Patiënten met hartfalen die het oude medicijn digoxine gebruiken, lopen 25 procent minder risico om vanwege hun ziekte in het ziekenhuis te belanden. Dat blijkt uit nieuw Nederlands onderzoek onder duizend patiënten. Ook bleek een lage dosis van het middel veilig: er werden geen extra sterfgevallen gezien.
Bijwerkingen
Digoxine is een eeuwenoud medicijn dat wordt gemaakt uit een extract van vingerhoedskruid. Al in de achttiende eeuw beschreef de Britse arts William Withering de werking ervan bij hartziekten. Later stopten artsen met het gebruik omdat ze bang waren voor bijwerkingen bij hoge doseringen. Maar een lage dosering blijkt nu dus goed te werken.
In Nederland leven ongeveer een half miljoen mensen met hartfalen. Bij deze chronische aandoening pompt het hart minder goed bloed rond, waardoor organen en spieren minder zuurstof krijgen. Dat kan leiden tot vermoeidheid, kortademigheid en ziekenhuisopnames. Vooral mensen boven de 60 jaar krijgen ermee te maken.
Bij hartfalen probeert het lichaam het zwakker pompende hart te compenseren door stresshormonen zoals adrenaline aan te maken. Daardoor moet het hart harder werken, legt hoogleraar cardiologie Dirk Jan van Veldhuisen, die betrokken is bij het nieuwe onderzoek, uit. Dat helpt tijdelijk, maar op lange termijn raakt de hartspier juist verder overbelast. “Het lichaam haalt als het ware een zweep over de hartspier. Maar op lange termijn is dit slecht. Het zorgt er uiteindelijk voor dat mensen minder lang leven.”
Daarom krijgen patiënten meestal meer medicijnen die de hartspier ontlasten en de bloedvaten verwijden, zodat het hart makkelijker bloed kan rondpompen. Een nadeel van die middelen is dat ze de bloeddruk kunnen verlagen, waardoor patiënten duizelig kunnen worden. Digoxine werkt anders: het remt de voortdurende stroom van stresshormonen, waardoor het hart meer rust krijgt.
Nederlandse cardiologen uit Groningen onderzochten het effect van digoxine bij duizend patiënten in 43 ziekenhuizen. De helft kreeg naast de standaardbehandeling een lage dosis digoxine, de andere helft een placebo. Patiënten die digoxine gebruikten, hadden minder vaak een plotselinge verslechtering van hun hartfalen en hoefden aanzienlijk minder vaak naar het ziekenhuis.
Minder kans op ziekenhuisopname
Onderzoekers zagen daarnaast een opvallend effect bij patiënten die stopten met digoxine. Binnen zes weken kregen zij vaker meer ernstige problemen dan patiënten die het middel bleven gebruiken. Dat wijst erop dat digoxine de conditie van patiënten met hartfalen mogelijk stabiliseert.
Naast voordelen voor patiënten levert het ook voordelen voor de zorg op. Digoxine is namelijk erg goedkoop: nog geen tien cent per dag. Dat is flink minder dan andere medicijnen. Veel nieuwe middelen voor hartfalen kosten een paar euro per dag. “De farmaceutische industrie verdient geen geld aan zo’n oud middel omdat er geen cent aan te verdienen valt. Maar dit middel is voor de zorg veel goedkoper”, zegt Van Veldhuisen.
Niet plukken uit de tuin
Momenteel wordt hartfalen meestal behandeld met een combinatie van vier medicijnen. Van Veldhuisen denkt dat digoxine daar in de toekomst vaker aan toegevoegd kan worden.
Vingerhoedskruid staat bij veel mensen in de tuin. Maar ga het niet plukken om als medicijn te gebruiken, waarschuwt Van Veldhuisen. “De dosis die je dan binnenkrijgt is niet te controleren. De plant is bij een hoge dosering hartstikke giftig.”