Regie: László Nemes | Scenario: László Nemes en Clara Royer | Cast: Bojtorján Barabas (Andor), Andrea Waskovics (Klára), Grégory Gadebois (Berend Mihály), Elíz Szabó (Sári), Soma Sánder (Tamás), e.a. | Speelduur: 132 minuten | Jaar: 2025

1957. Boedapest ligt in puin nadat de Hongaarse opstand met harde hand is neergeslagen door de Sovjet-Unie. In de restanten van de stad wacht de jonge Andor op zijn vader Hirsch, die al jaren vermist is en die hij amper heeft gekend. Totdat Berend Mihály plotseling voor de deur staat en beweert zijn vader te zijn. Mihály is wreed en gewelddadig, en Andor vertikt het deze man te accepteren. Orphan is een somber drama dat de queeste van een jongen naar zijn vader verbeeldt tegen de achtergrond van de naschokken van de Hongaarse opstand.

In al het puin is Andor op zoek naar tekenen van zijn vader, zoals kleine verscheurde kaartjes die hij verkocht of herinneringen via zijn oude vriend Géza. Hij praat ook tegen zijn vader via de reusachtige boiler in de kelder van het appartementencomplex, wat Orphan een sprookjesachtig gevoel geeft. De film volgt een jongen die de onderbuik van Boedapest betreedt op zoek naar een vage schim van zijn vader, om te ontsnappen aan een vader die hij niet wil.

Het Boedapest waar Andor doorheen reist is zo prachtig en geloofwaardig vormgegeven dat je ervan versteld staat. Het is alsof de filmmakers de stad hebben nagebouwd om vervolgens de Hongaarse opstand na te spelen en dat op de film vast te leggen. Alle details lijken te kloppen, van communistische propaganda-affiches tot aftandse meubels en de ouderwetse muziek die uit de ramen schalt. Vooral de enorme ruïnes maken indruk.

Ook het kleurgebruik draagt daaraan bij. De buitenshots hebben een viezige, bruine tint, alsof er een laag stof over de lens ligt. De binnenshots zijn wat lichter en neigen naar goudbruin, waardoor de film het karakter krijgt van een oude, vergeelde foto. Zo wordt de wereld waar Andor in opgroeit voelbaar: je voelt het stof in je longen en de schimmelachtige vochtigheid van de ondergrondse tunnels in je botten.

Het camerawerk maakt Orphan eveneens tastbaar. De camera glijdt vloeiend door de omgeving, waardoor je het gevoel hebt een anonieme omstander te zijn. Je zit midden in de ruzies tussen Andor en zijn moeder en als hij door de straten rent, ren je met hem mee. In sommige scènes plakt de camera bijna aan hem vast, wat in combinatie met het beeldformaat een beklemmend effect heeft.

De aandacht voor de verbeelding van Boedapest tijdens deze historische periode komt ook in de cinematografie tot uiting. Andor wordt vaak van boven gefilmd, wat de schaal van verwoesting extra goed zichtbaar maakt. Daarnaast gebeurt er veel op de achtergrond van de shots, zoals politiemannen die een burger in elkaar slaan. Samen met het kleurgebruik maakt dit van Boedapest een overtuigende, levendige wereld.

Andor zelf is minder overtuigend als personage. Bojtorján Barabas weet met een verbeten blik zijn angst en woede goed vast te leggen, maar er is weinig ruimte voor andere emoties. Hierdoor blijft Andor een vlak personage zonder veel diepgang. Tweeënhalf uur is dan een lange tijd om met hem door te brengen.

Meer gelaagdheid is te vinden bij Andors moeder Klara. Zij moet voortdurend moeilijke beslissingen nemen om te overleven. Waskovics speelt dit met prachtige subtiliteit. Haar vluchtige blikken van warmte richting haar zoon breken door alle uitputting en bezorgdheid heen, en voelen als zonlicht tussen de wolken.

Het gebrek aan lichtpunten breekt na verloop van tijd wel op. De opeenvolging van sombere gebeurtenissen verzwakken de spanningsboog en voelen repetitief aan. Toch is deze overdaad aan somberte misschien wel een accuraat portret van Boedapest in 1957, toen alle hoop vervlogen leek. Daarmee blijft Orphan vooral een prachtig vormgegeven drama over een jongen die wordt gedwongen om veel te snel op te groeien om te kunnen overleven in een labyrintische stad.

Filmposter Árva (2025)

2025 • Filminformatie

Bekijk alle info