Reuters
Door de oorlog in het Midden-Oosten wordt de dollar als wereldwijd betaalmiddel op de proef gesteld. De Amerikaanse munt geldt al decennia als dé valuta voor de wereldhandel, maar door de oorlog heeft het toch al wankele vertrouwen in de dollar een extra deuk opgelopen. Heeft de dollar als wereldmunt zijn beste tijd gehad?
Sinds vorige week dwingt Iran landen hun oliebetalingen te doen in de Chinese yuan. Daarmee gaat het land in tegen een internationale afspraak dat olie moet worden afgerekend in dollars. De Deutsche Bank schreef afgelopen week in een analyse dat het conflict de geschiedenisboeken in kan gaan als “de katalysator van de afbrokkeling van de dollar-dominantie”.
Nederlandse economen zien inderdaad het vertrouwen in de dollar afnemen, maar temperen de analyse van de Deutsche Bank enigszins. “Landen die geen vrienden zijn van Amerika, waaronder China en Iran, roepen al twintig jaar dat ze in een andere munt willen betalen”, zegt econoom Mathijs Bouman. “Dat sentiment wordt nu breder gedragen, maar de dollar daadwerkelijk van de troon stoten, is heel moeilijk.”
Het hele internationale financiële systeem draait op de dollar als rekeneenheid.
Mathijs Bouman
Maar eerst: hoe is de dollar aan zijn machtspositie gekomen?
Welke munt de wereldmarkt domineert, hangt samen met economische dominantie, legt hoofdeconoom bij ING Bert Colijn uit. Waar begin 20e eeuw het economische zwaartepunt nog bij het Verenigd Koninkrijk lag, is dat na de twee wereldoorlogen verschoven naar de VS. “De dollar werd het smeermiddel van de wereldeconomie.”
Deze dominantie werd nog sterker in 1974, toen de VS en Saudi-Arabië afspraken dat alle olie voortaan in dollars moest worden afgerekend. Andere olie-exporterende landen sloten zich hierbij aan. In ruil hiervoor zou Washington de veiligheid in de regio garanderen. De internationale rol van de dollar is grotendeels gestoeld op deze olie-afspraak, door economen ook wel het petrodollar-systeem genoemd.
“Het hele internationale financiële systeem draait op de dollar als rekeneenheid”, zegt Bouman. Met als voordeel voor Amerika: door dat rotsvaste vertrouwen kan de VS veel lenen tegen een relatief lage rente. Bouman: “Iedereen wil toch altijd wel die dollar hebben. Amerika kan het dus heel bont maken met financieringstekorten zonder dat de rente omhoog gaat.”
Munt van de aartsvijand
Maar in dat vertrouwen beginnen barsten te ontstaan. En dat begon al voor de oorlog. De Golfstaten verkopen inmiddels veel meer olie aan Azië dan aan de VS en niet elk land is er blij mee dat daar een Amerikaanse bank aan te pas moet komen. Bouman: “Veel landen, Iran voorop, vinden het ideologisch heel ingewikkeld dat ze moeten afrekenen in de munt van de aartsvijand.”
En nu Amerika zijn kant van die afspraak uit 1974 – namelijk: veiligheid garanderen in de Golfregio – niet lijkt na te komen, groeien de twijfels ook bij VS-gezinde landen. Volgens de analyse van de Deutsche Bank zou dit wel eens de “perfecte storm” kunnen zijn voor de afbraak van het petrodollar-systeem.
Econoom Colijn beaamt dat de economische dominantie van de VS afneemt. Voor een deel wijt hij dat aan de opkomst van andere economieën, zoals die van China, maar ook aan de groeiende nervositeit op de wereldmarkt over Amerika’s economische beleid. “Centrale banken vinden het prettig om niet al hun reserves in dollars te hebben staan. Ze willen niet het risico lopen dat de VS daar bij kan, bijvoorbeeld als er ruzie is.”
Trumps beleid
De economische bokkensprongen van Trump in het afgelopen jaar, zoals het invoeren van hoge importheffingen en het aanstellen van vertrouwelingen bij de Amerikaanse Centrale Bank, dragen daaraan bij, zegt Bouman. “Nu maakt Trump het zó bont dat het de waarde van de dollar ondermijnt. Mensen gaan daardoor denken: wil ik die munt nog wel hebben?”
Een Nederlands voorbeeld hiervan is pensioenfonds ABP, dat afgelopen jaar voor 10 miljard euro aan Amerikaanse staatsobligaties van de hand deed. “Dit geeft aan dat er twijfel aan het ontstaan is over de betrouwbaarheid van het Amerikaanse financiële systeem”, zegt Colijn. Volgens hem zetten meer grote partijen deze stap. Maar, zo benadrukt hij, “op het totaal van de markt is het nihil”. “Aan de marges neemt de dominantie van de dollar zeker af, maar ik zie niet snel een andere kandidaat die hegemonie doorbreken.”
Bouman sluit zich hierbij aan. “Ja, er is een verandering te zien, maar je moet het wel met zijn allen tegelijk doen. Ik kan me goed voorstellen dat, zelfs als Amerika geen wereldmacht meer is, we nog steeds de dollar gebruiken als wereldmunt.”