Het vertrouwen in de Nederlandse politiek is op zijn laagst sinds 2012, het beginjaar van de metingen. Dat blijkt dinsdag uit nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).
Afgelopen jaar had bijna 25 procent van de vijftienplussers ‘heel veel’ of ’tamelijk veel vertrouwen’ in de Tweede Kamer, terwijl dat in 2012 nog ruim 36 procent bedroeg. Het vertrouwen in politici bleef afgelopen jaar steken op ruim 21 procent. Dat wordt pas sinds 2016 gemeten en toen lag het op ruim 27 procent.
Het vertrouwen in de politiek is het laagst in het noordoosten en onder mensen tussen de 65 en 75 jaar
Het vertrouwen piekte in de coronacrisis, waarna het in 2022 weer inzakte. „Dat is een fenomeen dat je in de meeste landen ziet”, zegt Tanja Traag, hoofdsocioloog bij het CBS. „Mensen hebben de neiging om in crisistijd meer vertrouwen te hebben in politici, omdat het gevoel is dat zij de oplossing hebben.”
Dat het daarna weer inzakt, is normaal, volgens Traag. Dat was ook zichtbaar na de kredietcrisis van 2008. „Maar we zien wel dat het vertrouwen nu blijft door dalen.” In 2024 had nog respectievelijk ruim 31 en ruim 25 procent ‘heel veel’ of ’tamelijk veel’ vertrouwen in de Tweede Kamer en politici. „Dat betekent niet gelijk dat de democratie afbrokkelt; het is pas zorgelijk als het een langdurige trend is. Maar dit is wel een signaal naar de politiek.”
Zichtbaarder
Opvallend is dat het vertrouwen in de Europese Unie, ambtenaren en de gemeenteraad juist is gestegen ten opzichte van 2022. De stijging was het grootste voor die laatste twee. In 2022 had ruim 42 procent ‘heel veel’ of ’tamelijk veel’ vertrouwen in ambtenaren. Nu is dat ruim 47 procent. Voor de gemeenteraad gaat het om respectievelijk bijna 51 procent en ruim 54 procent.
Traag kan dat niet helemaal verklaren. „Maar wat ermee te maken zou kunnen hebben, is dat mensen het gevoel hebben dat ambtenaren en de gemeenteraad dichter bij hen staan dan de Tweede Kamer. Bovendien zijn landelijke politici veel zichtbaarder en is er veel meer aandacht voor wat er landelijk niet goed gaat dan lokaal.”
Het vertrouwen in de politiek is het laagst in het noordoosten van het land en onder mensen tussen de 65 en 75 jaar. 15- tot 25-jarigen hebben het meest vertrouwen in politieke instituties. Volgens Traag komt dat niet doordat ouderen in een andere tijd opgroeiden en heel andere ervaringen hebben: het gaat erom dat ze méér (negatieve) ervaringen hebben dan jongeren, waardoor hun vertrouwen langzaam is gedaald. Jongeren kijken nog relatief „mild” naar de politiek.
Lees ook
Vooral mensen met lagere inkomens vertrouwen elkaar steeds minder, schrijft het SCP

Geef cadeau
Deel
Mail de redactie