“De grootste bedreiging voor de energiezekerheid ooit.” De alarmerende woorden van het Internationaal Energieagentschap (IEA) zetten de wereld maximaal op scherp na de blokkering van de Straat van Hormuz. Misschien iets té, concludeert hoofdeconoom Marieke Blom. Zelfs de CEO van een groot bedrijf vroeg haar recent of dit ‘net zo’n grote crisis wordt als bij covid’.
Haar antwoord was helder: nee. Uit alle berekeningen van de rekenmeesters bij de bank blijkt dat het ‘pijnlijk’ wordt, ‘maar geen armageddon’, zegt de econoom. Voor dit jaar wordt zelfs nog 1 procent groei van de economie verwacht.
Niet enorm alarmerend
Grotere pijn komt er volgend jaar, maar ook daarover zijn de verwachtingen niet enorm alarmerend. In het slechtste scenario gaan de economen bij het Centraal Planbureau uit van stagnatie: geen groei en geen krimp van de economie. Niet te vergelijken met de krimp van 3,7 procent in coronajaar 2020.
Sinds vrijdag is de Straat van Hormuz, de belangrijke handelsroute voor olie, weer door Iran geopend. Het is de vraag of dat zo blijft.
Grote paniek is dus niet nodig. Maar economen van Rabobank verwachten wel dat de voedselprijzen volgend jaar met 7 procent gaan stijgen. Is dat, na de eerdere prijsstijgingen, nog wel te dragen?
“Voor de eerdere prijsstijgingen zijn de meeste mensen gecompenseerd door hogere lonen. De koopkracht is wel hersteld, al hoeft dat niet altijd zo te voelen.”
“7 procent is alsnog een flinke stijging. Ook omdat mensen met een laag inkomen een veel groter deel van hun inkomen uitgeven aan boodschappen dan mensen met een hoog inkomen. Die boodschappen worden duurder door hoge energieprijzen. Hogere inkomens geven juist meer uit aan bijvoorbeeld vliegtickets. Dat kun je makkelijker missen. Maar minder verwarmen en rijden is lastiger.”
Het kabinet zet nu onder andere in op een hogere reiskostenvergoeding en een noodfonds voor de allerarmsten. Is dit een goed plan?
“De energiecrisis komt het hardst aan bij de mensen die voor hun werk veel moeten rijden of die een hoge energierekening en een laag inkomen hebben. Dit pakket is dus erg gericht op de mensen die het nodig hebben. Dat was tijdens de coronacrisis anders. Toen werden ook mensen die het niet nodig hadden gecompenseerd.”
Het helpt inderdaad bij de energierekening en bij de pomp, maar niet bij die dure boodschappen.
“Het duurt nog lang voordat mensen die stijgende prijzen terug gaan zien bij hun boodschappenmandje. Dus is het ook nog wel afwachten hoe erg het wordt. Het kabinet kan, als het nodig is, via toeslagen en uitkeringen wat doen om mensen tegemoet te komen, maar het is nu nog wel echt te vroeg daarvoor.”
We bewegen van crisis naar crisis. En bij elke crisis wordt weer een steunpakket opgetuigd. Hoe worden we weerbaarder?
“We zijn op verschillende terreinen afhankelijk van andere landen. De allerbelangrijkste afhankelijkheid is defensie, dus dat is het eerste waar Europa mee aan de slag moet en ook is. Dan komen digitalisering, energie en handel. En ons financiële systeem is in een financiële crisis ook afhankelijk van de hulp van de Amerikaanse centrale bank.”
“We willen niet in een situatie komen dat we enorm onder druk staan door die afhankelijkheden van de rest van de wereld. Dat is je startpunt. Dat is een totaal ander model dan ‘hoe kunnen we zo rijk mogelijk zijn’, de focus op economische groei.”
Dat klinkt als een grote verschuiving, die ook pijnlijk is voor de portemonnee.
“Als we schokken willen dempen, dan kost ons dat allemaal geld. Als je buffers moet inbouwen, creëer je namelijk een inefficiënter systeem en daarmee verlies je groeipotentieel.”
Is er ook draagvlak voor? Meer geld naar defensie en verduurzaming was prima totdat het geld werd weggehaald bij de zorg. Laat staan dat er nog meer langetermijninvesteringen bijkomen.
“Mijn indruk is dat er veel draagvlak voor is en dat mensen bereid zijn om offers te brengen. Veel mensen zeggen ook dat er meer geld moet naar duurzaamheid. En mensen willen zelf graag veilig zijn en dat hun kinderen veilig zijn. Maar de volgende vraag is: ten koste waarvan? Het moet ergens van betaald worden.”
“En dan zijn er verschillende politieke keuzes die je kunt maken, naast bezuinigingen op de zorg. Van btw-verhoging tot een beperking van de hypotheekrenteaftrek. Het lastige is dat we een minderheidskabinet hebben dat een meerderheid moet vinden voor het verdelen van die pijn.”
Was een meerderheidskabinet beter geweest, als het om deze langetermijninvesteringen gaat?
“Ik denk dat je makkelijker gelegenheidscoalities vindt voor iets waar geld bij moet, dan voor het tekenen voor de pijnlijke maatregelen.”
Hier ligt dus een grote taak voor de politiek. Ook voor de CEO van het grote bedrijf die u eerder sprak?
“Ja. En de mensen thuis. We moeten dit opbrengen met elkaar. Je moet als bedrijf en als burger gaan nadenken over de buffers die je zelf gaat opbouwen. De noodpakketten zijn er een voorbeeld van. Hoe meer mensen een noodpakket hebben, hoe minder hard een klap aankomt.”
Bekijk hier waarom de wereld zo erg afhankelijk is van één zeestraat: