De motie komt voort uit het debat van vorige week, waarin meerdere partijen pleitten voor een update van de wet. Die stamt uit 2009, een tijd waarin laptops nog geen vast onderdeel van het onderwijs waren. Inmiddels werken vrijwel alle leerlingen digitaal, maar moeten ouders die apparaten vaak nog zelf betalen.

Van boeken naar laptops

Marjolein Moorman (PRO), Ilana Rooderkerk (D66) en Arend Kisteman (VVD) zien voordelen in het opnemen van laptops in de wet. Daarmee zouden scholen meer grip krijgen op wat leerlingen gebruiken in de klas, en kan de ongelijkheid tussen leerlingen worden verkleind. Nu werken veel scholen met ‘bring your own device’, waarbij de kwaliteit van laptops sterk kan verschillen. 

De Kamer wil dat het kabinet samen met onderwijsorganisaties zoals de VO-raad en SIVON in kaart brengt hoe scholen nu al omgaan met het verstrekken van devices. Die voorbeelden moeten worden verzameld en mogelijk breder worden ingevoerd.

Onderzoek

Van een definitieve invoering is nog geen sprake. De Kamer wil dat het kabinet uiterlijk in 2027 duidelijk maakt of de wet daadwerkelijk kan worden aangepast naar een ‘Wet Gratis Leermiddelen’. Daarbij wordt ook gekeken of scholen de kosten deels zelf kunnen opvangen, bijvoorbeeld door slimmer om te gaan met lesmateriaal. Zo wordt onder meer gedacht aan minder gebruik van wegwerpschoolboeken, waardoor geld vrijkomt voor digitale middelen.

Deze leerlingen leggen uit waarom ze een laptop nodig hebben (tekst gaat daarna verder):

Discussie over geld blijft

De financiering blijft een belangrijk discussiepunt. Coalitiepartijen VVD en D66 benadrukken dat er geen extra geld bij hoeft te komen en zien het als een keuze binnen bestaande budgetten. PRO sluit niet uit dat er uiteindelijk toch extra middelen nodig zijn. Met de motie zet de Kamer wel een duidelijke stap. Onduidelijk is nog hoe het kabinet ertegenover staat.