De grote aanwezigheid van Amerikaanse militaire vliegtuigen op de Israëlische luchthaven Ben Gurion zorgt voor toenemende spanningen binnen de luchtvaartsector. Volgens autoriteiten worden luchtvaartmaatschappijen letterlijk verdrongen door tankvliegtuigen. Dat leidt niet alleen tot logistieke problemen voor Israëlische airlines, maar dreigt ook uit te monden in fors hogere ticketprijzen voor reizigers, meldt The Times of Israel.
Belemmering voor airlines
Shmuel Zakai, hoofd van de Israëlische burgerluchtvaartautoriteit, trok aan de bel over de situatie op Ben Gurion Airport. Volgens hem is de luchthaven door de aanwezigheid van Amerikaanse militaire toestellen veranderd in een Amerikaanse militaire basis met beperkte commerciële operaties. Zakai waarschuwde dat dit de terugkeer van buitenlandse luchtvaartmaatschappijen belemmert én de economische stabiliteit van Israëlische airlines ondermijnt. In een brief roept hij minister van Transport Miri Regev op om een deel van de Amerikaanse toestellen te verplaatsen, zodat er opnieuw ruimte vrijkomt voor commerciële vliegtuigen. ‘Het lijkt erop dat de regering onvoldoende begrijpt hoe ernstig de schade is voor de burgerluchtvaart en op ticketprijzen voor alle burgers’, schreef Zakai.
🇮🇱🇺🇸 Israel’s own aviation chief just called Ben Gurion Airport a U.S. military base.
Shmuel Zakay told Israeli transport officials U.S. military activity is blocking foreign airlines from returning, pushing up ticket prices and squeezing Israeli carriers ahead of summer. He… https://t.co/1oDxKEMlEb pic.twitter.com/QwCUTrFmoB
— Mario Nawfal (@MarioNawfal) May 11, 2026
Amerikaanse opbouw na conflict
De problemen zijn ontstaan na de grootschalige Amerikaanse militaire opbouw in het Midden-Oosten tijdens het conflict tussen Israël en Iran. Tijdens dat conflict werd het Israëlische luchtruim tijdelijk gesloten en brachten Israëlische maatschappijen hun toestellen uit veiligheidsoverwegingen naar het buitenland. Tegelijkertijd arriveerden Amerikaanse tankvliegtuigen op Ben Gurion Airport om militaire operaties in de regio te ondersteunen. Hoewel het luchtruim sinds het staakt-het-vuren in april weer volledig geopend is voor burgerluchtvaart, zijn de Amerikaanse toestellen grotendeels gebleven. Daardoor kunnen Israëlische maatschappijen zoals El Al, Arkia en Israir nog altijd niet hun volledige vloot terugbrengen naar Ben Gurion.
Vluchten duurder
De gevolgen daarvan worden steeds zichtbaarder. Buitenlandse luchtvaartmaatschappijen hebben hun terugkeer naar Israël grotendeels uitgesteld, waarbij veel Europese airlines hun vluchten tot minstens mei opschorten en Amerikaanse maatschappijen zelfs pas in september terugkeren. Daardoor daalt het aanbod van beschikbare stoelen richting Israël vlak voor het drukke zomerseizoen, terwijl de operationele kosten voor Israëlische maatschappijen juist stijgen. Tijdens een vergadering verklaarde Israir-topman Uri Sirkis dat zijn maatschappij door de Amerikaanse aanwezigheid nog maar vier nachtelijke parkeerplaatsen op Ben Gurion mag gebruiken, terwijl er eigenlijk plaats nodig is voor zeventien toestellen. ‘Dit heeft een kritieke impact op onze totale operationele capaciteit’, aldus Sirkis. Volgens hem worden maatschappijen nu gedwongen vliegtuigen te parkeren op buitenlandse luchthavens, wat extra kosten en complexe logistiek veroorzaakt.
Opereren vanuit het buitenland
Die situatie zorgt volgens de maatschappijen voor bizarre operationele constructies. Sirkis legde uit dat een vroege ochtendvlucht van Tel Aviv naar Rome bijvoorbeeld onmogelijk wordt wanneer een toestel ’s nachts niet op Ben Gurion mag staan. In dat geval moet het vliegtuig eerst in Rome overnachten en vervolgens ’s ochtends leeg naar Tel Aviv vliegen om het vluchtschema omgekeerd uit te voeren. Ook El Al ondervindt grote hinder. De maatschappij ziet zich genoodzaakt om voor Shabbat toestellen tijdelijk te parkeren in onder meer Griekenland en Cyprus, zodat ze na Shabbat snel terug kunnen keren voor intercontinentale avondvluchten naar de Verenigde Staten en Azië.