‘Vijf sterren. Mooi gemaal. Prachtige omgeving.’
‘Vijf sterren. Geweldige plek om landende vliegtuigen te zien!’
‘Vier sterren. Leuk.’

De Google-reviews van gemaal De Bolstra in Oude Meer, dat het overtollige water van het Schiphol-terrein afvoert naar de Ringvaart van de Haarlemmermeer, zijn vrijwel allemaal lovend. Het gemaal zorgt samen met andere gemalen voor de waterhuishouding in de Haarlemmermeerpolder, en bezoekers maken er graag foto’s van de opstijgende vliegtuigen. 

Maar het Schiphol-water dat dit ‘mooie’ gemaal uitmaalt naar de Ringvaart, is al jaren sterk vervuild met pfos, een soort pfas. Het is de meest vervuilde plek uit de omgeving, en die pfos verspreidt zich ook steeds verder. Dat is bijzonder, aangezien pfos allang verboden zijn. FTM zocht uit wat er bekend is over de vervuiling bij Schiphol, en waarom de instanties niet ingrijpen.

1 miljoen liter

In het verleden vonden op Schiphol meerdere incidenten en oefeningen plaats met pfos-blusschuim. Het meest serieuze voorval was in 2008, toen een sprinklerinstallatie die  afging zonder dat er brand was ervoor zorgde dat maar liefst 1 miljoen liter bluswater met pfos in de bodem terechtkwam. 

Vanaf 2016 werd langzamerhand duidelijk hoe uitgebreid de vervuiling op het Schiphol-terrein daadwerkelijk was. Ook werd steeds meer bekend over de andere plekken waar met blusschuim was gewerkt. Alle grond die afkomstig was van Schiphol werd toen behandeld als ‘pfas-verdacht’.

Maar nu, bijna twintig jaar na het bewuste incident, zijn de verontreinigingen nog steeds niet volledig in beeld, en blijven deze zich dus verspreiden.

Via het water naar het bos

Dat Schiphol een belangrijke bron is voor pfas-vervuiling in de nabijgelegen Ringvaart, ziet ook het Hoogheemraadschap van Rijnland. Rijnland is als waterschap verantwoordelijk voor de kwaliteit van het water in het gebied. In een memo van begin januari schrijft het: ‘De hoge concentraties in het deel van de Ringvaart bij Schiphol zijn afkomstig van het Schipholgebied.’ En: ‘Er lijken hier geen andere lokale bronnen te zijn met emissies op de Ringvaart.’ 

De pfas-soort waar zorgen over bestaan, is ‘pfos’, die vooral afkomstig is van plekken waar vroeger blusschuim is gebruikt. De pfos blijft in de bodem hangen en komt via het grondwater en regenwater in het oppervlaktewater terecht, en verspreidt zich zo verder. Zo komt er onder andere pfos terecht in het Amsterdamse Bos, waar FTM eerder al een artikel over schreef.

Rijnland schat in dat ‘door aanpak van enkele bronlocaties relatief veel milieuwinst is te behalen’

En die verspreiding gaat voorlopig door, in relatief hoge hoeveelheden: ‘In de Ringvaart in de buurt van Schiphol zijn de pfos-concentraties ongeveer tien keer hoger dan op andere plekken in de Ringvaart,’ staat in de memo van Rijnland. ‘Op de plek waar gemaal Bolstra het water van Schiphol uitmaalt op de Ringvaart zijn de concentraties vijftig keer hoger.’ Bij Bolstra worden zelfs de waarden om veilig te kunnen zwemmen structureel overschreden. ‘Er is geen sprake van verbetering van de waterkwaliteit,’ schrijft Rijnland daarover in een memo van februari 2026. 

De waarden bij gemaal Bolstra zijn uitzonderlijk, maar ook op andere plekken in de Ringvaart, benedenstrooms van Schiphol, is te veel vervuiling in het water aangetroffen. De GGD Kennemerland adviseert nu zelfs om uit voorzorg geen zelfgevangen vis te eten uit het water rondom Schiphol. Mensen uit de omgeving kunnen hun tuinen ook beter niet besproeien met pfos-vervuild water afkomstig uit delen van de Ringvaart, en beter alleen zwemmen op officiële zwemlocaties


De pfos-waarden in de omgeving van Schiphol komen op veel plekken boven de norm van de Europese richtlijn voor waterkwaliteit, die de veiligheid van het onderwaterleven moet waarborgen. Uit onderzoek van Schiphol zelf – dat op ongeveer 60 locaties metingen liet uitvoeren – kwam naar voren dat het water op en rondom het terrein overal meer pfas bevatte dan de Europese norm. 

Vervuiling niet in beeld

De Kaderrichtlijn Water (KRW) waar die norm uit voortkomt, is een Europese richtlijn om de Europese wateren zo schoon mogelijk te houden. Volgens de KRW moeten die in 2027 ecologisch en chemisch in orde zijn. Dat gaat niet om ieder slootje of vijvertje, maar wel om de belangrijkste wateren. De Ringvaart is daar ook onderdeel van. Er is ook een verbod op ‘verslechtering’ van de waterkwaliteit.

Een overschrijding van de KRW-normen voor een stof, zoals in de omgeving van Schiphol het geval is, ‘betekent niet meteen een boete’, aldus een woordvoerder van Hoogheemraadschap Rijnland. Maar het betekent wel dat Rijnland juridisch verplicht is om te blijven werken aan verbetering, en dat de kwaliteit van het water niet achteruit mag gaan.

Maar hoe doe je zoiets? Rijnland schat in dat ‘door aanpak van enkele bronlocaties relatief veel milieuwinst is te behalen’. Die aanpak kan bijvoorbeeld zijn om ‘een bak van bentonietwanden in de grond te plaatsen, die het water tegenhoudt’. Maar daarvoor moet je wel de bronlocaties goed in beeld hebben. 

‘De volledige omvang van de vervuiling zal pas over vele jaren duidelijk worden’

Daarover zegt het waterschap: ‘Rijnland heeft twee locaties op het oog – het voormalig brandweeroefenterrein en de afvalwaterzuiveringsinstallatie van het Schiphol-terrein – maar sluit niet uit dat er nog een of twee meer zijn.’ Het waterschap doet zelf geen onderzoek naar de bronlocaties.

Het is de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied die toezicht moet houden op bodemkwaliteit. In reactie op onze vraag of er niet meer gedaan moet worden om lekkages naar het oppervlaktewater tegen te gaan, zegt de omgevingsdienst niet te kunnen reageren op de bevindingen van Rijnland, omdat de omgevingsdienst ‘niet bekend’ is met die gegevens. 

Het gaat om pfas-meetgegevens van onder andere de Ringvaart nabij Schiphol. ‘Die gegevens zijn niet openbaar,’ zegt de woordvoerder van de Omgevingsdienst tegen FTM. Maar FTM heeft die meetgegevens wel. Het kostte niet meer dan een verzoek aan Rijnland om de achterliggende meetgegevens in handen te krijgen. Op onderstaand kaartje zijn de meetgegevens te zien.

Pfas-deken over Schiphol

Inmiddels is het achttien jaar sinds het grote blusincident – en tien jaar sinds breder bekend is dat pfas-vervuiling problematisch is – maar nog steeds is dus niet helemaal duidelijk waar de pfas vanaf Schiphol in het water lekken. 

Wel is Schiphol onlangs op eigen initiatief begonnen om de vervuiling op zijn terrein in kaart te brengen. Dat doet het bedrijf vrijwillig; het is niet verplicht om zijn volledige terrein te onderzoeken en het kan Schiphol zelfs geld kosten, want als het ergens pfas boven de norm ontdekt, moet het die vervuiling meestal zelf opruimen. 

De veroorzaker van de vervuiling is namelijk verantwoordelijk voor het opruimen ervan, tenzij de veroorzaker niet bekend is of niet meer aan te wijzen, dan schuift de verantwoordelijkheid naar de eigenaar van de grond. Ook dan komen de kosten veelal op het bord van Schiphol terecht. 

Er zijn geen regels voor het opruimen van ‘oude’ vervuiling zoals die van Schiphol

Uit het onderzoek in opdracht van Schiphol blijkt dat er 111 ‘mogelijke pfas-locaties’ op het terrein aanwezig zijn. Van 27 daarvan is al duidelijk dat ze de pfas-waarden van het RIVM overschrijden, en van 11 dat het daar niet gebeurt. Op 73 locaties is aanvullend onderzoek nodig. 

Actiegroep SchipholWatch had graag wat sneller actie gezien, maar is tevreden dat er na al die tijd iets gebeurt. De groep vreest wel voor een lange doorlooptijd van de onderzoeken: ‘Het aanvullend bodemonderzoek duurt per locatie gemiddeld zes maanden,’ schrijft de groep op zijn website. Pfas-watcher Maurice van Uden van de groep vult aan: ‘Schiphol verwacht ongeveer 10 onderzoeken te kunnen starten in 2026, met 73 locaties die nog onderzocht moeten worden, kom je in zo’n tempo op zo’n 7,5 jaar. De volledige omvang van de vervuiling zal dus pas over vele jaren duidelijk worden.’ 


In twaalf jaar geen verbetering

Net als bij Schiphol zijn er vermoedelijk meer locaties in Nederland waar pfos uit de bodem blijven lekken. De Rekenkamer bracht recent een rapport uit waarin het vijftien zorgwekkende stoffen onder de loep nam (waaronder pfos), en liet zien dat er in twaalf jaar tijd nog weinig tot geen vooruitgang was geboekt voor de meeste stoffen. Voor pfos is dat bijzonder, aangezien het gebruik ervan in productieprocessen al jarenlang verboden is. 

Waarschijnlijk is hier de bodem de boosdoener, die jarenlang na een lozing of incident nog pfas kan vasthouden en ze nu weer mondjesmaat loslaat. 

Bij twee derde van de 61 meetpunten uit dat onderzoek – verspreid over heel Nederland – zijn de pfos-waarden in het water hoger dan de Europese KRW-normen. Tegen 2027 moeten al die meetpunten voldoen.

Lees verder

Inklappen

Zelfs de onderzoeken naar de locaties met de hoogste prioriteit zijn volgens de planning pas in 2028 volledig afgerond. Daaronder vallen onder andere de locaties waar verspreiding naar het oppervlaktewater mogelijk is. De deadline van 2027 voor de KRW-normen wordt op die manier vanzelfsprekend niet gehaald. 

Niet af te dwingen

Er zijn geen verplichtingen voor hoe snel zoiets moet gaan. Er is überhaupt nog geen duidelijk ‘spelregelboek’ voor oude vervuiling, zegt de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied tegen FTM. Zo weet de dienst nog niet wanneer een vervuiling ‘ernstig genoeg’ is om te moeten saneren of tot welke waarde er moet worden schoongemaakt. Daarom nemen ze nu in de praktijk als leidraad dat de grond schoon genoeg moet zijn voor de functie die deze vervult, en daarbij geen onnodige risico’s veroorzaakt. Dat geeft veel onduidelijkheid; er moet per individueel geval van vervuiling beslist worden.

‘De omgevingsdiensten kunnen op dit moment niet eenvoudig afdwingen dat één partij alle historische schade herstelt, zeker als het gebruik destijds min of meer normaal was en de vervuiling al decennia oud,’ zegt de woordvoerder van de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied. ‘Ook kunnen ze niet automatisch eisen dat een grondeigenaar alle mogelijke pfas-locaties volledig onderzoekt, tenzij er een heel concrete aanleiding voor is.’ 

Waar de overheden en partijen die gaan saneren ook mee worstelen, is dat niet iedere sanering altijd beter is voor het milieu, of proportioneel qua kosten. Ze willen dat daar een duidelijk landelijk kader voor komt. 

‘Het is noodzakelijk dat er een goed onderbouwde set landelijke normen en saneringsdoelen voor historische pfas komen,’ zegt de woordvoerder van de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied. De dienst wil ook dat er landelijk prioriteiten worden gesteld: wat pak je bijvoorbeeld eerst aan, vervuiling die kan verspreiden, of die mensen en dieren blootstelt aan pfas in het water of via voedsel? ‘Dat maakt het beleid krachtiger, voorspelbaarder, beter uitvoerbaar en beter uit te leggen, zodat milieu- en gezondheidsschade beter kan worden voorkomen.’

Follow the Money staat voor radicaal onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Ons werk is mogelijk dankzij het vertrouwen van onze betalende leden. Nog geen lid? Meld je dan nu aan

Volg dit dossier
Ontvolg dit dossier