” Daarmee kan de natuur zich beter herstellen. “Het is een feit dat als je de natuurdoelen wilt halen, de natuur gebaat is bij meer ruimte”, zegt hij.
“Er zijn ook al programma’s aangekondigd, waarbij we de natuur in Nederland wat gaan vergroten en waarbij we natuurgebieden beter aan elkaar willen koppelen, zodat soorten zich ook gemakkelijker kunnen verplaatsen van het ene natuurgebied naar het andere.” Met dit soort maatregelen moet de achteruitgang van de natuur worden tegengegaan.
“Wat we weten, en dat vind ik zorgelijk, is dat als we nu kijken naar alle soorten natuur die we hebben, dat voor 50 procent van de soorten de condities niet op orde zijn. Dan heb ik het over dieren en vlinders, dat soort soorten.” Dat betekent dat die categorieën achteruitgaan. “En dat is precies wat we niet willen.”
Daling wel in gang gezet
Toch benadrukt Hekkert dat er al wel veel gebeurt om het stikstofprobleem aan te pakken, al betekenen de cijfers een forse opgave voor het nieuwe kabinet. De daling van stikstofdepositie wordt volgens hem nu echt in gang gezet, ook komt er vanuit het buitenland steeds minder stikstof Nederland binnen.