Vier van de zes Iraanse voetbalsters die een week geleden in Australië asiel hadden gekregen nadat zij met het nationale elftal waren uitgeschakeld bij het Aziatisch kampioenschap, hebben zich toch weer bij hun ploeggenoten in Kuala Lumpur gevoegd. Dat geldt ook voor een staflid, dat een humanitair visum had ontvangen en aanvankelijk ook geaccepteerd.

Het zevental was vorige week dinsdag niet met de nationale ploeg meegereisd naar Maleisië, waar een tussenstop is gemaakt in afwachting van een vlucht naar hun in oorlog verkerende vaderland. Iran raakte in een gewelddadig conflict met de Verenigde Staten en Israël nadat de Iraanse voetbalploeg in Australië was gearriveerd voor de Asia Cup.

Waarom de Iraanse vrouwen bij nader inzien toch geen gebruik maken van het toegekende asiel is niet bekendgemaakt, maar vermoed wordt dat er vanuit Iran druk is uitgeoefend op de achterblijvers en er mogelijk gevaar dreigde voor hun familieleden in Iran.

“Dit zijn zeer persoonlijke beslissingen en de regering respecteert de beslissingen van degenen die ervoor hebben gekozen terug te keren”, reageerde de Australische onderminister van Immigratie Matt Thistlethwaite. “Wij blijven steun bieden aan de twee die overblijven.”

De Iraanse voetbalsters hadden vanuit eigen land al stevige kritiek te verduren gekregen toen zij voor hun eerste groepswedstrijd het volkslied niet hadden meegezongen. Op de Iraanse staats-tv werden de speelsters uitgemaakt voor “verraders”. Bij het volgende duel zongen en salueerden ze wel tijdens het volkslied.