NOS Nieuws•vandaag, 00:22
De uitbreiding van windmolens in Nederland valt bijna stil, meldt de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) in de jaarlijkse Monitor Wind op Land.
Het aantal windmolens op land neemt nog toe, net als hun totale vermogen, maar dat gaat steeds langzamer. In 2025 kwamen er negen turbines bij. Dat is nog minder dan het jaar ervoor, terwijl de aanwas toen al ver was teruggevallen.
De RVO denkt dat het vermogen van windturbines dit jaar zelfs kan dalen. Dat komt omdat dit jaar veel kleine, verouderde turbines worden weggehaald. Daar staan maar weinig nieuwbouwplannen tegenover.
NOSOntwikkeling van het vermogen van windturbines op land in Nederland
Komende jaren groeit de sector bescheiden, afgaand op het aantal plannen voor nieuwe windparken. De RVO merkt op dat er in 2025 flink wat plannen zijn bij gekomen voor de verdere toekomst, vooral in Utrecht en Overijssel. Maar die plannen zijn nog pril. Het duurt jaren voordat duidelijk is of ze doorgaan; een deel zal onderweg sneuvelen.
De voornaamste oorzaak voor de stagnatie is volgens de RVO onduidelijkheid over de regels waar windparken op land aan moeten voldoen. In 2021 sneuvelden de oude regels bij de rechter. Sindsdien werkt de overheid aan nieuwe normen. Alleen sleept de politieke discussie hierover zich voort.
De lage groei in 2025 en de dreigende krimp in 2026 laten zien wat er gebeurt wanneer werkbare regels ontbreken.
Jan Vos, voorzitter van NedZero, brancheorganisatie van de windsector
Hoewel er dus geen landelijke normen zijn, mogen provincies en gemeenten wel vergunningen verlenen. In de praktijk zijn ze hier echter terughoudend mee. Er lijkt te worden gewacht op Den Haag. Toch komen er regionaal nog altijd projecten van de grond.
Frustratie in de sector
“De lage groei in 2025 en de dreigende krimp in 2026 laten zien wat er gebeurt wanneer werkbare regels ontbreken”, reageert directeur Jan Vos van NedZero, brancheorganisatie voor de windsector.
De sector hoopt dat er duidelijke afspraken komen over de hoeveelheid geluid en ‘slagschaduw’ die windturbines op land mogen hebben. Er is duidelijk minder enthousiasme over een afstandsnorm, een minimale afstand tussen windturbines en huizen.
Onduidelijkheid is niet de enige uitdaging, schrijft de RVO. Zo worden projecten vaak tot de hoogste rechter aangevochten, kan het overvolle stroomnet dwarszitten en heeft defensie steeds meer ruimte nodig.
Verder is windenergie op land minder lucratief geworden. Door de opmars van zonne- en windenergie is er op steeds meer momenten een overdaad aan groene elektriciteit. De stroomprijs is dan nul of zelfs negatief. Windparken verdienen dan geen geld, en krijgen geen subsidie. Ook zijn materialen duurder geworden. Al die zaken maken het lastiger om nieuwe windparken rendabel te krijgen.