Dat meldt de NVM vandaag in het jaarraport vakantiewoningen. In 2025 wisselden 4.273 vakantiehuizen van eigenaar, een bescheiden plus van 2,9 procent. 

De gemiddelde verkoopprijs bleef nagenoeg stabiel op circa 247.000 euro. Daarmee komt een einde aan jarenlange prijsstijgingen sinds de coronapandemie, al ligt het prijsniveau nog altijd zo’n 40 procent hoger dan vijf jaar geleden.

Meer keuze, minder gekte

Tegelijkertijd nam het aanbod in 2025 fors toe: er werden meer dan 2.700 recreatiewoningen te koop gezet via een NVM-makelaar. Dat is het hoogste aantal in 15 jaar tijd. Kopers voelen hierdoor minder druk om te overbieden en betalen 3,4 procent onder de vraagprijs.

Het bieden boven de vraagprijs is bij recreatiewoningen minder gebruikelijk. Slechts bij 15 procent van de aankopen werd overboden. 

Prijzen onder druk

Daarbij werden deze recreatiewoningen gemiddeld in 84 dagen verkocht; een stuk langer dan de gemiddeld 32 dagen bij bestaande koopwoningen. Na jaren van krapte beweegt de markt naar meer evenwicht, zegt de NVM.

Lichte prijsstijgingen waren er nog wel in het midden- en lagere segment, vooral bij woningen op bijzondere locaties, zoals de Waddeneilanden of de Friese meren. Op nieuwere, grootschalige vakantieparken is het beeld juist omgekeerd: daar groeit het aanbod en staan prijzen onder druk.

Makelaars zien steeds meer geïnteresseerden die een vakantiehuisje willen om er zelf gebruik van te maken. Waar recreatiewoningen eerder vooral werden gekocht door beleggers uit de Randstad, die hun vakantiewoning vooral gebruikten om geld mee te verdienen, komen de kopers nu vaker uit de regio, met name uit Brabant.

“Onder meer Duitse particulieren kopen vaker voor eigen gebruik en hechten minder waarde aan rendement, wat hun aandeel aanzienlijk heeft vergroot.” zegt NVM-makelaar Mark Jansen.

Soms worden de vakantiehuizen gekocht voor meer dan alleen vakanties, bijvoorbeeld om er maanden achter elkaar te gaan wonen. Het kabinet heeft eerder aangekondigd dat vakantiewoningen permanent bewoond mogen gaan worden.

Hogere belastingen

Fiscale veranderingen, zoals de belastingverhogingen in box 3, maken vakantiewoningen minder aantrekkelijk als belegger. Ook is de BTW op overnachtingen dit jaar gestegen naar 21 procent. Verhuur wordt minder gezien als winstmodel en vooral ingezet om kosten te dekken. Dat maakt beleggers terughoudend en zorgt voor extra aanbod.

Een vakantiehuisje op een bijzondere plek blijft nog wel populair, vooral als dit afgelegen woningen zijn met privacy, natuur en op eigen grond. Kopers zijn kritischer geworden, mijden erfpacht en letten steeds meer op duurzaamheid en energielasten. 

De recreatiewoning ontwikkelt zich daarmee steeds duidelijker tot bezit voor eigen gebruik, in plaats van een puur financieel product.

Wie zoekt naar ruimte voor zijn geld, komt uit in Limburg. Ondanks dat Brabant de laagste gemiddelde verkoopprijs kent, is Limburg de goedkoopste toeristische regio gemeten naar prijs per vierkante meter. Met gemiddeld 2.616 euro per vierkante meter krijgen kopers daar de meeste woonruimte voor hun geld.

De Achterhoek, vorig jaar nog de voordeligste regio, zakt naar plek twee na een prijsstijging van 10 procent. De sterkste stijging wordt gemeten in Drenthe, waar de vierkante meterprijs in één jaar met 22 procent opliep.

Zeeland koploper

Aan de bovenkant van de markt blijven de Waddeneilanden en Zeeland koploper. Op de Waddeneilanden stegen de prijzen met 15 procent, wat de aanhoudende populariteit onderstreept. 

In Zeeland, waar de meeste vakantiewoningen staan, daalden de gemiddelde prijzen doordat vooral kleinere woningen van eigenaar wisselden. In kustplaatsen als Domburg zijn de vierkantemeter‑prijzen van de 7.000 euro nog wel fors.