Elke keer wanneer Nicolette als jong kind, destijds acht jaar oud, wakker werd van de geur van tabaksrook, wist ze dat het weer een lange en zware nacht zou worden. Dat haar ouders binnenshuis rookten, betekende dat ze weer dronken waren.
En dan wist ze: haar moeder zou zich later die nacht over de vloer naar de voet van de trap slepen, en klaaglijk naar boven gaan roepen om hulp. “Mijn vader was dan al naar de schuur vertrokken”, zegt Nicolette. “Hij sliep daar vaak op een bank. Geen zin in gedoe.”
Dronken moeder
Haar moeder leefde met de gevolgen van polio, en kon – zeker als ze dronken was – niet zelfstandig naar boven komen. Haar negeren hielp niet, want ze bleef roepen tot er hulp kwam. Dus dan klom Nicolette midden in de nacht toch maar weer uit bed en sleepte haar moeder naar boven. Soms alleen, soms samen met haar tweelingbroer.
© Eigen foto
De jonge Nicolette.
“Mijn vader wakker maken deden we alleen als het echt niet anders kon. Hij werd dan echt razend. Gebruikte geweld, tegen mijn moeder en meestal ook tegen ons.”
Ze vertelt het verhaal zonder enige terughoudendheid. Het zit ‘nog steeds diep’, zegt ze, maar ze wil er niet meer onder gebukt gaan. “Ik moet verder met mijn leven, wat kan ik anders?”
Ik was zo zwaar verslaafd aan lachgas dat ik mijn handen niet meer kon dichtknijpen”
We zitten in haar vaste boksschool, Van ’t Hof in Rotterdam. Op de achtergrond slaan jongens en mannen tegen bokszakken, opgejut door trainers. Iemand komt een broodje brengen. “Gezond”, zegt hij erbij.
“Ik moet weer op gewicht komen”, zegt ze. “Na het vorige gevecht heb ik me bezondigd aan een paar broodjes kebab, dat moet ik eraf trainen.”
Hier werkt ze dagelijks aan haar grote droom, die tegelijk een soort therapie is om met alle ellende van vroeger te dealen. “Ik wil boksen op de Olympische Spelen.” Maar daarover straks meer.
© Renske Holwerda
Voorbereiden op de Spelen.
Nicolette groeide op in Voorschoten, in een arbeiderswoning waarin ook een halve kinderboerderij aan dieren leefde: parkieten, katten, cavia’s, konijnen, en hondje Lola die nog altijd bij haar is. Als ze nu de dagboeken terugleest van toen ze acht, negen jaar was, ziet ze een meisje dat boos was op de wereld. “Mijn ouders zeiden continu dat de wereld tegen ons was. Ik nam dat over, dacht dat de wereld tegen mij was. Ik voelde me niet fijn, niet veilig. Dat betrok ik op mezelf, ik dacht dat het aan mij lag. Ik schreef zelfs ergens dat ik niet wilde leven.”
Toen ze 12 was, rookte ze haar eerste jointje. Ze kreeg de wiet voor een zeer zacht prijsje van een bevriende dealer. “Ik was meteen verkocht”, zegt ze daar nu over. “Dat was het lekkerste wat ik ooit had ervaren, even zonder emoties, los van de wereld.”
Jarenlang verslaafd
De gewoonte werd een verslaving, en die hield aan tot 2021. “Ik rookte dagelijks drie tot vijf gram. En de laatste jaren was ik ook nog lachgas gaan gebruiken. Ik was – moeilijk om te zeggen maar wel de waarheid – zelf een verslaafde geworden.”
Opvallend genoeg functioneerde ze in de gewone wereld uitstekend. Ze haalde haar diploma vmbo-t in 2015. Vanaf november 2016 werkte ze een tijd fulltime bij McDonald’s, zonder problemen. In 2017 begon ze aan een opleiding marketing en communicatie op mbo4-niveau.
© Eigen foto
Nicolette in haar jonge jaren.
“En daarbovenop speelde ik tophockey”, zegt ze. “Op het een na hoogste niveau in Nederland. Ik stond in het doel bij Cartouche uit Voorburg.”
Het roken van wiet deerde haar niet als student, niet als werknemer, en ook niet als keeper, zegt ze. “Ik was best een goeie keeper, al zeg ik het zelf. Al was ik wel een beetje een hockeytokkie, ik paste er eigenlijk niet bij. Ik intimideerde tegenstanders fysiek, en ook met mijn grote bek. Na de wedstrijd stak ik in de kleedkamer een sigaret op, zulke dingen. Daar keken mijn teamgenoten weleens van op.”
Ouders uit huis gezet
Haar ouders werden uiteindelijk in november 2016 hun huis uitgezet, wegens aanhoudende overlast. Nicolette, nog maar net 18 en dus voor de wet volwassen, besloot niet mee te gaan in ‘het daklozentraject’ waar haar ouders in terechtkwamen.
“De moeder van een ploeggenootje ontfermde zich over mij”, zegt Nicolette, met een kleine brok in haar keel. “Ik beschouw haar, Esther, als mijn bonusmoeder. Zij heeft me in huis genomen, en me later geholpen een kamer te krijgen in een studentencomplex in Den Haag. Echt een reddende engel.”
© Renske Holwerda
Met hond Lola (15 jaar).
De eerste keer dat ze zich realiseerde dat ze haar leven rigoureus moest veranderen, was door haar studie. Tijdens lessen over verslaving besefte ze: “Dit gaat over mij. Ik was toen zo zwaar verslaafd aan het lachgas dat ik mijn handen niet meer kon dichtknijpen. Toen wist ik: zo kan ik niet oud worden.”
Ze checkte zichzelf in bij een ontwenningskliniek in Valkenburg. Twaalf dagen zou ze blijven. “Dat was voor mij genoeg om van de verslaving af te raken.” Daarna blowde ze nog wel, maar de scherpe randjes waren van de verslaving af.
Weer mis
Het ging echter opnieuw fout toen haar tweede hondje Bebe, toen nog een jonkie van drie jaar, in beslag werd genomen door de politie. Dat was in november 2023. Bebe – die van een bully-soort is – ‘voelde dat hij me moest beschermen’ en was met een happende beweging opgesprongen naar een moeder die een kind vasthield. Het kind had een krasje op een been. De politie houdt de hond nog altijd op een onbekende locatie vast, er lopen nog steeds rechtszaken om haar terug te krijgen.
“Toen ze hem wegnamen, ging het echt even fout met me. Ik werd zelf ook nog even vastgezet door de politie, omdat die vrouw had beweerd dat ik de hond op haar afgestuurd had – wat absoluut onzin is. Ik kreeg een acute stressstoornis. Trillen over mijn hele lichaam, ik kon geen normale zinnen formuleren. Esther heeft me toen opnieuw in huis genomen.”
© Eigen foto
Nicolette met Bebe en Lola.
Het was ‘een definitief keerpunt’, zegt ze daar nu over. “Toen wilde ik weer naar de middelen grijpen. Maar ik voelde dat het dan fout zou gaan, dat ik dan het pad van mijn ouders op zou gaan. Ik moest mijn leven in mijn eigen handen nemen.”
Gezond leven
Vanaf dat moment stortte ze zich volledig op een gezond leven. Met hockey was ze in 2019 al gestopt, maar nu kon ze in boksen al haar energie kwijt. En ze bleek een natuurtalent. In februari 2024, krap een jaar nadat ze het boksen tot hoofddoel had gemaakt, vocht ze al haar eerste wedstrijd. Ze bokst nu in de B-klasse, waarin ze twee keer Nederlands kampioen werd. In november zal ze de A-klasse bereiken, het hoogste niveau. En ook daar zal ze ‘uiteraard’ de titel opeisen, in de klasse onder 70 kilogram. “Dat gaat me lukken”, zegt ze vol overtuiging. “Ik weet het zeker. Het maakt me niet uit wie er op mijn pad komt.”
Het grote doel: de Olympische Spelen van 2032 in Brisbane in Australië. “Dat heb ik als doel gesteld. Daarmee wil ik alle ellende achter me laten.”
Al is, benadrukt ze even later, de reis naar dat doel haar échte motivatie. Met een brede lach: “Stel nou – kleine kans – maar stél nou dat ik het toch niet haal, dan is het de strijd toch waard geweest, omdat ik dan heb afgerekend met de ellende.”
© Renske Holwerda
“Mijn moeder draag ik bij me op een ketting.”
Haar dagen zitten tegenwoordig prop- en propvol. Minstens één boks- of krachttraining, vaak twee. Zo goed als dagelijks rijdt ze vanuit Den Haag, waar ze nu in een eigen appartement woont, ervoor naar Rotterdam. Verder geeft ze geeft boks- en weerbaarheidslessen op scholen. Ze heeft een diploma gehaald als masseur, al heeft ze daarvoor eigenlijk te weinig tijd in haar drukke bestaan.
In juni 2024 behaalde ze haar mbo4-diploma social work. Nu werkt ze, hoe kan het ook anders, als freelancer in de jeugdzorg: “Het mooiste vind ik jongeren begeleiden die in aanraking koen met justitie. Ik merk dat ik ze wel iets kan leren met mijn verleden. Durf te dromen, geef ik ze mee. Zet door als het tegenzit. Ik probeer hun veerkracht aan te boren. Soms zie je dan een knopje omgaan bij die gastjes, als ze snappen dat ik weet waar ik over praat. Fijn dat ik daar iets in kan betekenen.”
Daarnaast zit ze ook nog wekelijks op de tribune bij wedstrijden van ADO Den Haag, én zorgt ze voor hond Lola. “Ze is bij me sinds 2013, dus ze heeft alles meegemaakt. De moeilijke nachten in mijn jeugd, de huisuitzetting, alles. 15 is ze alweer. Lola is heel bijzonder.”
En ze blijft vechten voor de terugkeer van Bebe, zegt ze. “Ik moet en zal hem terugkrijgen.”
© Eigen foto
Nicolette met haar vader en trainer na het behalen van de Nederlandse titel.
Haar beide ouders zijn intussen overleden. Moeder in 2019, vader vorig jaar april. Louterende gesprekken zijn er niet geweest: “Daar heb ik me bij neergelegd.” Toch heeft ze in de eindfase voor beiden gezorgd. “Ik heb de hand vastgehouden van mijn vader toen hij overleed. Ik kan ze van alles kwalijk nemen, en dat doe ik natuurlijk ook wel, maar ik wil daar niet in vast blijven zitten. Daarom heb ik geaccepteerd dat ze waren zoals ze waren. Hij heeft nog meegemaakt dat ik mijn mbo4-diploma haalde, dat was een moment van trots voor me.”
Met haar tweelingbroer heeft ze nog geregeld contact. Er ontbreekt nog maar één ding: een ‘leuke vent’ om haar leven mee te delen. “Soms voel ik me eenzaam”, zegt ze, terwijl de randen van haar ogen vollopen. “Stiekem hoop ik dat nog voor mezelf, thuiskomen en dan even rustig over mijn dag kunnen praten met iemand. Samen een leven opbouwen, een fijn thuis creëren.”
Dan veert ze op: “Maar ik ben nog jong zat, toch? Er zal vast wel iemand rondlopen voor me.”
Zondaginterview
Elke zondag publiceren we een interview in tekst en foto’s van iemand die iets bijzonders doet of heeft meegemaakt. Dat kan een ingrijpende gebeurtenis zijn waar diegene bewonderenswaardig mee omgaat. De zondaginterviews hebben gemeen dat het verhaal van grote invloed is op het leven van de geïnterviewde.
Ben of ken jij iemand die geschikt zou zijn voor een zondaginterview? Laat het ons weten via dit mailadres: zondaginterview@rtl.nl
Lees hier de eerdere zondaginterviews.