Dit stuk in 1 minuut

Wat is het nieuws?

  • Er bestaan geen Albert Heijn-supermarkten of andere winkels van Ahold Delhaize in Zwitserland, en toch schreef het bedrijf daar vorig jaar honderden miljoenen euro’s winst in de boeken. 
  • Het bedrijf heeft in Zwitserland verschillende vennootschappen geregistreerd, bijvoorbeeld een financieringsbedrijf, maar het heeft er ook verschillende merknamen en logo’s laten vastleggen. 
  • Het lijkt erop dat dochters uit andere landen de Zwitserse tak betalen voor bijvoorbeeld rente over een lening of een vergoeding voor het gebruik van een winkelnaam of logo. 
  • Ook de bekende V-logo’s voor vegetarische en veganistische producten zijn geregistreerd in Zwitserland. 

Waarom is dat belangrijk?

  • Multinationals verplaatsen vaker merknamen naar belastingparadijzen zoals Zwitserland. Dat is fiscaal aantrekkelijk, omdat het voor belastingdiensten moeilijk vast te stellen is wat een merk of logo precies waard is. 
  • In Zwitserland is de vennootschapsbelasting 15 procent en is dus een belastingparadijs voor Nederlandse bedrijven (in Nederland is het 25 procent). Ahold Delhaize claimt transparantie hoog in het vaandel te hebben staan, maar wil niet aan Follow The Money toelichten waar de hoge Zwitserse winst vandaan komt.
  • De constructie duidt volgens experts op het ontwijken van belasting in andere landen. Het is namelijk onwaarschijnlijk dat bijna een vijfde van de winst daadwerkelijk in Zwitserland behaald wordt, waar het bedrijf hooguit enkele honderden werknemers op de rol heeft staan.

Hoe hebben we dit onderzocht?

  • We bestudeerden onder meer jaarverslagen, transparantierapporten, belastingtarieven en handelsregisters en internationale wet- en regelgeving. Daarnaast spraken we met diverse experts op het gebied van belastingen en intellectueel eigendom. 

Lees verder

Inklappen

Ahold Delhaize, het moederbedrijf van Albert Heijn dat ook actief is in België, Oost-Europa en de VS, publiceerde dit jaar voor het eerst een ‘tax transparency report’. Daarin staat onder andere in welke landen het actief is en hoeveel winstbelasting het daar afdraagt. 

‘Als wereldwijde retailer die diepgeworteld is in de gemeenschappen waar onze merken actief zijn, zijn wij van mening dat transparantie over onze belastingbijdragen een essentieel onderdeel is van ons streven om een verantwoordelijke en betrouwbare buur te zijn,’ schrijft het bedrijf. De publicatie is volgens Ahold Delhaize een getuigenis van de ‘openheid, verantwoording en verantwoord belastinggedrag’ van het bedrijf.  

Dat klinkt mooi. Toch roept het transparantieverslag vragen op waar bij navraag geen transparant antwoord op komt. Uit het verslag blijkt namelijk dat het supermarktconcern een enorme hoeveelheid winstbelasting betaalt in Zwitserland, waar het welgeteld nul winkels heeft.  

Over 2025 betaalde Ahold Delhaize omgerekend 109 miljoen euro belasting in het kanton Genève. Ter vergelijking: in de VS, met ruim 2.000 winkels de grootste markt voor het supermarktbedrijf, bedroeg de vennootschapsbelasting omgerekend 147 miljoen euro in 2025. In Nederland (2.300 winkels) was dat 137 miljoen euro, in België (900 winkels) 19 miljoen en in Roemenië (2.700 winkels) omgerekend 54 miljoen.

Uit de Zwitserse handelsregisters blijkt dat Ahold Delhaize verschillende vennootschappen geregistreerd heeft in het kanton Genève. Zo heeft het bedrijf er een vennootschap met de naam ‘Ahold Delhaize Finance Company’, die als een soort interne bank fungeert door dochters elders te helpen aan financiering. Daarvoor ontvangt deze Zwitserse vennootschap rente van Ahold-dochters uit andere landen. 

Dan is er nog de vennootschap ‘Ahold Delhaize Licensing Sarl’, waarin honderden merknamen en logo’s staan gestald. Veel daarvan zijn de merknamen van Amerikaanse winkelketens, zoals Food Lion, Giant en Stop & Shop, en de huismerken daarvan, zoals ‘More cluck for your buck’ en ‘Nature’s promise’. Zelfs van enkele Amerikaanse goede doelen is de naam in handen van de vennootschap in Genève.  

Ook in Europa gebruikte merken zijn vastgelegd in Zwitserland, zoals de naam van drogisterij Etos en die van de Tsjechische supermarktketen Albert. 

In 2022 is het aantal in Genève geregistreerde merken uitgebreid met onder andere koffiemerk Perla, dat in meerdere Europese landen wordt verkocht, en er is een huismerk van het Tsjechische Albert toegevoegd. 


Behalve merken en logo’s bezit de Zwitserse entiteit vijf octrooien met betrekking tot voorraadbeheer en ‘autonoom’ afrekenen.  

Octrooien, logo’s en merken die geregistreerd zijn, gelden als intellectueel eigendom. Wanneer de houdster van de octrooien en merken de dochter is binnen hetzelfde concern als het bedrijf dat ze gebruikt, mag een bedrijf kiezen of er vergoedingen worden betaald, legt Dirk Visser uit. Hij is advocaat bij het gespecialiseerde kantoor Visser, Schaap & Kreijger en hoogleraar intellectueel eigendomsrecht aan de Universiteit Leiden. 

‘Merken en octrooien vertegenwoordigen waarde, dus er mag een licentievergoeding betaald worden door de ene aan de andere dochter,’ vertelt Visser. ‘Dat er daardoor omzet of winst in Zwitserland belandt, daar is juridisch niets mis mee. Je kunt het vormgeven zoals je wilt.’

Gelet op het relatief hoge bedrag aan belasting dat Ahold Delhaize betaalt in Zwitserland zal het plaatsen van de octrooien en merken daar ‘fiscale consequenties’ hebben, vermoedt Visser. 

‘Het exact waarderen en toeschrijven van winst aan merknamen is haast onmogelijk, daarom is het in de regel aantrekkelijk voor multinationals om hun merknamen naar een belastingparadijs als Zwitserland te verplaatsen,’ zegt belastingonderzoeker Vincent Kiezebrink van Somo. ‘Als je teveel winst toeschrijft aan je merknaam, is dat voor de belastingdienst erg moeilijk te bevechten.’ 

‘Het feit dat Ahold Delhaize de vele merkrechten specifiek naar belastingparadijs Zwitserland heeft verplaatst is een indicatie dat in andere landen belasting wordt ontweken,’ stelt Kiezebrink.

Herverzekeren

Sinds 2024 is het Zwitserse Readel, een herverzekeraar, geïntegreerd in Ahold Delhaize. Een herverzekeraar is een verzekeringsmaatschappij die risico’s overneemt van andere verzekeraars. Dit is een bekend mechanisme: ‘werkmaatschappijen betalen verzekeringspremies die uiteindelijk worden overgedragen aan de eigen herverzekeraar van de groep in een rechtsgebied met een laag belastingklimaat,’ zegt onderzoeker Giulia Aliprandi van het International Tax Observatory.

Eerder had Ahold Delhaize herverzekeraars in Ierland en Luxemburg. Door de herverzekeraar te verplaatsen naar niet-EU-lid Zwitserland hoeft Ahold Delhaize er minder gegevens over te rapporteren. ‘Activiteiten die voorheen werden uitgevoerd door entiteiten gevestigd in Ierland, Luxemburg en Curaçao zijn nu allemaal teruggebracht naar één locatie en geconcentreerd in een expertisecentrum van de groep in Zwitserland,’ laat een woordvoerder van Ahold Delhaize weten.

‘Er zijn dus in potentie drie verschillende inkomstenstromen die naar Genève vloeien: royalty’s, rente en herverzekeringspremies,’ zegt Aliprandi. 

‘Een relatief laag aantal medewerkers in combinatie met een heel hoge winst duidt vaak op belastingontwijking’

Mogelijk is er nog een vierde, zegt Bob Michel, analist van pressiegroep Tax Justice Network en gespecialiseerd in intellectueel eigendom. Het is niet ongebruikelijk dat vanuit belastingparadijzen als Zwitserland management- of marketingdiensten worden verleend ten behoeve van activiteiten elders. Daarvoor betalen vennootschappen een vergoeding. 

En er vloeit mogelijk ook dividend uit de VS naar Zwitserland. De Amerikaanse tak, ondergebracht in de Zaanse vennootschap Ahold Delhaize USA NL bv is tegenwoordig een dochter van het Zwitserse Ahold Delhaize International Sarl, gevestigd in Genève.

Het is op basis van wat Ahold Delhaize rapporteert niet te achterhalen wat de meeste winst oplevert voor de Zwitserse tak, constateren zowel Aliprandi als Michel. ‘Regelingen binnen een concern zijn een soort blinde vlek in de transparantie van de vennootschapsbelasting,’ zegt Michel.

740 miljoen euro

De reden om geld naar Genève te laten stromen ligt voor de hand: de vennootschapsbelasting bedraagt er 14,7 procent (volgens een woordvoerder van Ahold Delhaize komt de belastingafdracht in Zwitserland uit op 15 procent). Een stuk lager dan in de belangrijkste markten. In de VS en Tsjechië is dat tarief 21 procent, in Nederland 25,8 procent en in België 25 procent. 

Zwitserland beschikt daarnaast over een uitgebreid netwerk van bilaterale belastingverdragen, waardoor bronbelasting op aan Zwitserland betaalde royalty’s doorgaans wordt verlaagd of afgeschaft, vertelt Michel.  

Wat levert de Zwitserland-route Ahold Delhaize op? Ook op die vraag kwam geen direct antwoord uit Zaandam, waar het hoofdkantoor staat. Wel vermeldt Ahold Delhaize in het jaarverslag de effectieve belastingdruk van het gehele concern. Die kwam op 22,4 procent in 2025. In de jaren daarvoor lag die rond de 21 procent. Dat is vergelijkbaar met het tarief in de VS, maar lager dan de tarieven in moederlanden Nederland en België.

‘Wij betalen belasting over winsten op basis van waar waarde wordt gecreëerd,’ schrijft Ahold Delhaize in haar jaarverslagen. Op de vraag welke waarde precies, stelt een woordvoerder ‘dat onze Zwitserse activiteiten over reële economische substantie beschikken en nauw zijn verweven met onze dagelijkse bedrijfsactiviteiten’. 

De woordvoerder wil niet vertellen hoeveel werknemers Ahold Delhaize heeft in Zwitserland. Het zijn er in ieder geval minder dan 500. Er zijn volgens het jaarverslag namelijk ongeveer 500 stafmedewerkers die op groepsniveau werken, verdeeld over de VS, Nederland, België en Zwitserland. Een relatief laag aantal medewerkers in combinatie met een heel hoge winst duidt vaak op belastingontwijking, vertelt Kiezebrink van Somo. 

Ervan uitgaand dat de 109 miljoen euro belastingafdracht in Genève gelijk staat aan 15 procent, boekt de Zwitserse tak meer dan 740 miljoen euro winst. Dat is fors, aangezien de winst van het gehele concern, dat ruim 220.000 medewerkers telt, in 2025 2,3 miljard euro bedroeg.

Als we hypothetisch uitgaan van 400 medewerkers in Zwitserland en 740 miljoen euro winst, dan betekent dat 1,9 miljoen euro winst per voltijds werknemer per jaar. Over het gehele concern is dat circa 9.900 euro.

Follow the Money staat voor radicaal onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Ons werk is mogelijk dankzij het vertrouwen van onze betalende leden. Nog geen lid? Meld je dan nu aan

V-logo’s

Het meest opvallend in de merkenportefeuille van de dochter in Genève zijn twee bijna identieke logo’s met de letter V op een boomblad. De ene V staat voor ‘vegan’ en de andere (met een witte rand rond het boomblad) voor ‘vega’. De V-logo’s zijn in 2022 en 2023 vastgelegd en geregistreerd voor de EU, de VS en Servië. Maar voor zover we konden nagaan, wordt het V-logo alleen in Nederland gebruikt.

Dat ‘merk’ staat in de Nederlandse winkels op elk huismerkproduct van Albert Heijn waar geen vlees in zit, van courgettes, zakken wokgroente en flessen vruchtensap tot koffie, bier en pinda’s. Het staat zelfs op niet-eetbare producten als schoonmaakmiddel en babybillendoekjes. Huismerkproducten zijn goed voor ruim 40 procent van het assortiment en 55 procent van de omzet van Albert Heijn. 


Het enige wat Ahold Delhaize na vragen van Follow the Money wil zeggen is dat ‘vanuit Nederland geen royalty’s betaald worden aan Ahold Delhaize Licensing Sarl’. Op de vraag of een andere term (licentievergoeding bijvoorbeeld) wordt gebruikt, of dat leveranciers van huismerkproducten een vergoeding betalen, kwam ondanks herhaald verzoek geen antwoord.

Hoogleraar fiscale economie Arjan Lejour van de Tilburg University is verbaasd over de registratie van de V-logo’s. Terwijl hij recentelijk een onderzoek publiceerde naar belastingontwijking via royalty’s. ‘Mijn vrouw wees mij enige tijd geleden op die V op een rol koekjes. “Iedereen weet toch dat daar geen vlees in zit?” vroeg ze me.’ 

‘Mijn indruk is dat dit geen merk is dat waarde vertegenwoordigt,’ zegt Lejour. ‘Normaal gesproken is een merk een vrij concreet iets, terwijl je dit V-logo blijkbaar heel breed kan toepassen. Helaas kunnen we niet zien wat de afspraken met de fiscus zijn.’

Volgens fiscalist Josephine van der Have, promovendus aan de universiteit van Leiden, zit er toch wel enige waarde in de V-logo’s. ‘Mijn proefschrift gaat over keurmerken en ik heb dit soort logo’s vaker gezien. Het gebeurt vrij veel rondom maatschappelijke thema’s, met name duurzaamheid. Het V-merk is een derdegraadskeurmerk, in andere woorden een “nepkeurmerk”; een logo dat de indruk wekt een keurmerk te zijn maar dat eigenlijk niet is.’

‘Het is gewoon een belastingtruc’

Derdegraads-keurmerken ‘bieden niet echt nuttige informatie en komen uit het bedrijf zelf, terwijl een keurmerk van een onafhankelijke instantie zou moeten komen,’ vervolgt Van der Have. ‘Toch lokt het bepaalde consumenten naar juist die keuze toe. Vooral de consumenten die niet vaak of actief bezig zijn met – in dit geval – vegetarisch of veganistisch eten. Voor hen kan het pak koekjes met een ‘vegetarisch’ logo dan als een goede of duurzame keuze voelen.’

‘Dit soort nepkeurmerken zijn voor consumenten niet erg waardevol, ze gaan eerder richting misleiding of verwarring, maar vanuit het marketingperspectief van een bedrijf zit er waarde in,’ constateert Van der Have.

Consumenten helpen

Volgens de woordvoerder van Ahold Delhaize zijn de V-logo’s er puur om de consument te helpen. ‘Bij Albert Heijn vinden we transparante productinformatie belangrijk, daarom vermelden we bij alle producten die voldoen aan vegetarische- en/of vegan-eisen die informatie.’ 

‘Klanten waarderen die vaste aanpak, omdat ze daarop kunnen vertrouwen,’ stelt de woordvoerder. ‘We begrijpen dat zo’n aanduiding op een enkel product soms vreemd kan lijken. [..] Voor een rol koekjes is de aanduiding juist relevant, een vegan-logo laat in één oogopslag zien dat er geen roomboter, ei of andere dierlijke ingrediënten zijn gebruikt.’

Het merkwaardige aan dit verhaal is dat het vegan-logo bijna exact hetzelfde is als het vega-logo. De consument moet dus bij uitstek bij een rol koekjes wél goed opletten. 

En waarom zou je die logo’s vastleggen in Zwitserland als ze enkel bedoeld zijn ter informatie? ‘Ahold Delhaize Licensing Sàrl beheert de juridische bescherming van deze merken,’ is het schaarse dat het bedrijf hierover kwijt wil. 

Ook dit is een merkwaardig verhaal. Het onderbrengen van merknamen in een specifieke vennootschap is logisch, maar in welk land die staat maakt niet uit, vertelt de gespecialiseerde advocaat en hoogleraar Visser. Dat hoeft niet per se in een belastingparadijs als Zwitserland. Merknamen als Albert Heijn en Gall & Gall zijn ook gewoon in Nederland geregistreerd.

‘Waarom heeft Ahold überhaupt intellectueel eigendom in Zwitserland gestald?’ vraagt Kiezebrink van Somo zich af. ‘We zijn het allemaal bijna normaal gaan vinden omdat zoveel multinationals het doen, maar het is gewoon een belastingtruc.’

‘Het schijnbaar nutteloze V-logo is misschien een exces, maar geen van die merken of logo’s hoort daar,’ stelt Kiezebrink. ‘Ahold Delhaize heeft geen roots in Zwitserland, de merken zijn er niet ontwikkeld, en het heeft daar niet eens supermarkten, dus waarom zou de winst in ’s hemelsnaam in Zwitserland moeten vallen?’