“De stem van de ‘ander’ mag niet worden gehoord”, was vandaag de conclusie van journalist Thomas Erdbrink bij de Persvrijheidslezing in Den Haag. Erdbrink haalt uit naar andere journalisten die vonden dat er ook iemand anders moest spreken tijdens die lezing. Die journalisten hebben namelijk forse kritiek op Onze man bij de vijand, de documentaire die Thomas Erdbrink maakte in Rusland.
Erdbrink reageerde vanavond voor het eerst op tv op de kritiek. In Nieuwsuur zegt hij dat mensen, dus ook journalisten, “steeds meer moeite hebben om in het midden te blijven” en “steeds meer vanuit een bubbel naar de wereld kijken”. Hij vindt dat de critici te veel op details uit de serie focussen, maar dat de serie in zijn geheel een evenwichtig verhaal vertelt.
Voor zijn documentaire reisde Erdbrink een jaar lang door Rusland, waar hij met Russen over de oorlog sprak en over het leven in Rusland onder president Vladimir Poetin. Net als in zijn eerdere series Onze man in Teheran en Onze man bij de Taliban laat Erdbrink ‘gewone mensen’ aan het woord.
Eenzijdig
Kritiek is er altijd, maar op zijn laatste serie was die een stuk feller én kwam die voornamelijk van zijn beroepsgenoten. Die verwijten hem dat hij eenzijdig verslag deed. Zo zou hij hoofdzakelijk Poetin-aanhangers aan het woord hebben gelaten en die niet kritisch genoeg hebben bevraagd.
“Je hebt alleen maar het fascisme in mijn land laten zien”, zei bijvoorbeeld de gevluchte Russische journalist Pavel Kanygin vandaag na afloop van de lezing tegen Erdbrink. “Tegenstanders van het regime missen en die had je best kunnen spreken.”
Een groep journalisten en andere critici schreven in een open brief aan de organisatie van de Persvrijheidslezing dat Erdbrink in zijn serie “veel propaganda onweersproken laat” en daardoor “met zijn serie een positie heeft ingenomen die het Kremlin welgevallig is”. De ondertekenaars vroegen de organisatie, de Nederlandse Vereniging voor Journalistiek (NVJ), een extra spreker aan het evenement toe te voegen voor de balans. De organisatie ging daar niet in mee.
Feitelijke onjuistheden
Politicoloog Victoria Koblenko was een van de ondertekenaars. Zij wijst op een moment in Erdbrinks serie waarbij een Rus aan het woord komt die zegt dat een theater in de Oekraïense stad Marioepol door Oekraïne zelf was gebombardeerd. Terwijl internationaal onderzoek heeft uitgewezen dat Rusland achter de aanval zat. “Dan heb je als televisiemaker de mogelijkheid om dat tegen te spreken in je voice-over”, zegt Koblenko. “Thomas kiest er bewust voor om dat niet te doen.”
EPAHet verwoeste theater in Marioepol. Bij de aanval kwamen honderden mensen om.
Ook zegt Erdbrink in de serie dat in de Tweede Wereldoorlog 27 miljoen Russen zijn omgekomen, maar in werkelijkheid ging het om 27 miljoen Sovjetburgers. Onder hen waren ook miljoenen Oekraïners.
“Dat is een fout geweest”, zegt Erdbrink over dat aantal. “En ik heb ook ruiterlijk toegegeven dat we hadden moeten zeggen: 27 miljoen Sovjetburgers en niet 27 miljoen Russen.”
Over de aanval op het theater zegt Erdbrink dat in de hele aflevering over Marioepoel “absoluut duidelijk wordt” wie de agressor is. “Dat waren de Russen. En dat zie je door de hele serie. Dan kan je natuurlijk zeggen: dat stukje in die voice-over klopt niet, en dat spijt me dan. Maar het werk als geheel laat niks aan twijfel over.”
Voorzichtig
Over de kritiek dat er in de serie voornamelijk mensen aan het woord komen die uitspraken doen die in het straatje van Poetin passen, zegt Erdbrink: “Wij vinden dat we daar zeker voorzichtig mee zijn omgegaan. Wie de serie als geheel ziet, ziet dat veel mensen Vladimir Poetin steunen, maar ook heel veel mensen tegen de oorlog zijn.”
“Het feit dat Rusland propaganda pleegt, dat weten we. Victoria Koblenko en anderen spreken constant over de argeloze kijker. Ik denk dat de Nederlandse kijker, zonder onze constante sturing in iedere scène, zelf kunnen bepalen wat voor hen goed en fout is.”
Kijk hier het hele gesprek:

Thomas Erdbrink over de Persvrijheidslezing en de kritiek op zijn serie